Archief 745
Inventaris 745-284
Pagina 194
Jaar 1939
Stadsarchief

Dienstbrief (officiële correspondentie).

16 maart 1939. Van: Onbekend (ondertekend door "De Directeur", waarschijnlijk van een gemeentelijke dienst zoals de Marktwezen), initialen vD/HG. Aan: De Directeur van de Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen, Amsterdam.

Origineel

Dienstbrief (officiële correspondentie). 16 maart 1939. Onbekend (ondertekend door "De Directeur", waarschijnlijk van een gemeentelijke dienst zoals de Marktwezen), initialen vD/HG. De Directeur van de Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen, Amsterdam. [Rechtsboven, handgeschreven in blauwe inkt]: m. de Kaer [?]
[Midden boven, handgeschreven in blauwe inkt]: Verzonden 16/3

[Linksboven, daaronder]: 31/16/1 M.
[Rechtsboven, onder de inktnotitie]: 16 Maart 1939.

[Bij de rode cirkel, handgeschreven]: aan N. v. d. Pol.
[Daaronder, handgeschreven]: 1/4-39 [geparafeerd]

[Adressering]:
den Heer Directeur van de Wasch-
en Schoonmaak-, Bad- en Zwem-
inrichtingen,
Nw. Looiersdwarsstraat 9-17,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 4.

[Inhoud]:
Hiermede verzoek ik U goed te keuren, dat
aan den buitenmuur van het badhuis in de Uilenburger-
straat een kastje wordt aangebracht, waarin mededeelingen,
bestemd voor de kooplieden van de Zondagsmarkt, kunnen
worden opgehangen.

Westerstraat
Marktheerlijke [?]
des Maandags/

[Ondertekening]:
De Directeur, * Onderwerp: Het document betreft een formeel verzoek om een mededelingenkastje te mogen plaatsen aan de gevel van het gemeentelijk badhuis in de Uilenburgerstraat.
* Doel: Het kastje moet dienen voor informatievoorziening aan de kooplieden van de Zondagsmarkt.
* Administratieve sporen: De brief bevat diverse archief- en behandelkenmerken. De rode omkadering linksonder met "33/20/1" duidt op een dossiernummer. De handgeschreven notitie "Verzonden 16/3" bevestigt dat de brief direct op de dag van schrijven is uitgegaan.
* Kanttekening: De handgeschreven tekst in de marge ("posthuis Westerstraat...") suggereert dat er een soortgelijke constructie bestond (of gewenst was) bij de markt op de Westerstraat, die op maandag werd gehouden. Dit document biedt een inkijkje in het ambtelijke beheer van de Amsterdamse markten vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De locatie, de Uilenburgerstraat, lag in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. De Zondagsmarkt aldaar was een zeer bekende markt, die in de volksmond ook wel de "Jodenmarkt" werd genoemd.

Het feit dat de directeur van de Bad- en Zweminrichtingen om toestemming wordt gevraagd, komt doordat het badhuis aan de Uilenburgerstraat (geopend in 1931) een gemeentelijk gebouw was dat onder zijn beheer viel. Badhuizen speelden destijds een cruciale rol in de volksgezondheid, aangezien de meeste woningen in de buurt geen eigen douche- of badgelegenheid hadden. De brief illustreert de formele wijze waarop zelfs kleine fysieke ingrepen aan gemeentelijk vastgoed tussen diensten onderling werden afgestemd.

Samenvatting

  • Onderwerp: Het document betreft een formeel verzoek om een mededelingenkastje te mogen plaatsen aan de gevel van het gemeentelijk badhuis in de Uilenburgerstraat.
  • Doel: Het kastje moet dienen voor informatievoorziening aan de kooplieden van de Zondagsmarkt.
  • Administratieve sporen: De brief bevat diverse archief- en behandelkenmerken. De rode omkadering linksonder met "33/20/1" duidt op een dossiernummer. De handgeschreven notitie "Verzonden 16/3" bevestigt dat de brief direct op de dag van schrijven is uitgegaan.
  • Kanttekening: De handgeschreven tekst in de marge ("posthuis Westerstraat...") suggereert dat er een soortgelijke constructie bestond (of gewenst was) bij de markt op de Westerstraat, die op maandag werd gehouden.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in het ambtelijke beheer van de Amsterdamse markten vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De locatie, de Uilenburgerstraat, lag in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. De Zondagsmarkt aldaar was een zeer bekende markt, die in de volksmond ook wel de "Jodenmarkt" werd genoemd.

Het feit dat de directeur van de Bad- en Zweminrichtingen om toestemming wordt gevraagd, komt doordat het badhuis aan de Uilenburgerstraat (geopend in 1931) een gemeentelijk gebouw was dat onder zijn beheer viel. Badhuizen speelden destijds een cruciale rol in de volksgezondheid, aangezien de meeste woningen in de buurt geen eigen douche- of badgelegenheid hadden. De brief illustreert de formele wijze waarop zelfs kleine fysieke ingrepen aan gemeentelijk vastgoed tussen diensten onderling werden afgestemd.