Archief 745
Inventaris 745-289
Pagina 11
Dossier 55
Jaar 1939
Stadsarchief

Dienstbrief van het Hoofdbureau van Politie te Amsterdam.

13 april 1939. Van: Hoofdbureau van Politie te Amsterdam (Centrum). Aan: Directeur van het Marktwezen, Amsterdam (Alhier).

Origineel

Dienstbrief van het Hoofdbureau van Politie te Amsterdam. 13 april 1939. Hoofdbureau van Politie te Amsterdam (Centrum). Directeur van het Marktwezen, Amsterdam (Alhier). HOOFDBUREAU VAN POLITIE TE AMSTERDAM

Dict.Ga/Mi. AMSTERDAM, 13 April 1939.
Lr.S.No.21246/1938. (CENTRUM)
Dossier V.6.a.
Groep C. Verzoeke bij beantwoording datum, letter en
nummer van dit schrijven aan te halen.
№ 39/8/11 M. 1939 14/4 [Stempel in paars] [Onleesbaar handgeschreven krabbel in inkt]

Hierbij heb ik de eer, U te retourneeren de mij geworden aanvra-
gen om standplaatsvergunningen voor nabij de Weesperstraat gele-
gen punten, welke aanvragen verband houden met het voor deze
straat uitgevaardigde ventverbod.

Onder mededeeling, dat de omschrijving der in de aanvragen ver-
melde plaatsen en tijden, voor zoover dit wenschelijk leek, ee-
nigszins is aangevuld of gewijzigd (met potlood, in hoofdzaak
op de achterzijde der adressen), moge ik mij nog de volgende op-
merkingen veroorloven:

Bij het verleenen van vergunningen voor versche visch aan S.
VRACHTDOENDER, H. HAGENAAR en Ph. de HOND, lijkt het, in ver-
band met het bepaalde in artikel 15, lid 2, onder e, der Ver-
ordening op de Winkelsluiting, aanbeveling te verdienen, dat
hierin speciaal een voorwaarde inzake het niet_op_Sabbath_
mogen_venten wordt opgenomen.

Inname van een standplaats door L. DUIS op de sub a van
zijn aanvraag omschreven plaats op het Rembrandtsplein acht ik,
uit een verkeersoogpunt, minder wenschelijk, in verband waar-
mede ik dit gedeelte van de aanvraag niet meen te moeten steu-
nen. Bij verleening van een vergunning voor het Weesperplein
ware hierin de meer gebruikelijke voorwaarde op te nemen, dat
de stellage met bloemen niet hooger mag zijn dan 1.50 meter.

Inwilliging van de aanvraag van J. NAARDEN, om met een fruit-
kar standplaats in de Sarphatistraat nabij "De Poort van Weesp"
te mogen innemen (welke plaats overigens, evenals die, welke
Duis, voornoemd, op het Rembrandtsplein zou willen innemen,
niet onmiddelllijk nabij de Weesperstraat is gelegen) moet ik
ontraden. Bij inname van de standplaats direct nabij het aanplak
bord, waar bovendien door K.N. Lischer een standplaats met een
bloemenmand mag worden ingenomen (vide de beschikking no. 5/
478 L.M.1937), zou de fruitkar min of meer hinderlijk staan
voor het ter plaatse passeerende zeer drukke voetgangersver-
keer, terwijl inname van de plaats dichter naar "De Poort van
Aan Weesp"
den Heer Directeur van
het Marktwezen
A L H I E R. In dit schrijven adviseert de Amsterdamse politie de Directeur van het Marktwezen over een aantal specifieke aanvragen voor standplaatsen voor straathandel. De kernpunten zijn:

  1. Handhaving Ventverbod: Er geldt een ventverbod voor de Weesperstraat zelf; de aanvragen betreffen plekken "nabij" deze straat.
  2. Religieuze bepalingen: Voor de visverkopers Vrachtdoender, Hagenaar en De Hond wordt expliciet geadviseerd een verbod op venten tijdens de Sabbath (zaterdag) op te nemen in de vergunning, verwijzend naar de Winkelsluitingswet.
  3. Verkeersveiligheid en Ruimtelijke Ordening:
    • De aanvraag van L. Duis voor het Rembrandtsplein wordt afgewezen vanwege verkeersdrukte. Voor zijn alternatieve plek op het Weesperplein wordt een hoogtebeperking van 1,50 meter voor de bloemenkraam geadviseerd.
    • De aanvraag van J. Naarden voor een fruitkar bij "De Poort van Weesp" (Sarphatistraat) wordt ontraden omdat de kar het voetgangersverkeer zou hinderen, mede omdat er al een andere standhouder (K.N. Lischer) gevestigd is. Dit document stamt uit april 1939, een jaar voor de Duitse inval in Nederland. De locaties die worden genoemd — de Weesperstraat, het Weesperplein en de Sarphatistraat — vormden het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam.

De namen van de genoemde kooplieden (Vrachtdoender, De Hond, Naarden) zijn typisch Joods-Amsterdamse namen. Het advies om een "niet op Sabbath mogen venten"-clausule op te nemen, onderstreept dat de autoriteiten rekening hielden met (of de hand hielden aan) de religieuze rustdagen binnen deze specifieke gemeenschap en buurt. Het document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de straathandel in een zeer dichtbevolkt en economisch actief deel van de stad vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Samenvatting

In dit schrijven adviseert de Amsterdamse politie de Directeur van het Marktwezen over een aantal specifieke aanvragen voor standplaatsen voor straathandel. De kernpunten zijn:

  1. Handhaving Ventverbod: Er geldt een ventverbod voor de Weesperstraat zelf; de aanvragen betreffen plekken "nabij" deze straat.
  2. Religieuze bepalingen: Voor de visverkopers Vrachtdoender, Hagenaar en De Hond wordt expliciet geadviseerd een verbod op venten tijdens de Sabbath (zaterdag) op te nemen in de vergunning, verwijzend naar de Winkelsluitingswet.
  3. Verkeersveiligheid en Ruimtelijke Ordening:
    • De aanvraag van L. Duis voor het Rembrandtsplein wordt afgewezen vanwege verkeersdrukte. Voor zijn alternatieve plek op het Weesperplein wordt een hoogtebeperking van 1,50 meter voor de bloemenkraam geadviseerd.
    • De aanvraag van J. Naarden voor een fruitkar bij "De Poort van Weesp" (Sarphatistraat) wordt ontraden omdat de kar het voetgangersverkeer zou hinderen, mede omdat er al een andere standhouder (K.N. Lischer) gevestigd is.

Historische Context

Dit document stamt uit april 1939, een jaar voor de Duitse inval in Nederland. De locaties die worden genoemd — de Weesperstraat, het Weesperplein en de Sarphatistraat — vormden het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam.

De namen van de genoemde kooplieden (Vrachtdoender, De Hond, Naarden) zijn typisch Joods-Amsterdamse namen. Het advies om een "niet op Sabbath mogen venten"-clausule op te nemen, onderstreept dat de autoriteiten rekening hielden met (of de hand hielden aan) de religieuze rustdagen binnen deze specifieke gemeenschap en buurt. Het document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de straathandel in een zeer dichtbevolkt en economisch actief deel van de stad vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Gerelateerde Documenten 6