Proces-verbaal van de Politie te Amsterdam (Marktwezen).
Origineel
Proces-verbaal van de Politie te Amsterdam (Marktwezen). 3 juni 1942. [Links boven, getypt:]
PRO JUSTITIA.
Marktwezen No. 77/43/1 M.
POLITIE TE AMSTERDAM.
2e sectie 2e afdeeling.
No.
Gezien [Rode paraaf/stempel]
[Rechts boven, handgeschreven:]
Hoofdkantoor
[Rechts boven, getypt:]
PROCES-VERBAAL.
Proces-verbaal contra Jan Cornelis van Bok, oud 19 jaar, knecht, wonende Tuinstraat 44 huis te Amsterdam Centrum, verdacht van diefstal van 33 ledige kisten, ten nadeele van Cornelis de Mooy, oud 39 jaar, grossier in groenten, gevestigd op de Centrale Markt te Amsterdam, wonende Moleneinde 33 te Rijnsburg (Zuidholland).
Op Woensdag 3 Juni 1942, omstreeks 12.30 uur n.m. werd mij, ondergeteekende, Barend Felthuis, ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter dezer gemeente, dienstdoende op de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat alhier, door een mij bekend persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd Willem de Mooy, oud 19 jaar, knecht, wonende Brouwerstraat 122 huis te Rijnsburg (Z.H.) het volgende medegedeeld en verklaarde hij:
"Ik ben als knecht in dienst bij mijn broer Cornelis de Mooy, die als grossier in groenten van het Marktwezen pakhuis D 19 van de Centrale Markt in huur heeft. Aan de achterzijde van dit pakhuis stond hedenmorgen om circa 10.30 uur een partij ledige kisten, afkomstig van de groentenveiling te Delft. Deze kisten had mijn broer ontvangen van verschillende kooplieden, die bij hem geregeld hun handel betrekken. Voor elk van deze kisten heeft mijn broer aan de veiling te Delft een gulden aan statiegeld betaald. Toen ik op Woensdag 3 Juni 1942 om circa 10.30 uur het pakhuis had verlaten en daar op dienzelfden dag omstreeks 12.20 uur n.m. terug kwam, bemerkte ik, dat van de besproken stapel Delftsche kisten 33 kisten verdwenen waren. Ik heb mij terstond naar pier C van de Centrale Markt begeven, alwaar is gevestigd de kistencentrale van Barend van Dijk, alwaar ik vernam, dat omstreeks 11.30 uur v.m. een persoon 33 ledige kisten, afkomstig van de veiling te Delft, had ingeleverd. Ik acht het niet onmogelijk, dat dit dezelfde kisten zijn, die van de stapel van mijn broer verdwenen zijn."
Naar aanleiding van deze verklaring heb ik, verbalisant, mij met De Mooy naar pier C van de Centrale Markt begeven, alwaar is gevestigd een kistencentrale van den mij bekenden Barend van Dijk, die aldaar tegen eenige provisie van kooplieden gangbare ledige kisten in ontvangst neemt en op zijn beurt deze kisten weer doorzendt naar de veiling, vanwaar ze afkomstig zijn. De knecht van Van Dijk, die mij desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Jan Stornebrink, oud 37 jaar en wonende Marnixstraat 137 II te Amsterdam-Centrum. verklaarde mij desgevraagd als volgt:
"Hedenmorgen omstreeks 11.30 uur heeft een mij van aanzien bekend persoon bij mij 33 ledige kisten ingeleverd, welke kisten, gezien het daarop aangebrachte merk, afkomstig waren van de groenteveiling te Delft. Ik heb aan dezen persoon hiervoor een ontvangstbewijs gegeven op vertoon waarvan hem waarschijnlijk door onzen boekhouder een emballagebon is verstrekt."
Hierna heb ik gehoord op 3 Juni 1942 den mij bekenden Christiaan van Kampen, oud 25 jaar, boekhouder bij Van Dijk, wonende Da Costakade 198 te Amsterdam-West, die mij verklaarde:
"Hedenmorgen omstreeks 11.30 uur, vervoegde zich bij mij aan het loket een mij bekend persoon, genaamd Jan van Bok, die mij een bewijs overhandigde, waaruit bleek, dat hij 33 ledige kisten had ingeleverd à f 1,- per stuk. Ik heb aan Van Bok hiervoor emballagebon No.488 ter hand gesteld, op afgifte van welke bon aan hem f 32,01 kon worden uitbetaald, zijnde het bedrag aan statiegeld van de kisten, verminderd met de provisie voor het verder verzorgen hiervan. Uitbetaling van het statiegeld heeft op dezen...
--- Het document beschrijft een geval van diefstal en snelle verhandeling van emballage op de Centrale Markt in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- De gebeurtenis: Op de ochtend van 3 juni 1942 verdwijnen er 33 houten kisten (met een statiegeldwaarde van 1 gulden per stuk) bij pakhuis D 19. De kisten zijn eigendom van grossier Cornelis de Mooy.
- De modus operandi: De verdachte, de 19-jarige Jan van Bok, steelt de kisten en brengt ze vrijwel direct naar een nabijgelegen kistencentrale (Barend van Dijk) op pier C. Hij levert ze in voor het statiegeld.
- De ontdekking: De broer van de eigenaar, Willem de Mooy, ontdekt de vermissing binnen twee uur en gaat direct op onderzoek uit bij de inleverpunten op de markt.
- Het bewijs: Zowel de knecht van de kistencentrale als de boekhouder herkennen Van Bok ("een mij van aanzien bekend persoon"). Er is een papierstroom (emballagebon No. 488) die de transactie van 32,01 gulden (statiegeld minus commissie) bevestigt.
--- Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse gang van zaken op de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam) tijdens de Duitse bezetting:
- Schaarste en Waarde: In 1942 was er door de oorlogssituatie een groot tekort aan materialen, waaronder hout. De waarde van 33 gulden voor ledige kisten was aanzienlijk; ter vergelijking, een gemiddeld weekloon voor een arbeider lag in die tijd rond de 20 tot 30 gulden. De diefstal van deze kisten was dus een lucratieve misdaad.
- Toezicht: Het "Marktwezen" was een specifieke politiedienst die toezag op de handel en orde op de marktterreinen. De verbalisant is zowel ambtenaar als "onbezoldigd veldwachter", wat duidt op de verwevenheid van markttoezicht en lokale wetshandhaving.
- Logistiek: De vermelding van de veiling in Delft en de herkomst van de betrokkenen uit Rijnsburg onderstreept de regionale logistieke functie van de Amsterdamse Centrale Markt als spil in de voedselvoorziening van West-Nederland.
- Tijdgeest: Ondanks de oorlog gaat de bureaucratie en de vervolging van 'gewone' criminaliteit (diefstal) onverminderd door. De terminologie ("v.m." en "n.m.") en de formele toon zijn typerend voor de Nederlandse politieadministratie uit de eerste helft van de 20e eeuw.