H. van Beer
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Handgeschreven brief met ambtelijke aantekeningen en stempels.
De brief is geschreven door de echtgenote van H. van Beer. Zij informeert de instantie (vermoedelijk de Marktwezen-inspectie van de gemeente Amsterdam) dat haar man "in een werkkamp is". Dit is een eufemisme of de toenmalige terminologie voor de deportatie of tewerkstelling van Joodse mannen. De kernvraag van de schrijfster is van administratieve en financiële aard: moet zij het wekelijkse marktgeld voor zijn standplaats op het Waterlooplein blijven doorbetalen nu hij er niet meer is? De ambtelijke aantekeningen laten het proces van de bureaucratie zien: er is sprake van een tijdelijke vrijstelling tot 1 september 1942. De opmerking "Echtge gaat geen gebruik maken van marktplaats" suggereert dat de plek wordt opgegeven.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
# TRANSCRIPTIE Mr. v. Beeren \____________________ vP/HG. 96/8/4 M. 15 September 1939. Belooning werklieden, die zandzakken vullen. den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, <u>A l h i e r</u>.
# TRANSCRIPTIE VD/HG. [handgeschreven blauw:] *extra* 37/119/3 M. 2 December 1941. Ariseering N.V. Hakker. den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, A l h i e r .
# TRANSCRIPTIE A'dam. 8. 6. 17. Zeer Geachte Heer. Deze week ontvangen 24 pnd schol. uitstekend. .: Hoogachtend by H.H de Beer & Co
# TRANSCRIPTIE R. V. DE BEER PENNINGMEESTER SPEELT. VER. AMSTERDAM ZUID MOERDIJKSTRAAT 24huis GEM. GIRO S 3012 AMSTERDAM-(Z)