Archief 745
Inventaris 745-424
Pagina 87
Dossier 24
Jaar 1944
Stadsarchief

Dienstverslag / Rapportage van marktcontroleurs.

Origineel

Dienstverslag / Rapportage van marktcontroleurs. [Links boven:]
Controleurs
Lak en
Bekkering

[Midden boven:]
I

[Rechts boven:]
Ambt. Dir. [?]

Aan den Heer,
Inspecteur
Marktwezen
Alhier.

Rapport over
donderdag 30 November 1944 t/m
Zaterdag 2 December 1944.

9 - 10. Markt Albert Cuypstraat en omgeving
geen bijzonder.

10 - 14. Opdracht Inspecteur
onderzoek verkoop bliek bij de Munk
in de Jordaan, zie rapport Bekkering.

15 - 16 Albert Cuypstraat en omgeving
geen bijzonder.

[Horizontale scheidingslijn]

Vrijdag 1 December 1944.

9 - 11. Albert Cuypstraat ~~markt~~ en markt;
Geen bijzonderheden, behoudens eenige
clandestiene venters met shag- strooptafel enz.
welke van de markt verwijderd zijn.

11 - 14.30 Controle Zuid

A. Boersma . V. Woustraat 354.
winkel: zeevisch * Administratieve routine: Het document is een formeel, bondig verslag gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen. Het volgt een strak tijdschema, wat wijst op een gestructureerde surveillance van de stad.
* Handhaving in oorlogstijd: De nadruk ligt op de controle van de Albert Cuypmarkt, destijds (en nu nog steeds) een cruciaal handelspunt. De inspecteurs rapporteren wanneer er "geen bijzonderheden" zijn, wat impliceert dat de orde gehandhaafd bleef.
* Clandestiene handel: De vermelding van "clandestiene venters" met "shag- strooptafel" is zeer typerend voor 1944. Vanwege de extreme schaarste ontstond een levendige zwarte markt in begeerde goederen zoals tabak (shag) en zoetstoffen (stroop). De autoriteiten probeerden deze ongecontroleerde handel te beperken.
* Voedselvoorziening: Het onderzoek naar de verkoop van "bliek" (een kleine witvis) in de Jordaan en de controle bij de viswinkel van Boersma in de Van Woustraat laten zien hoe scherp er werd gelet op de distributie van schaars voedsel. Dit rapport is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland, specifiek aan het begin van de Hongerwinter (1944-1945). Na de geallieerde opmars in het zuiden en de spoorwegstaking van september 1944, blokkeerden de Duitsers voedseltransporten naar het westen van Nederland.

In deze periode was bijna alles op de bon, maar de officiële rantsoenen waren volstrekt onvoldoende om van te overleven. Dit leidde tot een explosie van de zwarte markt. Ambtenaren van het Marktwezen hadden de ondankbare taak om toezicht te houden op de schaarse officiële voorraden en de illegale handel (woeker) tegen te gaan. De vermelding van "bliek" is veelzeggend; mensen probeerden alles wat eetbaar was te bemachtigen, inclusief kleine visjes die normaal gesproken minder gewild waren. De Albert Cuypstraat was in deze jaren een plek van bittere noodzaak, waar Amsterdammers hoopten nog iets van extra voedsel of brandstof te kunnen bemachtigen. Controleurs Lak en Bekkering; Inspecteur Marktwezen; A. Boersma (winkelier); De Munk.

Samenvatting

  • Administratieve routine: Het document is een formeel, bondig verslag gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen. Het volgt een strak tijdschema, wat wijst op een gestructureerde surveillance van de stad.
  • Handhaving in oorlogstijd: De nadruk ligt op de controle van de Albert Cuypmarkt, destijds (en nu nog steeds) een cruciaal handelspunt. De inspecteurs rapporteren wanneer er "geen bijzonderheden" zijn, wat impliceert dat de orde gehandhaafd bleef.
  • Clandestiene handel: De vermelding van "clandestiene venters" met "shag- strooptafel" is zeer typerend voor 1944. Vanwege de extreme schaarste ontstond een levendige zwarte markt in begeerde goederen zoals tabak (shag) en zoetstoffen (stroop). De autoriteiten probeerden deze ongecontroleerde handel te beperken.
  • Voedselvoorziening: Het onderzoek naar de verkoop van "bliek" (een kleine witvis) in de Jordaan en de controle bij de viswinkel van Boersma in de Van Woustraat laten zien hoe scherp er werd gelet op de distributie van schaars voedsel.

Historische Context

Dit rapport is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland, specifiek aan het begin van de Hongerwinter (1944-1945). Na de geallieerde opmars in het zuiden en de spoorwegstaking van september 1944, blokkeerden de Duitsers voedseltransporten naar het westen van Nederland.

In deze periode was bijna alles op de bon, maar de officiële rantsoenen waren volstrekt onvoldoende om van te overleven. Dit leidde tot een explosie van de zwarte markt. Ambtenaren van het Marktwezen hadden de ondankbare taak om toezicht te houden op de schaarse officiële voorraden en de illegale handel (woeker) tegen te gaan. De vermelding van "bliek" is veelzeggend; mensen probeerden alles wat eetbaar was te bemachtigen, inclusief kleine visjes die normaal gesproken minder gewild waren. De Albert Cuypstraat was in deze jaren een plek van bittere noodzaak, waar Amsterdammers hoopten nog iets van extra voedsel of brandstof te kunnen bemachtigen.

Locaties

Amsterdam (Albert Cuypstraat Jordaan Amsterdam-Zuid).

Gerelateerde Documenten 3