Officiële ambtelijke waarschuwingsbrief.
Origineel
Officiële ambtelijke waarschuwingsbrief. 7 december 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer L. v.d. Gracht, Govert Flinckstraat 174 I, Amsterdam-Zuid. [Rechtsboven, handgeschreven:]
2 ex. M. de Haer.
[Linksboven, getypt:]
HG.
25/236/3 M.
[Midden boven de datum, handgeschreven:]
extra
[Rechts, getypt:]
7 December 1939.
den Heer L.v.d.Gracht,
Govert Flinckstraat 174 I,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 17.
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 2 December jl.
op Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat heeft laten as-
sisteeren en vervangen, terwijl U daarvoor dezerzijds geen
toestemming is verleend.
Ik waarschuw U hierbij ernstig dit voortaan na te
laten.
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een officiële berisping wegens het overtreden van het marktreglement.
* Inhoud: De heer Van de Gracht wordt ervan beschuldigd op 2 december 1939 zonder toestemming vervanging of assistentie te hebben ingeschakeld voor zijn standplaats op de Albert Cuypmarkt.
* Toon: De toon is formeel en autoritair ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"), wat wijst op een disciplinaire maatregel om herhaling te voorkomen.
* Administratieve sporen: De afkorting "HG." zou kunnen staan voor 'Hoofdbureau' of een specifieke afdeling. De handgeschreven notitie "2 ex. M. de Haer." is een interne distributie-instructie voor kopieën aan een specifieke ambtenaar. Dit document stamt uit december 1939, de periode van de Nederlandse mobilisatie vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was in deze tijd een streng gereguleerde plek waar de gemeente Amsterdam toezag op de persoonlijke aanwezigheid van vergunninghouders. Standplaatshouders mochten zich niet zomaar laten vervangen om zwarte handel of onoorbare onderverhuur van schaarse marktplaatsen tegen te gaan. De ontvanger van de brief woonde in de Govert Flinckstraat, een zijstraat van de markt, wat typerend was voor de toenmalige bewoners van de Pijp die vaak direct bij hun werkplek woonden.