Ambtelijke notitie / intern memo (op voorgedrukt formulier 'Alg. Zaken Model No. 14').
Origineel
Ambtelijke notitie / intern memo (op voorgedrukt formulier 'Alg. Zaken Model No. 14'). [Linksboven, in stempel:]
BLAD VAN:
M. no. 31/54/1 1939
DOORGEZONDEN: 20/9-’39
[Midden links:]
Spoed
Aan J. de Groot, die een
vaste plaats heeft op markt
Mr. Vilenburg, kan m.i.
worden toegestaan, om op
deze markt, doch op het gedeelte
~~aan de~~ Oude Schans
patates-frites te mogen
bakken.
3-10-’39
[Paraaf: de Haer(?)]
[Rechtsboven:]
M. i. Insp. 504
Uilenburg
heeft bakvergunning
voor Zwanenburgwal.
Wil ook op Uilenburg
bakken.
Zie inlichtingen
rapport.
21-9-’39
[Paraaf]
[Rechtsonder, in rood potlood/stempel:]
5. 6/10/39 [Paraaf]
31/54/2 [Stempel: M]
[Linksonder, voorgedrukte tekst:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een ambtelijke afhandeling van een verzoek voor een standplaatsvergunning voor het bakken van frites. De aanvrager, J. de Groot, beschikt reeds over een vergunning voor de Zwanenburgwal, maar wenst zijn activiteiten uit te breiden naar de markt op Uilenburg.
Uit de aantekeningen blijkt een positief advies ("kan m.i. worden toegestaan"), mits de standplaats wordt ingenomen op een specifiek gedeelte van de markt, namelijk aan de zijde van de Oude Schans. Het procesverloop is zichtbaar via de verschillende data:
* 20-09-1939: Document wordt doorgezonden/geregistreerd.
* 21-09-1939: Notitie over de bestaande vergunning en verwijzing naar een inlichtingenrapport.
* 03-10-1939: Het feitelijke advies voor toestemming wordt genoteerd.
* 06-10-1939: Administratieve afhandeling (gezien de rode markering en het nieuwe dossiernummer 31/54/2).
Het document is representatief voor de strakke regulering van straathandel en markten in Amsterdam in het interbellum en de vroege mobilisatieperiode. De locatie 'Uilenburg' verwijst naar de Amsterdamse Uilenburgerstraat en de omliggende buurt, die historisch deel uitmaakte van de Joodse buurt. De markt aldaar (vaak geassocieerd met de markt op het nabijgelegen Waterlooplein of het Meijer de Hondplein/Mr. Visserplein) was een centrum van handel.
Interessant is de tijdsgeest: in 1939 was de verkoop van patates-frites op straat in Nederland in opkomst, maar het werd door de autoriteiten vaak kritisch bekeken vanuit het oogpunt van hygiëne, brandveiligheid en "het straatbeeld". De correctie in de tekst (van 'aan de' naar direct 'Oude Schans') suggereert dat men zeer specifiek wilde zijn over de toegestane vierkante meters voor het plaatsen van een frituurtoestel om de doorgang op de markt niet te belemmeren. J. de Groot