Officiële brief/doorslag van een uitgaand schrijven.
Origineel
Officiële brief/doorslag van een uitgaand schrijven. 20 september 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst of een gerelateerde gemeentelijke instelling). [Handgeschreven rechtsboven:]
les. Hr. Wisma
les. Hr. Müller
les. Hr. de Boer.
[Linksboven:]
VP/HG.
30/28/8 M.
n diverse
[Handgeschreven stempel/notitie middenboven:]
Verzonden 21/9-'39
[Rechtsboven:]
20 September 1939.
[Onderwerp, links:]
Verplaatsing kantoortje
marktpersoneel Waterlooplein.
[Adressering, rechts:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 5
dezer om advies ontvangen stukken no. 579 L.M.1939 heb ik de
eer U te berichten, dat ik mij, nu het marktkantoortje op het
Waterlooplein voorloopig niet behoeft te worden verplaatst,
ermede vereenig, dat de administratieve werkzaamheden aldaar
op de bestaande wijze worden voortgezet. Wanneer te zijner
tijd tot verwijdering van het gebouwtje zal worden besloten,
kan worden nagegaan, of in de omgeving van het Waterlooplein
een geschikte lokaliteit kan worden gehuurd.
Ik geef U mitsdien beleefd in overweging deze aan-
gelegenheid voorloopig als afgedaan te beschouwen.
De Directeur, De kern van deze brief is een administratieve beslissing over de huisvesting van marktpersoneel op het Amsterdamse Waterlooplein. De "Directeur" (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Markthallen of de Marktdienst) adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen om het bestaande marktkantoortje vooralsnog te laten staan.
De schrijver stelt dat verplaatsing op dit moment niet nodig is en dat de administratie op de huidige wijze kan doorgaan. Mocht het gebouwtje in de toekomst toch weg moeten, dan zal er naar een vervangende huurlocatie in de directe omgeving worden gezocht. De brief dient als formeel advies om het dossier voorlopig te sluiten. De datum van het document, 20 september 1939, is historisch zeer relevant. De Tweede Wereldoorlog was net drie weken eerder uitgebroken met de Duitse inval in Polen, en Nederland bevond zich in een staat van mobilisatie en gespannen neutraliteit.
De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". In tijden van oorlogsdreiging was de voedselvoorziening en de distributie (Levensmiddelen) een cruciaal dossier voor het stadsbestuur. Het Waterlooplein was op dat moment het hart van de Joodse buurt in Amsterdam en een van de belangrijkste marktlocaties van de stad. Dat men besluit zaken "voorloopig" bij het oude te laten, past in het tijdsbeeld van de onzekerheid aan het begin van de oorlog; grotere structurele wijzigingen of verplaatsingen kregen geen prioriteit zolang de dagelijkse gang van zaken (de voedselvoorziening) maar doorgang vond.