Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 296
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Administratieve kaart/notitie van de gemeente Amsterdam (Dienst van het Marktwezen).

20 december 1940 tot 6 januari 1941.

Origineel

Administratieve kaart/notitie van de gemeente Amsterdam (Dienst van het Marktwezen). 20 december 1940 tot 6 januari 1941. [Rechtsboven:]
136

[Kader linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/259/1 1940
DOORGEZONDEN: 20/12-'40

[Hoofdtekst:]
S. Engelsman
pl 128 Alb. Cuypstraat

Tegen inwilliging van het [hierboven geschreven:] v. Marktwezen
verzoek van S. Engelsman om zich [rechts:] 20-12-'40
op zijn plaats op de markt aan de [rechts:] de Haan
Alb. Cuypstraat, tot wederopzegging te mogen
laten assistere — niet vervangen —
door D. Meijer, geb. 26-11-'96, bestaat
m. i. geen bezwaar.

(Zie rapport Chef Marktopz.)

[Onderaan, diverse aantekeningen:]
25/259/2 MZ [in rood] 7/1 '41 HS
model 2-1-'41
assistentie de Haan
Stp 6/1 '41

[Linksonder drukwerk:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Onderwerp: De kern van het document is een ambtelijk advies betreffende een verzoek van marktkraamhouder S. Engelsman. Hij vraagt toestemming om zich op zijn standplaats (nummer 128) aan de Albert Cuypstraat te laten bijstaan door D. Meijer (geboren op 26 november 1896).
* Juridische nuance: De toevoeging "— niet vervangen —" is cruciaal. In de Amsterdamse marktverordening was een standplaatsvergunning strikt persoonsgebonden. Men mocht zich laten assisteren, maar de vergunninghouder bleef verantwoordelijk en moest in de regel zelf aanwezig zijn. Het vervangen van de houder door een ander was aan veel strengere regels gebonden of verboden.
* Besluitvorming: De ambtenaar De Haan concludeert dat er "m.i. [mijns inziens] geen bezwaar" bestaat tegen dit verzoek, mits het "tot wederopzegging" is. Hij verwijst hiervoor naar een rapport van de Chef Marktopzicht.
* Administratieve proces: De verschillende data (20-12-'40, 2-1-'41, 6-1-'41, 7-1-'41) tonen de trage gang van het dossier door de bureaucratie rond de jaarwisseling. * Locatie: De Albert Cuypmarkt was (en is) de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam, gelegen in de Pijp.
* Tijdsperiode: Het document dateert van de eerste winter van de Duitse bezetting (1940-1941). Dit is een kantelmoment in de geschiedenis van de Amsterdamse markten.
* Joodse geschiedenis: De namen Engelsman en Meijer zijn veelvoorkomende namen binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam. In de periode dat dit document werd opgesteld, begonnen de Duitse bezetters met de systematische uitsluiting van Joden uit het economische leven. In 1941 zouden Joodse marktkooplieden uiteindelijk worden verbannen van de reguliere markten zoals de Albert Cuyp en worden gedwongen op speciale "Joodse markten" te staan. Dit document legt een van de laatste 'normale' administratieve handelingen vast voordat deze grootschalige discriminatie en vervolging de Albert Cuypmarkt definitief zou veranderen.

Samenvatting

  • Onderwerp: De kern van het document is een ambtelijk advies betreffende een verzoek van marktkraamhouder S. Engelsman. Hij vraagt toestemming om zich op zijn standplaats (nummer 128) aan de Albert Cuypstraat te laten bijstaan door D. Meijer (geboren op 26 november 1896).
  • Juridische nuance: De toevoeging "— niet vervangen —" is cruciaal. In de Amsterdamse marktverordening was een standplaatsvergunning strikt persoonsgebonden. Men mocht zich laten assisteren, maar de vergunninghouder bleef verantwoordelijk en moest in de regel zelf aanwezig zijn. Het vervangen van de houder door een ander was aan veel strengere regels gebonden of verboden.
  • Besluitvorming: De ambtenaar De Haan concludeert dat er "m.i. [mijns inziens] geen bezwaar" bestaat tegen dit verzoek, mits het "tot wederopzegging" is. Hij verwijst hiervoor naar een rapport van de Chef Marktopzicht.
  • Administratieve proces: De verschillende data (20-12-'40, 2-1-'41, 6-1-'41, 7-1-'41) tonen de trage gang van het dossier door de bureaucratie rond de jaarwisseling.

Historische Context

  • Locatie: De Albert Cuypmarkt was (en is) de belangrijkste dagmarkt van Amsterdam, gelegen in de Pijp.
  • Tijdsperiode: Het document dateert van de eerste winter van de Duitse bezetting (1940-1941). Dit is een kantelmoment in de geschiedenis van de Amsterdamse markten.
  • Joodse geschiedenis: De namen Engelsman en Meijer zijn veelvoorkomende namen binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam. In de periode dat dit document werd opgesteld, begonnen de Duitse bezetters met de systematische uitsluiting van Joden uit het economische leven. In 1941 zouden Joodse marktkooplieden uiteindelijk worden verbannen van de reguliere markten zoals de Albert Cuyp en worden gedwongen op speciale "Joodse markten" te staan. Dit document legt een van de laatste 'normale' administratieve handelingen vast voordat deze grootschalige discriminatie en vervolging de Albert Cuypmarkt definitief zou veranderen.

Locaties

Amsterdam Albert Cuypmarkt.

Gerelateerde Documenten 3