Proces-verbaal / Verslag van voorlopig verhoor.
Origineel
Proces-verbaal / Verslag van voorlopig verhoor. 28 juni 1939 (betreffende een voorval op 27 juni 1939). (De tekst wordt exact weergegeven, inclusief typefouten en handgeschreven correcties tussen vierkante haken of als doorhalingen.)
3
XXXXXXXXXXX
2e 2e
stonden reeds bakken tomaten. De geladen lorrie werd naar buiten gereden. Aangezien ik dit optreden van Sluyter niet vertrouwde, waarschuwde ik den Heer van Es, directeur van de Nederlandsche Veiling. Ik wees hem de plaats buiten de opslagruimte van de Veiling, waarheen Sluyter zich begeven had en inderdaad troffen wij daar de 4 uit de opslagruimte weggenomen 4 bakken komkommers nog aan. De heer van Es bevestigde dat deze komkommers niet aan Sluyter in eigendom toebehoorden. De door Sluyter weggenomen 4 bakken komkommers waren gemerkt Nederlandsche Veiling Amsterdam en zijn dezelfden, welke U mij toont (ik, verbalisant toon van Itterzon de door mij overgenomen 4 kisten gele komkommers, gemerkt Nederlandsche Veiling Amsterdam.) Verder kan ik U niets mededeelen, daar ik de zaak verder aan den directeur van de Nederlandsche Veiling heb overgelaten."
Op Woensdag 28 Juni 1939 voorloopig verhoord een persoon, die mij desgevraagd opgaf te zijn genaamd
LEVIE SLUYTER,
geboren te Amsterdam, 17 Juli 1879, koopman, wonende 2e Oosterparkstraat 81 II te Amsterdam(Oost). Na oorspronkelijk anders verklaard te hebben verklaarde hij: "Ik bevond mij Dinsdag 27 Juni 1939 te ongeveer 10.30 uur voormiddags in de opslagruimte van de Nederlandsche Veiling om door mij gekochte goederen op te laden. Op lorrie No 21, welke ik van de Veiling in gebruik had, stonden reeds bakken tomaten, welke ik op de Veiling gekocht had. Terwijl ik mij in de veilingruimte bevond, zag ik [Doorhaling twee woorden ggk.] ook kisten komkommers staan, gemerkt Nederlandsche Veiling ~~xxx~~ ~~kant~~ Amsterdam. Ik wist dat deze komkommers waren doorgedraaid. Aangezien ik ook weet dat doorgedraaide groenten vernietigd worden, meende ik niet veel kwaad te doen door ze op te laden met de bedoeling er over te beschikken. Ik laadde dan ook 4 kisten gele komkommers (200 stuks) op de bij mij in gebruik zijnde lorrie en reed deze lorrie buiten de opslagruimte. Daar zette ik de 4 kisten komkommers van de lorrie op den grond, in de nabijheid van de goederen, welke ik gekocht had en welke ik zooals gebruikelijk door een expediteur laat vervoeren Het was mijn bedoeling om mij de komkommers toe te eigenen, ofschoon ik wist dat ze mij niet in eigendom toebehoorden. Het lag in mijn bedoeling om de 4 kisten nalediging op een of andere wijze aan de Nederlandsche Veiling terug te geven. De 4 kisten. welke U mij toont (ik, verbalisant toon Sluyter de 4 kisten, waarin verpakt 200 gele komkommers) alsmede de komkommers zijn dezelfden, welke ik in de opslagruimte van de Veiling wegnam. Het is niet onmogelijk dat ik de bon No 684, welke U mij toont (ik, verbalisant toon Sluyter de door mij van den Heer van Es overgenomen bon No 684) van een der kisten komkommers heb afgerukt, doch herinneren doe ik mij dit niet. Ik heb van niemand toestemming gekregen om de 4 kisten komkommers weg te nemen of daarover op andere wijze te beschikken."
Ik, verbalisant heb getuige van Itterzon een foto getoond van den verdachte Sluyter. Hij verklaarde dat dit de foto was van de persoon, die de besproken 4 kisten gele komkommers uit de opslagruimte van de Veiling wegnam.
De komkommers heb ik teruggegeven aan controleur Molenaar van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale. Van de 4 kisten, gemerkt Nederlandsche Veiling Amsterdam, heb ik er 3 aan den directeur van de Nederlandsche Veiling teruggegeven. * Kern van de zaak: De koopman Levie Sluyter wordt verdacht van de diefstal/verduistering van 200 gele komkommers. Hij bekent dat hij de kisten heeft meegenomen, maar voert aan dat hij dacht dat het "geen kwaad kon" omdat de goederen "doorgedraaid" waren en dus toch vernietigd zouden worden.
* Modus Operandi: Sluyter gebruikte een lorrie (nr. 21) van de veiling om de kisten ongezien naar buiten te rijden en bij zijn eigen rechtmatig gekochte goederen te plaatsen voor transport door een expediteur.
* Bewijsvoering: Het bewijs tegen Sluyter is sterk: hij is op heterdaad betrapt door getuige Van Itterzon, herkend op een foto, en de gestolen goederen (inclusief een afgerukte bon) zijn bij hem aangetroffen.
* Juridische nuance: Ondanks de bekentenis probeert Sluyter zijn intentie te verzachten door te stellen dat hij de lege kisten later wilde teruggeven. Het document biedt een inkijkje in de Amsterdamse handelsgeest en de werking van de groenteveiling aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog (juni 1939). De term "doordraaien" verwijst naar een marktsysteem waarbij producten die de minimumprijs niet halen, uit de handel worden genomen om prijsbederf te voorkomen. In een tijd van economische spanning was het ontvreemden van dergelijke "waardeloze" producten een veelvoorkomend vergrijp.
Extra historisch detail: Levie Sluyter (1879) was een Joodse Amsterdammer. Archiefstukken zoals deze werden later vaak door de bezetter gebruikt in politie-dossiers. In de database van het Joods Monument staat een Levie Sluyter vermeld met dezelfde geboortedatum, die in 1943 in Auschwitz is vermoord. Dit document vormt daarmee een van de laatste administratieve sporen van zijn leven als vrij burger en koopman in Amsterdam. * Levie Sluyter: Verdachte koopman geboren 1879.