H. Rodrigues
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen.
* **Kern van het schrijven:** De heer (of mevrouw) Rodrigues-Lopes heeft een vaste standplaats toegewezen gekregen op de Albert Cuypmarkt. Vanwege een gebrek aan handelswaar kan de afzender deze plek op dit moment niet benutten. Er wordt verzocht om twee maanden uitstel voor het daadwerkelijk innemen van de plek, onder de voorwaarde dat de bijbehorende marktgelden (financiële verplichtingen) wel gewoon worden voldaan. * **Administratieve verwerking:** De brief is zeer snel afgehandeld. De brief is gedateerd op 21 april en reeds op 22 april heeft een ambtenaar van de Dienst van het Marktwezen in rood potlood genoteerd dat er geen bezwaar is tegen het verzoek. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is uiterst beleefd en formeel ("Weled. Heer", "U.E.D." oftewel Uw Edelgestrenge), wat gebruikelijk was voor correspondentie met de overheid in die tijd.
Ambtelijk dossierstuk/memo (Algemeene Zaken Model No. 14).
Dit document is een ambtelijke besluitvorming over een marktkoopman genaamd H. Rodrigues Lopes. Hij krijgt toestemming om gedurende twee maanden zijn vaste staanplaats (nummer 333) op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam onbezet te laten. De voorwaarde die hieraan wordt gesteld, is dat hij wel wekelijks het verschuldigde marktgeld moet blijven betalen. Het advies is gebaseerd op een rapport van de 'chef marktopziener'. Opvallend zijn de verschillende data van administratieve verwerking: van de eerste melding op 22 april tot de uiteindelijke fiattering en het verzenden van een 'modelbriefje' aan het begin van mei 1941. De handtekening 'de Haer' verwijst naar de betreffende ambtenaar belast met marktzaken.
Doorslag van een officiële brief.
Deze brief is een formeel besluit van de Amsterdamse marktautoriteiten. Mevrouw Rodrigues-Lopes heeft verzocht om tijdelijk haar marktplaats op de Albert Cuypstraat niet te hoeven bezetten. Dit verzoek wordt ingewilligd voor een periode van twee maanden. De voorwaarde is echter strikt: het verschuldigde marktgeld moet gedurende deze periode gewoon wekelijks worden doorbetaald aan de dienstdoende ambtenaar. De zakelijke, bijna kille toon van de brief is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd. Er wordt geen reden gegeven voor het verleende uitstel, noch wordt er empathie getoond voor de situatie van de geadresseerde.
Zakelijke brief/correspondentie (doorslag)
Dit document is een ambtelijke kennisgeving aan een marktkoopvrouw, mevrouw Rodrigues-Lopes. Zij krijgt toestemming om gedurende twee maanden (mei en juni 1941) haar standplaats op de Albert Cuypmarkt onbezet te laten. De brief benadrukt de bureaucratische strengheid van die tijd: hoewel zij niet hoeft te verschijnen, blijft de financiële verplichting onverkort van kracht. Het verschuldigde marktgeld moet wekelijks worden voldaan aan de ambtenaar ter plaatse. Het document is een doorslag op dun papier, bestemd voor het archief. De term "Extra" bovenaan suggereert dat dit een afwijkend geval was of dat er een extra kopie naar een andere afdeling (mogelijk de politie of een toezichthoudende instantie) is gegaan.
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE Th. Haasnoot V. C. <u>onderzoek Zeeland</u> <u>Rooseman</u>
(Bovenaan midden) @ A. Hegeman A. Lopes Dias L. Caransa
# TRANSCRIPTIE [Stempel linksboven:] BIJBLAD VAN: M.r No. 25/91/2 1939 DOORGEZONDEN: 26/7 [Rechtsboven geschreven:] Notule 20ste aug. C.v.A. v/a. Machtens 305 [Centrale handgeschreven tekst:] Onderhavige aangelegenheid is in studie; zie vroeger correspondentie ll. i. dit adres aanhoudend bezoek verder in Machtcom. is behandeld. t.v. dit den eersten ondertekenaar J. Rodrigues? berichten. [Links...
" 8. | J. Rodrigues | " " | 19. | | " " " 10 | E. Kortveld | " " | 20. | | " " " 12. | S. v. Cleef | " " | 21. | **Zie vervolg. II**
# TRANSCRIPTIE VP/HG. [handgeschreven: *extra*] 25/91/3 M. 2 Augustus 1939. den Heer J.Rodrigues c.s., Blasiusstraat 136 hs, Amsterdam-Oost. Wijk 20. Naar aanleiding van Uw brief ingekomen op 26 Juli jl. bericht ik U, dat de door U bedoelde aangelegenheid een punt van ernstige overweging uitmaakt. Het is echter nog niet mogelijk om U dienaangaande eenigerlei toezegging te doen. De Directeur,...