Getypte brief (officiële correspondentie).
Origineel
Getypte brief (officiële correspondentie). 13 juli 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Handgeschreven in potlood/pen:] extra
[Linksboven:] 26/30/2 M.
[Rechtsboven:] vP/G.
13 Juli 1939
den Heer A. Harpman,
Nieuwe Prinsengracht 56 I,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 10.
Naar aanleiding van Uw brief, ingekomen op 15 Juni
jl. verleen ik U hierby toestemming om tot uiterlyk einde
September a.s. Uw plaats op de markt Dapperstraat niet te
bezetten, mits U zorgdraagt, dat het ook tydens Uw afwezig-
heid verschuldigde marktgeld regelmatig wordt betaald.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een officiële reactie op een verzoek van de heer Harpman. Hij krijgt toestemming om zijn standplaats op de Dapperstraatmarkt tijdelijk (voor ongeveer drie maanden) onbezet te laten. De dwingende voorwaarde is dat het verschuldigde marktgeld gedurende zijn afwezigheid wel gewoon wordt doorbetaald.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is formeel en ambtelijk, typerend voor de vooroorlogse Nederlandse bureaucratie (gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' in woorden als 'hierby', 'uiterlyk' en 'tydens').
* Administratieve context: De codes links- en rechtsboven zijn archiefreferenties en initialen van de behandelend ambtenaar en typist. De toevoeging "Wyk 10" duidt op de indeling van de stad of de marktdienst. * Persoon: De geadresseerde is Abraham Harpman (1876-1943). Historische bronnen bevestigen dat hij een Joodse marktkoopman was die op het genoemde adres (Nieuwe Prinsengracht 56-I) woonde.
* Locatie: De Dapperstraatmarkt is een van de oudste en bekendste dagmarkten van Amsterdam.
* Tijdsgeest: De brief is gedateerd juli 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en minder dan een jaar voor de Duitse inval in Nederland. Voor Joodse marktkooplieden was het economische klimaat in die jaren al zeer onzeker.
* Historisch belang: Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse, bijna banale administratie van het leven van een man die later, tijdens de Holocaust, zou worden vermoord (Abraham Harpman overleed in juli 1943 in vernietigingskamp Sobibor). Het toont hoe de stad Amsterdam haar regels strikt handhaafde, ongeacht de persoonlijke omstandigheden van de marktkooplieden. A. Harpman Marktwezen