Getypte brief (doorslag/archiefkopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/archiefkopie). De Directeur (instelling onbekend, mogelijk een gemeentelijke dienst in Amsterdam). Den Heer N.H. Rijper. Verzonden 6/11
HG.
den Heer N.H.Rijper,
Pieter Vlamingstraat 30 II,
Amsterdam-Oost.
Wijk 28.
53/86/2 M.
4 November 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 29 October jl. verzoek ik U zich één dezer dagen te willen vervoegen bij den bedrijfschef van mijn dienst, die kantoorhoudt in de Centrale Hal, No.H.69, des voormiddags tusschen 9 en 10 uur.
De Directeur, Deze korte, zakelijke brief is een formele oproep aan de heer N.H. Rijper naar aanleiding van een eerdere brief die hij op 29 oktober 1941 had gestuurd. De directeur van de betreffende dienst vraagt de ontvanger om langs te komen voor een gesprek met de bedrijfschef. De afspraak is niet strikt vastgelegd op een datum ("één dezer dagen"), maar wel op een specifiek tijdstip ("tusschen 9 en 10 uur") en op een specifieke locatie: de Centrale Hal, nummer H.69.
Het taalgebruik is typisch voor de ambtelijke correspondentie van het midden van de 20e eeuw, met archaïsche termen zoals "vervoegen bij" en "des voormiddags". De brief is een doorslag op dun papier, wat gebruikelijk was voor het archief van de verzender. De brief is gedateerd op 4 november 1941, ruim anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De locatie Amsterdam-Oost en de verwijzing naar "Wijk 28" (een wijkindeling van de gemeente) suggereren dat dit een lokale aangelegenheid betreft.
De term "Centrale Hal" zou kunnen verwijzen naar de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, waar veel administratieve en logistieke diensten waren gevestigd. Gezien de periode kan een dergelijk verzoek om zich te "vervoegen" te maken hebben met zaken als werkverschaffing, distributiekaarten of andere administratieve verplichtingen die onder het bezettingsregime werden aangescherpt. De exacte aard van de dienst of het onderwerp van de brief van de heer Rijper blijft zonder aanvullende documenten onduidelijk, maar de dwingende toon is kenmerkend voor overheidscorrespondentie uit deze crisisperiode. N.H. Rijper