Archief 745
Inventaris 745-278
Pagina 200
Dossier 24
Jaar 1939
Stadsarchief

Officiële brief/correspondentie.

17 november 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam).

Origineel

Officiële brief/correspondentie. 17 november 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Linksboven, getypt:]
25/200/2 M.

[Rechtsboven, handgeschreven in inkt:]
L.v. Mr. de Raes.

[Midden boven, handgeschreven in potlood:]
extra

[Rechts, getypt:]
17 November 1939.

den Heer G. van Gelder,
Roerstraat 117,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22B.

[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 25 October jl.
verleen ik U hierbij tot wederopzegging toestemming zich op Uw
plaats op de markt(en) Albert Cuypstraat
te laten bijstaan - niet vervangen - door H. Overste.

[Rechtsonder, getypt:]
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formeel antwoord op een verzoek van de heer G. van Gelder van 25 oktober 1939. De directeur verleent toestemming aan de heer Van Gelder om zich op zijn marktplaats aan de Albert Cuypstraat te laten bijstaan door een zekere H. Overste.
* Juridische nuances: De term "tot wederopzegging" geeft aan dat de toestemming niet permanent is en door de gemeente kan worden ingetrokken. De toevoeging "niet vervangen" is cruciaal: de vergunninghouder (Van Gelder) moet zelf aanwezig blijven op de markt; Overste mag enkel helpen en niet de volledige bedrijfsvoering overnemen.
* Fysieke staat: Het document lijkt een doorslag (doorschrijfkopie) te zijn, herkenbaar aan de paarsige inkt van de typemachine, wat destijds gebruikelijk was voor archiefstukken. * Historische context: De datum, november 1939, valt in de periode van de mobilisatie in Nederland, vlak na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa maar vóór de Duitse inval in Nederland (mei 1940).
* Lokaal-historisch: De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De strikte regulering van marktplaatsen door de gemeente Amsterdam blijkt uit de noodzaak voor dergelijke schriftelijke toestemmingen voor assistentie.
* Genealogische en sociale context: De Roerstraat ligt in de Rivierenbuurt in Amsterdam-Zuid. Deze buurt kende in de jaren dertig een grote Joodse populatie. Gezien de naam "Van Gelder" en de locatie, is het mogelijk dat dit document deel uitmaakt van een dossier over Joodse marktkramers wiens rechten in de jaren direct hierna door de bezetter ernstig zouden worden ingeperkt. De handgeschreven notitie "Mr. de Raes" verwijst mogelijk naar een ambtenaar of jurist die betrokken was bij het dossier.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief is een formeel antwoord op een verzoek van de heer G. van Gelder van 25 oktober 1939. De directeur verleent toestemming aan de heer Van Gelder om zich op zijn marktplaats aan de Albert Cuypstraat te laten bijstaan door een zekere H. Overste.
  • Juridische nuances: De term "tot wederopzegging" geeft aan dat de toestemming niet permanent is en door de gemeente kan worden ingetrokken. De toevoeging "niet vervangen" is cruciaal: de vergunninghouder (Van Gelder) moet zelf aanwezig blijven op de markt; Overste mag enkel helpen en niet de volledige bedrijfsvoering overnemen.
  • Fysieke staat: Het document lijkt een doorslag (doorschrijfkopie) te zijn, herkenbaar aan de paarsige inkt van de typemachine, wat destijds gebruikelijk was voor archiefstukken.

Historische Context

  • Historische context: De datum, november 1939, valt in de periode van de mobilisatie in Nederland, vlak na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa maar vóór de Duitse inval in Nederland (mei 1940).
  • Lokaal-historisch: De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De strikte regulering van marktplaatsen door de gemeente Amsterdam blijkt uit de noodzaak voor dergelijke schriftelijke toestemmingen voor assistentie.
  • Genealogische en sociale context: De Roerstraat ligt in de Rivierenbuurt in Amsterdam-Zuid. Deze buurt kende in de jaren dertig een grote Joodse populatie. Gezien de naam "Van Gelder" en de locatie, is het mogelijk dat dit document deel uitmaakt van een dossier over Joodse marktkramers wiens rechten in de jaren direct hierna door de bezetter ernstig zouden worden ingeperkt. De handgeschreven notitie "Mr. de Raes" verwijst mogelijk naar een ambtenaar of jurist die betrokken was bij het dossier.

Gerelateerde Documenten 3