Archief 745
Inventaris 745-54
Pagina 300
Dossier 100
Jaar 1920
Stadsarchief

Minuut (concept) van een ambtelijke brief/rapportage.

22 juni 1920.

Origineel

Minuut (concept) van een ambtelijke brief/rapportage. 22 juni 1920. MINUUT.
MARKTWEZEN
No. 1498 M.

AMSTERDAM, 22 Juni 1920.

Antwoord op missive No. dd. 191
Vervolg apostille

ONDERWERP:
Maandrapport April 1920.

Ik heb de eer U hierbij te doen toekomen het maandrapport over April 1920 van het Marktwezen en de Vischvoorziening.

Marktwezen
Brandstoffenmarkt

Aan de markt kwamen:

Product Eenheid 1918 1919 1920
anthraciet H.L. 2770 6475 8875
steenkool " 1240 10365 12605
cokes " 11.140 4750 9455
eierkolen H.L. 3070 11855 6962
briquetten KG. 297.000 - 458.450
turf stuks 1.500.300 3.626.300 1.282.700
hout " 420.000 452.000 42.000
" KG. 207.000 151.000 6.400

Van anthraciet, steenkool en cokes kwam meer aan dan in April van het vorige jaar, van de overige artikelen minder, terwijl briquetten verleden jaar niet ter markt kwamen.

Door ~~het einde van~~ beëindiging van het distributieseizoen ~~voor~~ ~~van~~ ~~het~~ ~~seizoen~~ was het op deze markt zeer stil. –

Aan
den Heer Weth. van het Marktwezen. Dit document is een statistisch overzicht van de brandstoffenmarkt in Amsterdam over de maand april 1920, vergeleken met de twee voorgaande jaren (1918 en 1919).

Opvallende zaken in de cijfers:
1. Toename van vaste brandstoffen: Er is een duidelijke stijging te zien in de aanvoer van anthraciet en steenkool ten opzichte van de oorlogsjaren en het jaar direct daarna.
2. Afname van surrogaatbrandstoffen: De aanvoer van hout en turf (vaak gebruikt als noodbrandstof in tijden van schaarste) vertoont een forse daling in 1920. Dit wijst op een normalisering van de brandstofmarkt.
3. Distributie: De handgeschreven toevoeging onderaan is cruciaal. De schrijver merkt op dat het "zeer stil" was op de markt vanwege de beëindiging van het "distributieseizoen". Dit verwijst naar het einde van de centrale overheidsregulering van brandstoffen. Dit document bevindt zich op het breukvlak van de Eerste Wereldoorlog en de wederopbouw. Hoewel Nederland neutraal was, kampte het land tussen 1914 en 1919 met enorme brandstoftekorten, wat leidde tot een streng distributiestelsel (bonnenkaarten).

In april 1920 was de oorlog anderhalf jaar voorbij en begon de wereldmarkt zich te herstellen. De overgang van een door de overheid gecontroleerde markt ("distributie") naar een vrije markt zorgde voor een tijdelijke luwte in de handel, zoals beschreven in de kantlijn. De afdeling "Marktwezen en de Vischvoorziening" was in deze periode verantwoordelijk voor het toezicht op de aanvoer en eerlijke handel van essentiële levensbehoeften in de hoofdstad.

Samenvatting

Dit document is een statistisch overzicht van de brandstoffenmarkt in Amsterdam over de maand april 1920, vergeleken met de twee voorgaande jaren (1918 en 1919).

Opvallende zaken in de cijfers:
1. Toename van vaste brandstoffen: Er is een duidelijke stijging te zien in de aanvoer van anthraciet en steenkool ten opzichte van de oorlogsjaren en het jaar direct daarna.
2. Afname van surrogaatbrandstoffen: De aanvoer van hout en turf (vaak gebruikt als noodbrandstof in tijden van schaarste) vertoont een forse daling in 1920. Dit wijst op een normalisering van de brandstofmarkt.
3. Distributie: De handgeschreven toevoeging onderaan is cruciaal. De schrijver merkt op dat het "zeer stil" was op de markt vanwege de beëindiging van het "distributieseizoen". Dit verwijst naar het einde van de centrale overheidsregulering van brandstoffen.

Historische Context

Dit document bevindt zich op het breukvlak van de Eerste Wereldoorlog en de wederopbouw. Hoewel Nederland neutraal was, kampte het land tussen 1914 en 1919 met enorme brandstoftekorten, wat leidde tot een streng distributiestelsel (bonnenkaarten).

In april 1920 was de oorlog anderhalf jaar voorbij en begon de wereldmarkt zich te herstellen. De overgang van een door de overheid gecontroleerde markt ("distributie") naar een vrije markt zorgde voor een tijdelijke luwte in de handel, zoals beschreven in de kantlijn. De afdeling "Marktwezen en de Vischvoorziening" was in deze periode verantwoordelijk voor het toezicht op de aanvoer en eerlijke handel van essentiële levensbehoeften in de hoofdstad.

Kooplieden in dit dossier 31

H.L. Bonte Waterlooplein 380
H.L. Bonte Waterlooplein 150
V.V.O. Diverse Waterlooplein 4,10-8,50
V.V.O. Diverse Waterlooplein -
V.V.O. Diverse Waterlooplein *433 „ 200 Malta*
V.V.O. Diverse Waterlooplein *H. O. K.*
A. Geboorte Waterlooplein *"*
R. Eigenheimers Waterlooplein 4,10
R. Eigenheimers Waterlooplein *Drente*
R. Eigenheimers Waterlooplein -
E.A. Borgerstr Waterlooplein 3,25. 6,45
A. Geboorte Waterlooplein *Friesland*
Geldersche Bravo's Waterlooplein -
A. Groenten Waterlooplein 1549
79 gulden). " 0,23
B. Schelvisch " 0,45
Polder poters Waterlooplein -
Rijper *Limburgsche industrie* Waterlooplein *Limburg*
K. Bloemen Waterlooplein 222
R. Eigenheimers Waterlooplein *N. Holl. eilanden*
Zeeuwsche blauwen Waterlooplein 10.- 10,75
A. Geboorte Waterlooplein *Zeeland*
Alle 31 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2