Ambtelijke correspondentie / Adviesbrief.
Origineel
Ambtelijke correspondentie / Adviesbrief. 24 april 1940. Een functionaris van het Amsterdamse Marktwezen (handtekening mogelijk 'Veenhoff' of 'Uumhoff'). De Inspecteur van het Marktwezen, Amsterdam. No 20/26/1 M 1940 1/4
Aan den Inspecteur
v/h Marktwezen
alhier
Tegen het verzoek van H. Draaijer om
eenige weken uitstel tot het bezetten van zijn
marktplaatsen bestaat mij geen bezwaar.
Tevens meld ik U, dat Mej: Draaijer
altijd zelf^gebruik maakt van de plaatsen op
Westerstraat en Lindengracht.
Ik adviseer U dan ook het gevraagde uit-
stel toe te staan.
24 April 1940.
[Handtekening] Het document is een ambtelijk advies met betrekking tot het beheer van marktplaatsen in Amsterdam. De kern van de brief is een positief advies over een verzoek van een zekere H. Draaijer om uitstel voor het in gebruik nemen van zijn marktplaatsen.
Enkele opvallende punten:
* De locaties: De Westerstraat en de Lindengracht zijn iconische marktlocaties in de Amsterdamse Jordaan.
* De exploitatie: De schrijver voegt een belangrijke kanttekening toe: hoewel de aanvraag van H. Draaijer komt, merkt hij op dat "Mej. Draaijer altijd zelf gebruik maakt" van de plaatsen. In die tijd was het gebruikelijk dat marktvergunningen op naam van het gezinshoofd stonden, terwijl de daadwerkelijke handel vaak door vrouwelijke familieleden werd gedreven. De toevoeging dat zij de plaatsen "altijd zelf" gebruikt, dient als een bewijs van goed gedrag en continuïteit, wat de reden is voor het positieve advies.
* Correctie: In de vijfde regel van de lopende tekst is het woord "zelf" later boven de regel ingevoegd om te benadrukken dat er geen sprake is van illegale onderverhuur. Dit document dateert van 24 april 1940, slechts zestien dagen voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het biedt een inkijkje in de strikte bureaucratie en de dagelijkse gang van zaken bij het Amsterdamse Marktwezen in de laatste dagen van de neutraliteit. Het Marktwezen hield nauwgezet toezicht op de bezetting van plaatsen; wie zijn plaats niet bezette zonder geldige reden, liep het risico de vergunning te verliezen. Het feit dat er officieel uitstel werd gevraagd en geadviseerd, toont aan hoe waardevol deze marktplekken waren voor het levensonderhoud van de Jordanezen. H. Draaijer Marktwezen