Archief 745
Inventaris 745-432
Pagina 207
Dossier 17
Jaar 1944
Stadsarchief

Getypt extract (doorslag) uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.

18 februari 1944.

Origineel

Getypt extract (doorslag) uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 18 februari 1944. [Linksboven stempel/aantekening:]
No 46/c/2/1/1 M.1944 6/3

[Rechtsboven handgeschreven:]
v. Marktwezen
072
[Paraaf]
[Handgeschreven aantekening, deels onleesbaar:] m.v. der... [?] det. HvP.


No.53/2 L.M.1944

Uitsluiting van vischkooplieden van de vischverdeeling.

E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.

Vrijdag, 18 Februari 1944.

Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam:
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied betreffende bijzondere maatregelen op administratiefrechtelijk gebied, (Verordeningenblad voor het bezette Nederlandsche gebied, Stuk 33, No.152 Gemeenteblad 1941, afdeeling 4, volgno.517);
Gezien de rapporten van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen dd. 25 Januari en 9 Februari 1944 No.46c/2/1 d.M.

B e s l u i t :

de vischhandelaren H.F.Brandenburgh, Joh.J.Brandenburgh en Th.A.Brandenburgh, gerekend te zijn ingegaan 25 Januari 1944 voor den tijd van vier maanden van de verdeeling van visch aan den afslag uit te sluiten, derhalve tot en met 24 Mei 1944, op grond van de volgende feiten:
a. dat zij op 13 Januari 1944 het publiek op de hun aangewezen verkoopplaats onnooodig lang hebben laten wachten, doordat zij, in stede van direct van den vischafslag naar hun verkoopplaats te gaan, zich geruimen tijd onder weg hebben opgehouden met het sorteeren van de visch;
b. dat zij dien dag 13 kg visch te weinig op hun verkoopplaats hebben aangevoerd.

Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeeling Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks).

GM. [Paraaf: AN]
Voor eensluidend extract
de Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN [Stempel in blauw/paars] Dit document is een officieel besluit van de (tijdens de bezetting aangestelde) burgemeester van Amsterdam, Edward Voûte. Het betreft een administratieve sanctie tegen drie visboeren, vermoedelijk familieleden (H.F., Joh.J. en Th.A. Brandenburgh).

De straf is fors: een uitsluiting van vier maanden van de visafslag. In een tijd van schaarste en distributie betekende dit effectief een tijdelijk beroepsverbod en het wegvallen van inkomsten. De redenen voor de straf zijn tweeledig:
1. Logistieke vertraging: Ze lieten klanten wachten door onderweg te sorteren in plaats van direct naar de standplaats te gaan.
2. Tekort in aanvoer: Ze voerden 13 kg minder vis aan dan verwacht of geregistreerd.

Het document illustreert de strenge controle op de voedselvoorziening en de tuchtrechtelijke aanpak van de gemeente onder toezicht van de bezetter. Het document dateert van februari 1944, een periode waarin de voedselvoorziening in bezet Nederland steeds moeizamer werd. De controle op handelaren was extreem streng om zwartmarkthandel te voorkomen en de distributie onder controle van de overheid te houden.

De juridische basis die wordt aangehaald — de Achtste Verordening van de Rijkscommissaris (Arthur Seyss-Inquart) — gaf de bezettende macht en de meewerkende lokale autoriteiten verregaande bevoegdheden om in te grijpen in het economische leven zonder tussenkomst van een reguliere rechter. De afdeling "Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen" was de gemeentelijke instantie die tijdens de oorlogsjaren verantwoordelijk was voor de primaire levensbehoeften en de hygiëne in de stad. De naam J.F. Franken verwijst naar de toenmalige gemeente-secretaris die dergelijke besluiten bekrachtigde.

Samenvatting

Dit document is een officieel besluit van de (tijdens de bezetting aangestelde) burgemeester van Amsterdam, Edward Voûte. Het betreft een administratieve sanctie tegen drie visboeren, vermoedelijk familieleden (H.F., Joh.J. en Th.A. Brandenburgh).

De straf is fors: een uitsluiting van vier maanden van de visafslag. In een tijd van schaarste en distributie betekende dit effectief een tijdelijk beroepsverbod en het wegvallen van inkomsten. De redenen voor de straf zijn tweeledig:
1. Logistieke vertraging: Ze lieten klanten wachten door onderweg te sorteren in plaats van direct naar de standplaats te gaan.
2. Tekort in aanvoer: Ze voerden 13 kg minder vis aan dan verwacht of geregistreerd.

Het document illustreert de strenge controle op de voedselvoorziening en de tuchtrechtelijke aanpak van de gemeente onder toezicht van de bezetter.

Historische Context

Het document dateert van februari 1944, een periode waarin de voedselvoorziening in bezet Nederland steeds moeizamer werd. De controle op handelaren was extreem streng om zwartmarkthandel te voorkomen en de distributie onder controle van de overheid te houden.

De juridische basis die wordt aangehaald — de Achtste Verordening van de Rijkscommissaris (Arthur Seyss-Inquart) — gaf de bezettende macht en de meewerkende lokale autoriteiten verregaande bevoegdheden om in te grijpen in het economische leven zonder tussenkomst van een reguliere rechter. De afdeling "Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen" was de gemeentelijke instantie die tijdens de oorlogsjaren verantwoordelijk was voor de primaire levensbehoeften en de hygiëne in de stad. De naam J.F. Franken verwijst naar de toenmalige gemeente-secretaris die dergelijke besluiten bekrachtigde.

Gerelateerde Documenten 3