Ambtelijke brief/nota
Origineel
Ambtelijke brief/nota 10 juni 1920 De marktmeester (ondertekend door J.A.J. Cruwilligen) 1 gedeelte geheel vrij.
Uit het voorgaande blijkt dus duidelijk dat uitbreiding
dezer kosteloose markten overbodig is en acht het gewenscht
in dit geval van deze beschikbare plaatsruimte gebruik
te maken.
Indien hiertegen door den Hr Hoofdcommissaris van
Politie bezwaren worden geopperd kan zoo noodig
gebruik gemaakt worden van de Palmgracht
in de onmiddelijke nabijheid van de Lindengracht.
Het komt mij voor dat een dezer beide voorstellen voor
uitvoering vatbaar zijn. Doch geef de voorkeur aan het eerste,
teneinde alsnog uitbreiding te voorkomen.
Amsterdam, 10 Juni 1920
De marktmeester
(w.g.) J.A.J. Cruwilligen * Kernboodschap: De marktmeester adviseert tegen de uitbreiding van de kosteloze markten. Hij stelt voor om de reeds beschikbare ruimte efficiënter te benutten in plaats van nieuwe plekken aan te wijzen.
* Alternatief: Mocht de Hoofdcommissaris van Politie bezwaren hebben tegen zijn eerste voorstel (waarschijnlijk vanwege verkeersdoorstroming of orde), dan stelt hij de Palmgracht voor als alternatieve locatie, aangezien deze vlakbij de Lindengracht ligt.
* Toon: Formeel, adviserend en kordaat. De schrijver heeft een duidelijke voorkeur ("geef de voorkeur aan het eerste") om verdere groei van dit type markt in te dammen.
* Paleografische kenmerken: Het handschrift is een verzorgd 20e-eeuws lopend schrift. Opvallend is het gebruik van de oude spelling (bijv. "kosteloose", "onmiddelijke" met één 'l'). In de vroege 20e eeuw was de Lindengracht in de Amsterdamse Jordaan een belangrijk centrum voor straathandel. "Kosteloze markten" waren bedoeld voor de armste handelaren die geen staangeld konden betalen. De gemeente Amsterdam probeerde in deze periode de vaak chaotische markthandel te reguleren om de hygiëne en de doorgang voor het verkeer te verbeteren. De marktmeester speelde hierin een centrale rol als toezichthouder en adviseur aan het gemeentebestuur en de politie. De Palmgracht, die in 1895 was gedempt, bood indertijd de nodige ruimte voor dergelijke nevenactiviteiten van de Lindengrachtmarkt.
Samenvatting
- Kernboodschap: De marktmeester adviseert tegen de uitbreiding van de kosteloze markten. Hij stelt voor om de reeds beschikbare ruimte efficiënter te benutten in plaats van nieuwe plekken aan te wijzen.
- Alternatief: Mocht de Hoofdcommissaris van Politie bezwaren hebben tegen zijn eerste voorstel (waarschijnlijk vanwege verkeersdoorstroming of orde), dan stelt hij de Palmgracht voor als alternatieve locatie, aangezien deze vlakbij de Lindengracht ligt.
- Toon: Formeel, adviserend en kordaat. De schrijver heeft een duidelijke voorkeur ("geef de voorkeur aan het eerste") om verdere groei van dit type markt in te dammen.
- Paleografische kenmerken: Het handschrift is een verzorgd 20e-eeuws lopend schrift. Opvallend is het gebruik van de oude spelling (bijv. "kosteloose", "onmiddelijke" met één 'l').
Historische Context
In de vroege 20e eeuw was de Lindengracht in de Amsterdamse Jordaan een belangrijk centrum voor straathandel. "Kosteloze markten" waren bedoeld voor de armste handelaren die geen staangeld konden betalen. De gemeente Amsterdam probeerde in deze periode de vaak chaotische markthandel te reguleren om de hygiëne en de doorgang voor het verkeer te verbeteren. De marktmeester speelde hierin een centrale rol als toezichthouder en adviseur aan het gemeentebestuur en de politie. De Palmgracht, die in 1895 was gedempt, bood indertijd de nodige ruimte voor dergelijke nevenactiviteiten van de Lindengrachtmarkt.