Brief (typoscript met handgeschreven kanttekeningen)
Origineel
Brief (typoscript met handgeschreven kanttekeningen) 19 juli 1944 De Directeur (van de Centrale Markt Amsterdam) Den Heer G. van Hilten, Govert Flinckstraat 252 I, Amsterdam-Zuid. (Bovenaan handgeschreven in potlood:)
ber.chy [?]
77/4/7aM. SV.
19 Juli 1944.
Den Heer G. van Hilten
Govert Flinckstraat 252 I
Amsterdam-Zuid.
===============
Hierbij deel ik U mede, dat mij door den Inspecteur voor de Prijsbeheersching is bericht, dat U wegens overtreding van de maximumprijzen is gestraft met sluiting van Uw bedrijf voor den tijd van 2 jaren, ingaande 8 Augustus 1944.
Op grond van het bepaalde in artikel 35 lid 3 van het Reglement op de Centrale Markt wordt U gedurende die sluiting geen toegang tot de Centrale Markt verleend.
De Directeur,
(Handgeschreven aantekeningen onderaan:)
(Links in cirkel, zwarte inkt:)
av:
24/7 44
[Paraaf]
(In zwarte inkt:)
heeft geen personeel. 24/7 44.
H. raden de twee broers hebben
toegang tot CM als kopers. [Paraaf B.]
(In rode inkt:)
heeft deze man personeel
of anderen die voor zijn zaak
toegang hebben tot de CM.?
[Paraaf] * Strekking: De brief informeert een handelaar (G. van Hilten) dat zijn bedrijf voor twee jaar wordt gesloten door de Inspecteur voor de Prijsbeheersching. Als directe consequentie wordt hem de toegang tot de Centrale Markt ontzegd.
* Handgeschreven toevoegingen: De notities onderaan laten een ambtelijke discussie zien over de praktische uitvoering. Er wordt vastgesteld dat de man geen personeel heeft, maar dat zijn broers blijkbaar wel toegang tot de markt behouden als kopers. De vraag in rode inkt dient ter verificatie: men wil zeker weten of er geen mazen in de wet zijn waardoor de zaak via personeel toch toegang zou kunnen krijgen.
* Juridische grondslag: Er wordt expliciet verwezen naar Artikel 35 lid 3 van het Reglement op de Centrale Markt om de toegangsontzegging te rechtvaardigen. * Tijdskader: Juli 1944, de late bezettingstijd in Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening kritiek en werd er streng gecontroleerd op de 'zwarte handel' en prijsopdrijving.
* De Inspecteur voor de Prijsbeheersching: Dit was een controle-orgaan (ingesteld in 1940) dat toezag op de naleving van maximumprijzen. Straffen zoals een jarenlange sluiting waren in deze periode niet ongebruikelijk als afschrikkingsmiddel tegen prijs-overtredingen.
* Centrale Markt: De Centrale Markt in Amsterdam (Jan van Galenstraat) was het hart van de distributie van groenten, fruit en andere levensmiddelen. Een ontzegging van de toegang betekende voor een handelaar in feite een totaal beroepsverbod.