Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 1 november 1939. J. Rakmaker, Miquelstraat 32 II, Amsterdam-Oost. № 30/70/1 M. 1939 3/11
v.i. Insp.
A. dam 1 Nov. 1939
Weledelheer
Langs dezen weg wil ik UEdel: beleefd
vragen om mij een vaste standplaats in
galanterieën te geven en wel op de
navolgende plaatsen
Zondags in de Nieuwe Uilenburgerstr.
Maandags, Dinsdag, Woensdag
Donderdag, Vrijdag op het Waterlooplein
Zaterdags op de markt in de Ten Katestraat.
Hopende spoedig van UEdel: een gunstig
antwoord te mogen ontvangen
bij voorbaat mijn hartelijke dank
teekenend.
J. Rakmaker.
Miquelstraat 32 II
A'dam Oost * Inhoud: De heer J. Rakmaker verzoekt de betreffende instantie (waarschijnlijk de marktmeester of de gemeente) om een vaste standplaats voor de verkoop van "galanterieën" (kleinvak, mode-accessoires en snuisterijen).
* Geplande handel: De schrijver specificeert een volledig weekschema voor zijn handel op drie verschillende locaties:
* Zondag: Nieuwe Uilenburgerstraat.
* Maandag t/m vrijdag: Waterlooplein.
* Zaterdag: Ten Katemarkt (Ten Katestraat).
* Taalgebruik: De brief is opgesteld in een uiterst beleefde en formele stijl, passend bij die tijd ("Weledelheer", "UEdel:", "teekenend").
* Administratieve sporen: Het stempel linksboven en de aantekening "v.i. Insp." (waarschijnlijk 'voor inspectie' of 'via inspecteur') wijzen erop dat dit een officieel geregistreerd document is binnen de gemeentelijke bureaucratie van Amsterdam. * Tijdsbeeld: De brief is gedateerd op 1 november 1939. Dit is twee maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar vóór de Duitse inval in Nederland (mei 1940).
* Sociaal-geografisch: De genoemde locaties zijn iconisch voor de Amsterdamse markthandel. De Nieuwe Uilenburgerstraat en het Waterlooplein vormden het hart van de toenmalige Joodse buurt. Omdat de Joodse marktkooplui op zaterdag (Sjabbat) niet werkten, was er in deze buurt een ontheffing voor de markt op zondag. Het feit dat de schrijver op zondag een plek vraagt in de Uilenburgerstraat en op zaterdag uitwijkt naar de Ten Katemarkt (buiten de Joodse buurt), suggereert dat hij een actieve marktkoopman was die probeerde een volledig inkomen te genereren in een economisch onzekere tijd.
* Galanterieën: In de jaren '30 was de handel in galanterieën een veelvoorkomend beroep onder kleinschalige zelfstandigen, waarbij men vaak met een kar of kleine kraam langs verschillende markten trok. J. Rakmaker