Zakelijke brief (handgeschreven op briefpapier van de firma).
Origineel
Zakelijke brief (handgeschreven op briefpapier van de firma). 20 november 1939. Firma J. Dapper, Smederij en Constructie Werkplaats. [Briefhoofd]
FIRMA J. DAPPER
SMEDERIJ EN CONSTRUCTIE WERKPLAATS
ALBERT CUYPSTRAAT 197, TELEFOON 22249
Spec. adres voor BOUWCONSTRUCTIES en DEUROPENERS
AMSTERDAM-Z., 20 Nov. 1939.
[Brieftekst]
Bestaat den mogelijkheid dat er een
ruiling plaats kan vinden tusschen den koopman in
zuurwaren standplaats voor № 193
of dergelijks?
U moet goed begrijpen mij staaf en
Balkijzer is van een lengte circa 6 tot 12 meter dus
een dergelijken koopman met niet zoo’n groote
uitstalling zou voor mij een uitkomst wezen en ik
tevens van al dit gezeur af zijn.
Hopende dat u in deze voor mij zoo’n ondragelijken
toestand een einde kunt maken en ik mag vertrouwen
in u medewerking.
Inmiddels verblijf ik onder dank
zegging in afwachting
Hoogachtend
Fa. J. Dapper * Inhoud: De afzender, de heer J. Dapper, verzoekt om een ruiling van staanplaatsen op de markt (vermoedelijk de Albert Cuypmarkt). Hij ondervindt grote hinder van zijn huidige buren of positie omdat hij werkt met zeer lange materialen (staaf- en balkijzer van 6 tot 12 meter).
* Probleemstelling: De smederij heeft ruimte nodig voor het hanteren van lange ijzeren balken. De aanwezigheid van marktkramen met grote uitstallingen belemmert zijn bedrijfsvoering. Hij stelt voor om te ruilen met een "koopman in zuurwaren" (augurken, uitjes, etc.), waarschijnlijk omdat die een kleinere of minder hinderlijke uitstalling heeft.
* Toon: De brief is formeel ("Hoogachtend"), maar laat ook frustratie doorschemeren door het gebruik van termen als "gezeur" en "ondragelijken toestand".
* Schrijfwijze: Het handschrift is een vlot, hellend cursief (Latijns schrift) dat typerend is voor de eerste helft van de 20e eeuw. De spelling volgt de toen geldende regels (bijv. "tusschen", "zoo’n"). Dit document biedt een interessant inkijkje in de dagelijkse logistieke uitdagingen in de Albert Cuypstraat in 1939. De straat was toen (net als nu) de locatie van de beroemde Albert Cuypmarkt, maar huisvestte destijds ook nog volop zware ambachten zoals smederijen en constructiewerkplaatsen in de achterliggende panden of op de begane grond.
De datum, november 1939, plaatst de brief in de periode van de mobilisatie, vlak na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog maar vóór de Duitse inval in Nederland. Voor een constructiewerkplaats was het efficiënt kunnen laden en lossen van staal van vitaal belang voor de bedrijfsvoering. De brief illustreert de constante spanning tussen de belangen van de vaste winkeliers/ambachtslieden en de ambulante handel van de marktkooplieden in een drukke Amsterdamse volksbuurt. J. Dapper