Handgeschreven conceptbrief of interne memo.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief of interne memo. 22 juni 1944. Vermoedelijk een ambtenaar werkzaam bij een controlerend orgaan (gezien de paraaf en dossiernummers). (De tekst bevat diverse doorhalingen die hier cursief tussen haakjes zijn weergegeven of zijn weggelaten voor de leesbaarheid van het uiteindelijke concept.)
[Linksboven:]
onderwerp:
vestiging H. Klok.
Vertrouwelijk.
[Rechtsboven:]
a/h Bedrijfschap Vissch. prod.
[Hoofdtekst:]
In antwoord op Uw brief d.d. 1 Juni j.l. no. 11879/A.Z./ We berichtten U, dat ~~volgens informatie~~ hier navraag, ~~dat adressant zich maar voor een deel bezighoudt met de handel van visch te~~ als commissionair in en verkoop visch de vestiging aan- ~~vroeg~~ ~~in deze branche.~~
Bepaalde feiten te zijnen laste zijn mij echter niet bekend. ~~L zou in de handel op de mogelijke controle~~
Met het oog op de uitgebrachte adviezen lijkt het mij echter niet gewenscht het aantal winkels ~~niet~~ uit te breiden ~~vergunning tot het vestigen van een winkel te verleenen.~~
[Linksonder:]
460/102/L
[Middenonder:]
22/6 '44
[Rechtsonder:]
[Onleesbare paraaf, mogelijk G.D.]
[Verticale kantlijnnotitie links:]
L mededeelt vergunning verl. [verleend] aan Klok dat vestiging te IJmuiden een onderzoek zou worden ingesteld. Dit document is een kladversie van een ambtelijk schrijven betreffende een vestigingsvergunning voor een vishandel in IJmuiden. De tekst is zwaar geredigeerd, wat duidt op een zorgvuldige afweging van de formulering.
Kernpunten uit de tekst:
1. Aanvraag: H. Klok heeft een aanvraag ingediend om zich als commissionair in de vishandel te vestigen.
2. Onderzoek: Er is navraag gedaan naar de achtergrond van de aanvrager. Hoewel er "geen feiten te zijnen laste" bekend zijn (wat in 1944 vaak sloeg op politieke betrouwbaarheid of economische delicten), is er twijfel over de noodzaak van uitbreiding van het aantal winkels.
3. Besluitvorming: De hoofdtekst lijkt te neigen naar een afwijzing van uitbreiding ("niet gewenscht het aantal winkels uit te breiden"), maar de latere kantlijnnotitie suggereert dat er toch een vergunning is verleend of dat er nog een nader onderzoek wordt ingesteld. Het document dateert van 22 juni 1944, twee weken na D-Day, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de distributie van levensmiddelen, waaronder vis, streng gereguleerd door de bezetter en de daaraan ondergeschikte bedrijfschappen.
IJmuiden was als belangrijke vissershaven een strategisch en economisch cruciaal punt. Het "Bedrijfschap voor Visscherijproducten" was een zogenaamde PBO-instelling (Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie) die in de oorlogstijd werd gebruikt om de productie en handel te controleren en te kanaliseren. Vestigingsvergunningen werden in deze tijd niet alleen getoetst op economische behoefte, maar vaak ook op de politieke gezindheid van de aanvrager ten opzichte van het regime.