Brief (fragment van de laatste pagina).
Origineel
Brief (fragment van de laatste pagina). 4 juli 1940. B. de Leeuw, Vrolikstraat 105 III, Amsterdam. Verandering in zult brengen
en het voor ons niet nodig zal
zijn naar een ander middel uit
te zien. Teeken ik namens velen
slachtoffers. Hoogachtend
B. de Leeuw vrolikstraat
No 105 III
Voorkeur kaart houder van den
Albertkuipstraat
ons zijn gevallen bekend dat een
vaste plaats houder langer dan een
half jaar niet op zijn plaats gestaan
heeft en toch zijn plaats nog behoud
hier is toch niets van goed te praten
4-7-40 * Inhoud: De schrijver, B. de Leeuw, uit namens een groep die hij aanduidt als "vele slachtoffers" een klacht over de gang van zaken op de Albert Cuypmarkt. De kern van de klacht is dat bepaalde vergunninghouders ("vaste plaatshouders") hun plek al meer dan een half jaar niet hebben bezet, maar deze plek desondanks mogen behouden. Dit wordt als onrechtvaardig ervaren door anderen die waarschijnlijk wel willen of moeten werken.
* Toon: De toon is formeel maar zeer beslist en licht dreigend. De zinsnede "naar een ander middel uit te zien" suggereert dat men bereid is verdere stappen te ondernemen als er geen verandering komt.
* Schrijfstijl: Het handschrift is een vlot en kundig cursief schrift, kenmerkend voor die periode. De spelling ("teeken", "vrolikstraat", "behoud" zonder -t) wijkt af van de huidige standaard, maar was in die tijd niet ongebruikelijk. * Historische context: De brief is gedateerd op 4 juli 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode heerste er grote onzekerheid, ook in de handel en op de markten.
* Locatie: De Albert Cuypmarkt is een van de bekendste en drukste markten van Amsterdam. De afzender woont in de Vrolikstraat, in Amsterdam-Oost, een buurt waar in die tijd veel Joodse Amsterdammers woonden. De naam "De Leeuw" kwam veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap.
* Marktwezen: Het recht op een vaste standplaats op de markt was (en is) van groot economisch belang. De frustratie over "onbenutte" plaatsen duidt op schaarste en mogelijk op een strenger wordend regime van vergunningen en toewijzingen in de vroege oorlogsjaren. B. de Leeuw Marktwezen