Officieel schrijven / Circulaire.
Origineel
Officieel schrijven / Circulaire. 2 februari 1943. [Briefhoofd]
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
2e ADELHEIDSTRAAT 300 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREK. 245271 - TELEGRAMADRES: NEDVISCEN - TEL. 720080-772162 - INTERCOMM. XX
VOOR AFDEELING DISTRIBUTIE TELEFOON 722641
[Body]
Afd. Prijzen. № 2778/50. 's-Gravenhage, 2 Febr. 1943.
Betreffende: afmeting too-
ters, haring en zeebliek.
A A N
BELANGHEBBENDEN.
[Stempel in paars]
No. 46ª/44/1 M. 1943 3/2
[Inhoud]
Vooruitloopende op een wijziging, tevens aanvulling van de Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch, deelen wij U mede, dat voor versche haring en jonge versche haring de volgende maten zullen gelden:
versche haring 21 cm en grooter
jonge versche haring (tooters)
13 - 21 cm.
Als gevolg hiervan wordt de maat voor zeebliek bepaald op kleiner dan 13 cm.
NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE,
[Ondertekening: N. J. Hamm.]
[Voetnoot]
(A) 40682 - '42 - K 1186 Dit document is een officiële mededeling van de Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) aan "belanghebbenden" (waarschijnlijk handelaren, visserijbedrijven en controleurs). Het doel is het vastleggen van de exacte afmetingen voor verschillende categorieën haring.
Er wordt een strikt onderscheid gemaakt tussen drie groepen op basis van lengte:
1. Versche haring: 21 cm of groter.
2. Jonge versche haring (ook wel "tooters" genoemd): tussen de 13 en 21 cm.
3. Zeebliek: kleiner dan 13 cm.
De tekst verwijst naar een aanpassing van de "Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch". De handgeschreven aantekeningen (zoals "Geh" wat mogelijk staat voor 'Geheim' of een afkorting van een naam/afdeling, en de paraaf) duiden op administratieve verwerking binnen de organisatie. Het document dateert uit februari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties (onder toezicht).
De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) speelde een cruciale rol in de distributie en prijsbepaling van vis. Omdat veel voedsel op de bon was of naar Duitsland werd uitgevoerd, was het essentieel om exact vast te leggen wat voor soort product werd verhandeld. De prijs van vis werd bepaald door de soort en de grootte; door de maten nu officieel vast te leggen, werd prijsopdrijving of sjoemelen met categorieën (bijvoorbeeld kleine haring verkopen als duurdere grote haring) bemoeilijkt. "Zeebliek" (vaak jonge haring of sprot) werd in die tijd veelvuldig geconsumeerd als goedkoop alternatief voor grotere vis. J. Hamm