Archief 745
Inventaris 745-283
Pagina 240
Jaar 1939
Stadsarchief

Doorslag van een ambtelijke brief/rapport.

2 februari 1939 (aangeduid als "2 Februari 9"). Van: De Directeur (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Markthallen of het Marktwezen). Dossier: 23/8

Origineel

Doorslag van een ambtelijke brief/rapport. 2 februari 1939 (aangeduid als "2 Februari 9"). De Directeur (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Markthallen of het Marktwezen). [Header]
1 2 Februari 9
30/11/4 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen

[Body]
tus 1936 (No.23/8 L.M.1936), waarbij aan J.Dillen voorgoed het recht is ontnomen om op de markten een plaats te bezetten. Dillen verkocht in schijn een betrekkelijk onschuldige likdoorntinctuur, doch hij prees in werkelijkheid middelen aan tegen allerlei kwalen. Kroonenburg verkoopt in schijn insectenpoeder of tuin-aarde; in werkelijkheid verkoopt hij echter niets (terwijl de markten uitsluitend voor den verkoop van waren dienen), doch maakt hij reclame voor zijn persoon (door nadrukkelijke en herhaalde adres-vermelding; door de mededeeling, dat men hem kan spreken) om kwakzalverij te kunnen plegen.

De door Kroonenburg gepleegde feiten zijn: overtreding van artikel 30 lid 1 van het Reglement, houdende een verbod van propaganda op de markten; voorts overtreding van artikel 39 lid 1: het in gevaar brengen van de orde op de markt, doordien hij onoirbare uitlatingen deed, welke de toehoorders konden krenken.

Onder mededeeling, dat ik aan W.Kroonenburg voornoemd, ingevolge artikel 39 lid 1 van het Reglement op de Markten het recht heb ontnomen om op de markten hier ter stede een plaats te bezetten voor de periode van 2 tot en met 15 Februari a.s. moge ik U beleefd verzoeken wel te willen bevorderen, dat hij ingevolge het derde lid van bovenaangehaald artikel door Burgemeester en Wethouders wordt gestraft met ontneming van het bedoelde recht voor onbepaalden termijn.

[Footer]
De Directeur, Dit document betreft een verzoek tot een permanente marktverbanning voor een zekere W. Kroonenburg. De kern van de zaak is als volgt:

  1. Kwakzalverij: Kroonenburg wordt beschuldigd van het gebruiken van een marktkraam als dekmantel ("in schijn"). Hoewel hij officieel insectenpoeder of tuinaarde verkoopt, verkoopt hij in de praktijk niets. Hij gebruikt de standplaats enkel om zichzelf aan te prijzen voor medische consulten buiten de markt om.
  2. Juridische argumentatie: De directeur voert aan dat markten bedoeld zijn voor de verkoop van waren, niet voor persoonlijke propaganda (Art. 30). Daarnaast heeft Kroonenburg de orde verstoord door "onoirbare" (onbehoorlijke) uitlatingen te doen (Art. 39).
  3. Precedentwerking: Er wordt verwezen naar een eerdere casus uit 1936 (J. Dillen), die wegens soortgelijke praktijken (het verkopen van likdoorntinctuur als wondermiddel) permanent van de markt werd verwijderd.
  4. Maatregel: De directeur heeft Kroonenburg al een tijdelijk verbod opgelegd (2 t/m 15 februari), maar verzoekt de Wethouder om dit om te zetten in een verbod voor onbepaalde tijd via een besluit van Burgemeester en Wethouders. In de jaren '30 was de marktreglementering in Amsterdam streng. De overheid probeerde excessen van kwakzalverij en agressieve verkooptechnieken in te dammen om de consument te beschermen en de openbare orde te handhaven. "Kwakzalverij" was een serieus maatschappelijk probleem in een tijd waarin reguliere gezondheidszorg voor velen nog duur of ontoegankelijk was. De taal in het document (zoals "onoirbaar" en de oude spelling "mededeeling") is typerend voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie in Nederland. J. Dillen W. Kroonenburg Marktwezen

Samenvatting

Dit document betreft een verzoek tot een permanente marktverbanning voor een zekere W. Kroonenburg. De kern van de zaak is als volgt:

  1. Kwakzalverij: Kroonenburg wordt beschuldigd van het gebruiken van een marktkraam als dekmantel ("in schijn"). Hoewel hij officieel insectenpoeder of tuinaarde verkoopt, verkoopt hij in de praktijk niets. Hij gebruikt de standplaats enkel om zichzelf aan te prijzen voor medische consulten buiten de markt om.
  2. Juridische argumentatie: De directeur voert aan dat markten bedoeld zijn voor de verkoop van waren, niet voor persoonlijke propaganda (Art. 30). Daarnaast heeft Kroonenburg de orde verstoord door "onoirbare" (onbehoorlijke) uitlatingen te doen (Art. 39).
  3. Precedentwerking: Er wordt verwezen naar een eerdere casus uit 1936 (J. Dillen), die wegens soortgelijke praktijken (het verkopen van likdoorntinctuur als wondermiddel) permanent van de markt werd verwijderd.
  4. Maatregel: De directeur heeft Kroonenburg al een tijdelijk verbod opgelegd (2 t/m 15 februari), maar verzoekt de Wethouder om dit om te zetten in een verbod voor onbepaalde tijd via een besluit van Burgemeester en Wethouders.

Historische Context

In de jaren '30 was de marktreglementering in Amsterdam streng. De overheid probeerde excessen van kwakzalverij en agressieve verkooptechnieken in te dammen om de consument te beschermen en de openbare orde te handhaven. "Kwakzalverij" was een serieus maatschappelijk probleem in een tijd waarin reguliere gezondheidszorg voor velen nog duur of ontoegankelijk was. De taal in het document (zoals "onoirbaar" en de oude spelling "mededeeling") is typerend voor de vooroorlogse ambtelijke correspondentie in Nederland.

Genoemde Personen 2

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen