Archief 745
Inventaris 745-415
Pagina 33
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Zakelijke brief / Verzoekschrift

17 mei 1943 Van: J.H. van der Kooy, Grossier in Groenten en Fruit Aan: Directeur van het Marktwezen, Amsterdam Dossier: 53/26/1

Origineel

Zakelijke brief / Verzoekschrift 17 mei 1943 J.H. van der Kooy, Grossier in Groenten en Fruit Directeur van het Marktwezen, Amsterdam [Briefhoofd]
J.H. van der Kooy,
Schalkburgerstraat 327.
Tel. 391792 - Den Haag.
Groenten - Fruit en Gros

[Linksboven, gestempeld/geschreven]
No. 53/26/1 M. 1943 19/5

[Rechtsboven]
den Haag, 17 Mei 1943

[Adres]
Den WelEd. Heer Directeur
van het Marktwezen,
A m s t e r d a m.

[Midden-rechts, handgeschreven potloodnotitie]
ni. Dir.

[Inhoud]
WelEd. Heer,

Door dezen verzoekt ondergetekende U beleefd om op de Centrale Markt een standplaats te mogen innemen.

De bewijsstukken, dat hij op vijf veilingen een toewijzing heeft, deed hij U reeds toekomen. Hij verzoekt U thans deze aan dit verzoekschrift te hechten. Hier kan nog aan toe voegen, dat in de maanden Augustus t/m December zijn toewijzing nog met 1/25 deel wordt vergroot.

Hij verzoekt U beleefd zijn verzoek in ernstige overweging te nemen en ziet met vertrouwen Uw antwoord tegemoet.

In afwachting tekent hij,

Hoogachtend,
[Handtekening: J.H. v d Kooy]

[Linksonder, handgeschreven ambtelijke notitie in inkt]
Tel. mededeeling uit den Haag 19/6-43
dat op gedrag van Kooy niets is aan-
te merken. Aldaar verklaarde hij niet anders
dan producten aan eenige grossiers op
C.M. te willen consigneren.

In dit geval kan Kooy een kaart krijgen
waarop hij 2 uur na begin der markt
op het terrein komen. -

Indien Kooy toch op de C.M. wilt verkoopen dan
dienen wij de G. en F. Contrôleur vragen
of Kooy in dat geval zijn punten
blijft behouden. - Het document is een formeel verzoek van een Haagse groothandelaar (grossier) om een standplaats op de Centrale Markt (C.M.) in Amsterdam. De toon is uiterst beleefd en volgt de toenmalige zakelijke etiquette.

De kern van de aanvraag is dat de afzender aantoont over voldoende toewijzingen van vijf verschillende veilingen te beschikken, wat cruciaal was om toestemming te krijgen voor handel op de centrale markt.

De handgeschreven kanttekeningen onderaan zijn ambtelijke notities, waarschijnlijk van een medewerker van het Marktwezen. Hieruit blijkt dat er antecedentenonderzoek is gedaan ("gedrag van Kooy niets aan te merken") en dat er een compromis wordt voorgesteld: hij mag de markt op, maar pas twee uur na aanvang. Ook wordt er verwezen naar de controle op "punten", wat duidt op de distributie- en rantsoeneringsregels die destijds van kracht waren. Deze brief is geschreven in mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De handel in levensmiddelen was in deze periode strikt gereguleerd door de overheid (de crisisorganisatie en later de bezettingsautoriteiten).

De "Centrale Markt" aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam was het kloppend hart van de voedseldistributie voor de stad. Vanwege de schaarste was het innemen van een standplaats niet vrijblijvend; men moest aantonen over de juiste papieren en "toewijzingen" van veilingen te beschikken. De vermelding van "punten" in de handgeschreven tekst verwijst naar het distributiestelsel: handelaren moesten verantwoording afleggen over de hoeveelheid producten die zij verhandelden in relatie tot de beschikbare distributiebonnen. De G. en F. Contrôleur (Groenten en Fruit) was de instantie die toezag op de naleving van deze complexe oorlogsregels. F. Contr Marktwezen

Samenvatting

Het document is een formeel verzoek van een Haagse groothandelaar (grossier) om een standplaats op de Centrale Markt (C.M.) in Amsterdam. De toon is uiterst beleefd en volgt de toenmalige zakelijke etiquette.

De kern van de aanvraag is dat de afzender aantoont over voldoende toewijzingen van vijf verschillende veilingen te beschikken, wat cruciaal was om toestemming te krijgen voor handel op de centrale markt.

De handgeschreven kanttekeningen onderaan zijn ambtelijke notities, waarschijnlijk van een medewerker van het Marktwezen. Hieruit blijkt dat er antecedentenonderzoek is gedaan ("gedrag van Kooy niets aan te merken") en dat er een compromis wordt voorgesteld: hij mag de markt op, maar pas twee uur na aanvang. Ook wordt er verwezen naar de controle op "punten", wat duidt op de distributie- en rantsoeneringsregels die destijds van kracht waren.

Historische Context

Deze brief is geschreven in mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De handel in levensmiddelen was in deze periode strikt gereguleerd door de overheid (de crisisorganisatie en later de bezettingsautoriteiten).

De "Centrale Markt" aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam was het kloppend hart van de voedseldistributie voor de stad. Vanwege de schaarste was het innemen van een standplaats niet vrijblijvend; men moest aantonen over de juiste papieren en "toewijzingen" van veilingen te beschikken. De vermelding van "punten" in de handgeschreven tekst verwijst naar het distributiestelsel: handelaren moesten verantwoording afleggen over de hoeveelheid producten die zij verhandelden in relatie tot de beschikbare distributiebonnen. De G. en F. Contrôleur (Groenten en Fruit) was de instantie die toezag op de naleving van deze complexe oorlogsregels.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente Kruidenier (Droog): Meel Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 5