Ambbtelijke brief/adviesnota.
Origineel
Ambbtelijke brief/adviesnota. 19 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst of een vergelijkbare gemeentelijke instantie). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. 72/37/2 M
1
Extra
VP/G.
19 Mei 1939.
Verzoek van N. Schyveschuurder
om teruggave van voor hem door
Maatschappelyken Steun gespaard
ventgeld.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 8
dezer om advies ontvangen stuk no. 68/88 L.M. 1938 heb ik de
eer U te berichten, dat een destyds aan adressant verleende
ventvergunning serie 26 nummer 195 op 31 Mei 1937 is inge-
trokken wegens wanbetaling van het terzake verschuldigde
ventgeld. Adressant is uit dien hoofde nog een bedrag van
ƒ 2,10 schuldig.
Aangezien hy thans geen ventvergunning heeft, be-
stond myns inziens geen aanleiding, dat door den Dienst voor
Maatschappelyken Steun wekelyks ƒ 0,25 te zynen behoeve werd
gespaard om daaruit het verschuldigde ventgeld te voldoen.
Mynerzyds bestaat dan ook geen bezwaar, wanneer hem het be-
schikbare bedrag wordt terugbetaald, onder aftrek van zyn
schuld ad ƒ 2,10, voor welk laatste bedrag door den Dienst
voor Maatschappelyken Steun een bon aan myn dienst worde ge-
geven. Ik geef U beleefd in overweging terzake het advies in
te winnen van Uw Ambtgenoot voor den Maatschappelyken Steun.
De Directeur, * **Inhoud:** De brief behandelt een verzoek van een burger, N. Schyveschuurder, die geld terugvraagt dat voor hem was gespaard door de sociale dienst ("Maatschappelyken Steun"). Dit geld was bedoeld om zijn wekelijkse staangeld of ventvergunning te betalen.
- Kernproblematiek: De ventvergunning van de betrokkene was al in 1937 ingetrokken wegens een betalingsachterstand van ƒ 2,10. Desondanks bleef de sociale dienst wekelijks 25 cent van zijn uitkering of steun inhouden voor dit doel. De directeur adviseert nu om het opgespaarde bedrag aan de man uit te keren, mits zijn openstaande schuld van ƒ 2,10 eerst wordt verrekend.
- Taalgebruik: Het document hanteert de formele, ambtelijke stijl van de late jaren dertig, inclusief de toen gangbare spelling (bijv. "destyds", "Maatschappelyken", "mynerzyds"). Dit document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de straathandel en de nauwe verwevenheid met de sociale zorg in Nederland vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was het "venten" (het langs de deuren verkopen van goederen) een veelvoorkomend beroep voor mensen met een laag inkomen.
De naam Schyveschuurder (Schijveschuurder) is een bekende Joodse familienaam, met name in Amsterdam. Gezien de datum (mei 1939) en het feit dat veel Joodse Amsterdammers werkzaam waren in de (straat)handel, is het zeer waarschijnlijk dat dit document betrekking heeft op een lid van de Joodse gemeenschap die in armoede probeerde te overleven. Het bedrag van ƒ 0,25 per week lijkt naar moderne maatstaven klein, maar was in die tijd een significant bedrag voor iemand in de "steun".