Archief 745
Inventaris 745-54
Pagina 301
Dossier 2A
Jaar 1920
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijk verslag of rapportage over de markthandel.

Waarschijnlijk mei 1920 (het verslag rapporteert over de maand april en vergelijkt deze met april 1919 en april 1918).

Origineel

Handgeschreven ambtelijk verslag of rapportage over de markthandel. Waarschijnlijk mei 1920 (het verslag rapporteert over de maand april en vergelijkt deze met april 1919 en april 1918). [Linkerpagina]

Er waren 102 schepen noodig
om de brandstoffen ter markt
te brengen tegen 103 schepen in
April 1919 en 69 schepen in April 18.
Aan marktgeld werd ont-
vangen: f 441,07 tegen f 582,39⁵
in April 1919 en f 467,20⁵ in April 1918.

Melkmarkt
Aan de markt arriveerden:
(invullen)
totaal 804.450 Liter tegen
1.203.960 Liter in April 1919 en 1.281.460
Liter in April 1918.
Er kwam veel minder
melk aan dan in de over-
eenkomstige maand van de
twee vorige jaren. In April
1919 werd veel melk aange-
voerd door de Commissie voor
de Melkdistributie.
De prijzen, waarvoor verkocht
werd, bewogen zich tusschen
11 en 14 cent per Liter.
Het marktgeld bracht
op: f 173,79 tegen f 232,03 in
April 1919 en f 313,17 in April 1918.

Boomen- en bloemenmarkt
De handel aan deze
markt nam geregeld toe,
hoewel het (betrekkelijk) koud was voor
in maart. Vooral van violen
en andere zaaiplanten kwam
veel aan. [doorhalingen] prijzen
[doorhalingen]
De prijzen waren in ’t begin
vrij hoog maar daalden al

[Rechterpagina]

Bovendien arriveerden aan
de Groentenmarkt 33816 H.L.
en aan de overige afdeelingen
884 H.L., zoodat in totaal aan
de diverse markten aankwamen
103.738 H.L. aardappelen.
Door de hooge prijzen was
de handel bijzonder stil. Wel
werden de prijzen een weinig
gedrukt door den aanvoer van
Limburgsche Industries en
andere soorten uit die streek.
Aan marktgeld werd
ingevorderd: f 693,92 tegen
f 880,89 in April 19 en
f 843,58 in April 18.

Algemeene dag- en weekmarkten
Van de Nieuwmarkt, het
Waterlooplein en het Amstel-
veld werd een druk gebruik
gemaakt, vele werklooze
diamantbewerkers komen zich
voor een plaats aanmelden.
De Westerstraat en de Noorder-
markt werden met uit-
zondering van een enkelen dag-
minder druk bezocht.

Vischmarkt (Nieuwmarkt)
Er kwamen 173 manden
met visch van 40 à 50 Kg. inhoud
aan deze markt, tegen 151
manden in April 1919 en 236
manden in April 1918.
Het aantal per week Dit document biedt een gedetailleerd statistisch inzicht in de economische activiteit op de Amsterdamse markten vlak na de Eerste Wereldoorlog. De schrijver vergelijkt consequent de cijfers van april (waarschijnlijk 1920) met de twee voorgaande jaren, wat duidt op een periode van economische transitie.

Enkele opvallende observaties:
* Schaarste en Regulering: De aanvoer van melk is drastisch gedaald ten opzichte van de oorlogsjaren 1918 en 1919. De vermelding van de "Commissie voor de Melkdistributie" herinnert aan de periode van rantsoenering en overheidsingrijpen.
* Prijsdruk: Bij de aardappelen zien we dat een grote aanvoer niet direct leidt tot levendige handel; de "hooge prijzen" schrikken af, ondanks de aanvoer van de populaire "Limburgsche Industries" (een destijds bekend aardappelras).
* Sociale impact: Een zeer relevant historisch detail is de vermelding van "werklooze diamantbewerkers" die marktplaatsen zoeken op het Waterlooplein en Amstelveld. Dit wijst op de diepe crisis in de Amsterdamse diamantindustrie na de oorlog, waardoor geschoolde arbeiders hun toevlucht moesten zoeken tot de markthandel. Nederland bevond zich in 1920 in een lastige economische positie. Hoewel de oorlog voorbij was, bleven prijzen hoog en was de internationale handel nog niet volledig hersteld. In Amsterdam, waar dit verslag over gaat, was de diamantindustrie een van de belangrijkste pijlers van de lokale economie. De sector werd zwaar getroffen door de naoorlogse recessie, wat leidde tot grote werkloosheid onder diamantbewerkers, zoals in deze tekst wordt bevestigd.

Tegelijkertijd zien we de normalisering van de markt: de marktgeld-opbrengsten (leges die de gemeente inde voor een standplaats of aanvoer) zijn een belangrijke graadmeter voor de gemeentelijke financiën en de algemene welvaart. De tekst weerspiegelt de dagelijkse zorg van de marktmeester of een vergelijkbare ambtenaar voor de toevoer van basislevensbehoeften aan de groeiende stedelijke bevolking.

Samenvatting

Dit document biedt een gedetailleerd statistisch inzicht in de economische activiteit op de Amsterdamse markten vlak na de Eerste Wereldoorlog. De schrijver vergelijkt consequent de cijfers van april (waarschijnlijk 1920) met de twee voorgaande jaren, wat duidt op een periode van economische transitie.

Enkele opvallende observaties:
* Schaarste en Regulering: De aanvoer van melk is drastisch gedaald ten opzichte van de oorlogsjaren 1918 en 1919. De vermelding van de "Commissie voor de Melkdistributie" herinnert aan de periode van rantsoenering en overheidsingrijpen.
* Prijsdruk: Bij de aardappelen zien we dat een grote aanvoer niet direct leidt tot levendige handel; de "hooge prijzen" schrikken af, ondanks de aanvoer van de populaire "Limburgsche Industries" (een destijds bekend aardappelras).
* Sociale impact: Een zeer relevant historisch detail is de vermelding van "werklooze diamantbewerkers" die marktplaatsen zoeken op het Waterlooplein en Amstelveld. Dit wijst op de diepe crisis in de Amsterdamse diamantindustrie na de oorlog, waardoor geschoolde arbeiders hun toevlucht moesten zoeken tot de markthandel.

Historische Context

Nederland bevond zich in 1920 in een lastige economische positie. Hoewel de oorlog voorbij was, bleven prijzen hoog en was de internationale handel nog niet volledig hersteld. In Amsterdam, waar dit verslag over gaat, was de diamantindustrie een van de belangrijkste pijlers van de lokale economie. De sector werd zwaar getroffen door de naoorlogse recessie, wat leidde tot grote werkloosheid onder diamantbewerkers, zoals in deze tekst wordt bevestigd.

Tegelijkertijd zien we de normalisering van de markt: de marktgeld-opbrengsten (leges die de gemeente inde voor een standplaats of aanvoer) zijn een belangrijke graadmeter voor de gemeentelijke financiën en de algemene welvaart. De tekst weerspiegelt de dagelijkse zorg van de marktmeester of een vergelijkbare ambtenaar voor de toevoer van basislevensbehoeften aan de groeiende stedelijke bevolking.

Locaties

Amsterdam (afgeleid van de genoemde locaties: Nieuwmarkt Waterlooplein Amstelveld Westerstraat en Noordermarkt).

Kooplieden in dit dossier 31

H.L. Bonte Waterlooplein 380
H.L. Bonte Waterlooplein 150
V.V.O. Diverse Waterlooplein 4,10-8,50
V.V.O. Diverse Waterlooplein -
V.V.O. Diverse Waterlooplein *433 „ 200 Malta*
V.V.O. Diverse Waterlooplein *H. O. K.*
A. Geboorte Waterlooplein *"*
R. Eigenheimers Waterlooplein 4,10
R. Eigenheimers Waterlooplein *Drente*
R. Eigenheimers Waterlooplein -
E.A. Borgerstr Waterlooplein 3,25. 6,45
A. Geboorte Waterlooplein *Friesland*
Geldersche Bravo's Waterlooplein -
A. Groenten Waterlooplein 1549
79 gulden). " 0,23
B. Schelvisch " 0,45
Polder poters Waterlooplein -
Rijper *Limburgsche industrie* Waterlooplein *Limburg*
K. Bloemen Waterlooplein 222
R. Eigenheimers Waterlooplein *N. Holl. eilanden*
Zeeuwsche blauwen Waterlooplein 10.- 10,75
A. Geboorte Waterlooplein *Zeeland*
Alle 31 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2