Archief 745
Inventaris 745-352
Pagina 534
Dossier 11
Jaar 1941
Stadsarchief

Klad- of doorslag van een officiële correspondentie (dienstbriefje).

6 mei 1941 (met een kanttekening van 7 mei 1941).

Origineel

Klad- of doorslag van een officiële correspondentie (dienstbriefje). 6 mei 1941 (met een kanttekening van 7 mei 1941). A'dam, 6/5 - 1941
Appelboom

Naar aanleiding
van uw brief dd. 30 April jl.
bericht ik U, dat aan het daarin
vervatte verzoek niet kan
worden voldaan.
Uw naam is op 1 dezer
van de sollicitantenlijst
van de markt Westerstraat
geschrapt, wegens het
niet accepteeren van
een vaste plaats op deze
markt.

AA [initialen]


Inspecteur
Nader advies s.v.p.
7-5-'41 In dergelijke gevallen
[initialen] wordt toch steeds, als het een
vaste plaats betrof, uitstel gegeven?

HD [initialen] Het document is een zakelijke mededeling aan een persoon genaamd Appelboom. In de brief wordt meegedeeld dat een verzoek van 30 april 1941 is afgewezen. Bovendien is de geadresseerde per 1 mei 1941 van de lijst met sollicitanten voor de markt in de Westerstraat geschrapt. De reden hiervoor is dat Appelboom een aangeboden vaste plaats op de markt zou hebben geweigerd.

Interessant is de handgeschreven notitie onderaan, gericht aan een inspecteur. Een ambtenaar (mogelijk de afzender van de eerste brief of een collega) vraagt om nader advies en plaatst een kanttekening bij de beslissing: "In dergelijke gevallen wordt toch steeds, als het een vaste plaats betrof, uitstel gegeven?". Dit suggereert dat de strikte naleving van de regels in dit geval mogelijk afwijkt van de gebruikelijke gang van zaken, waarbij marktkooplieden normaal gesproken uitstel kregen om een besluit over een vaste plek te nemen. Het document dateert van mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam "Appelboom" is een veelvoorkomende Joodse achternaam in Amsterdam. In deze periode namen de anti-Joodse maatregelen van de bezetter snel toe. Joodse marktkooplieden werden stelselmatig beperkt in hun werkzaamheden.

In de loop van 1941 werden Joden uit reguliere markten (zoals de Westerstraatmarkt in de Jordaan) geweerd en werden er specifieke "Jodenmarkten" ingesteld (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie over marktplaatsen lijkt, kan de weigering van de vaste plaats of de verwijdering van de lijst verband houden met de toenemende segregatie en uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare economische leven in Amsterdam. De twijfel van de ambtenaar onderaan ("wordt toch steeds... uitstel gegeven?") kan wijzen op een bewust strengere behandeling van deze specifieke sollicitant.

Samenvatting

Het document is een zakelijke mededeling aan een persoon genaamd Appelboom. In de brief wordt meegedeeld dat een verzoek van 30 april 1941 is afgewezen. Bovendien is de geadresseerde per 1 mei 1941 van de lijst met sollicitanten voor de markt in de Westerstraat geschrapt. De reden hiervoor is dat Appelboom een aangeboden vaste plaats op de markt zou hebben geweigerd.

Interessant is de handgeschreven notitie onderaan, gericht aan een inspecteur. Een ambtenaar (mogelijk de afzender van de eerste brief of een collega) vraagt om nader advies en plaatst een kanttekening bij de beslissing: "In dergelijke gevallen wordt toch steeds, als het een vaste plaats betrof, uitstel gegeven?". Dit suggereert dat de strikte naleving van de regels in dit geval mogelijk afwijkt van de gebruikelijke gang van zaken, waarbij marktkooplieden normaal gesproken uitstel kregen om een besluit over een vaste plek te nemen.

Historische Context

Het document dateert van mei 1941, een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam "Appelboom" is een veelvoorkomende Joodse achternaam in Amsterdam. In deze periode namen de anti-Joodse maatregelen van de bezetter snel toe. Joodse marktkooplieden werden stelselmatig beperkt in hun werkzaamheden.

In de loop van 1941 werden Joden uit reguliere markten (zoals de Westerstraatmarkt in de Jordaan) geweerd en werden er specifieke "Jodenmarkten" ingesteld (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie over marktplaatsen lijkt, kan de weigering van de vaste plaats of de verwijdering van de lijst verband houden met de toenemende segregatie en uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare economische leven in Amsterdam. De twijfel van de ambtenaar onderaan ("wordt toch steeds... uitstel gegeven?") kan wijzen op een bewust strengere behandeling van deze specifieke sollicitant.

Locaties

Amsterdam ("A'dam").

Gerelateerde Documenten 2