Handgeschreven memo op een gedrukt formulier ("Bijblad").
Origineel
Handgeschreven memo op een gedrukt formulier ("Bijblad"). [Gedrukte tekst linksboven]
B I J B L A D V A N :
M. No. 46A/V.S.O./1 1942
DOORGEZONDEN: 20/7-42
[Handgeschreven tekst, bovenzijde]
827
S.v.p. in vloeiboek
Th. Stam
S.v.p. spoedig advies.
[Hoofdtekst]
5 Juli heeft P. Vrees moedwillig zijn beurt laten voorbij gaan, van de gerookte aal. Hij was in de hal en hij had bij de lev. aal en zoetwatervisch geen boodschap, dus hij kon met alle gemak bij de uitdeeling van gerookte aal geweest zijn. Maar Huisman was bezig met een partijtje aal, wat niet zoo mooi was en daarom heeft hij zich, toen hij afgeroepen werd, weg gehouden. En een poosje later, toen Huisman aan een beter soort bezig was, kwam hij voor den dag en wilde hij nog zijn gerookte aal hebben, hoewel zijn beurt reeds voorbij was gegaan. Zoodoende is hem de aal geweigerd. Dat P. Vrees achtergehouden worden bij anderen, dat is een vuile leugen, want bij mij in de vischhal is ieder één gelijk. 202
[Kantlijn tekst rechts]
Er wordt toch aan niemand, wiens beurt was worden overgeslagen, later nog visch gegeven?)
ThS. 3/8 '42
[Voetnoot links]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727 Het document is een rapportage over een incident dat plaatsvond op 5 juli 1942 bij de distributie van vis. Een zekere P. Vrees wordt ervan beschuldigd opzettelijk zijn beurt te hebben overgeslagen bij de uitdeling van gerookte paling ("aal"), omdat de kwaliteit van de op dat moment aangeboden partij hem niet aanstond. Zodra er een "beter soort" paling werd uitgedeeld door de ambtenaar Huisman, meldde Vrees zich alsnog.
De schrijver van het rapport (waarschijnlijk Th. Stam) stelt dat Vrees de toegang tot de paling is geweigerd omdat zijn beurt officieel voorbij was. Vrees heeft blijkbaar een klacht ingediend dat hij werd achtergesteld bij anderen, wat door de schrijver krachtig wordt ontkend en afgedaan als een "vuile leugen". De nadruk ligt op de rechtvaardigheid van het systeem: "in de vischhal is ieder één gelijk".
In de kantlijn vraagt Th. Stam (gedateerd 3 augustus) om een bevestiging van het beleid: dat er inderdaad nooit vis wordt nageleverd aan mensen die hun beurt hebben gemist. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1942 was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiesysteem met bonnen en vaste beurten. Schaarse goederen zoals gerookte paling waren onderhevig aan strenge controle om zwarte handel en vriendjespolitiek te voorkomen.
De afkorting "V.S.O." in het kenmerk staat mogelijk voor een lokale of regionale afdeling van de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Incidenten zoals beschreven in dit document, waarbij burgers probeerden het systeem te omzeilen voor een betere kwaliteit of grotere hoeveelheid, waren aan de orde van de dag en werden door de autoriteiten hoog opgenomen om de sociale orde en de schijnbare eerlijkheid van de rantsoenering te handhaven. M. No P. Vrees