Officiële mededeling / Strafoplegging (brief)
Origineel
Officiële mededeling / Strafoplegging (brief) 2 oktober 1939 De Directeur (van de Centrale Markt, Amsterdam) [Handgeschreven rechtsboven:] 1 ex. Ger. Broerse.
[Handgeschreven middenboven:] extra.
[Getypt:] KN.
77/69/2 M. 1939
2 October 1939.
den Heer J. Doll,
Bethaniendwarsstraat 23 I
Amsterdam-Centrum.
Wijk 1.
In verband met het feit, dat U heden een kist
vuil heeft gestort op de terreinen der Centrale Markt,
ontneem ik U het recht van toegang tot die markt gedurende
drie dagen, namelijk van vier tot en met zes October a.s.
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een disciplinaire maatregel tegen de heer J. Doll. Vanwege het illegaal storten van een kist vuil op het terrein van de Centrale Markt, wordt hem voor drie dagen de toegang ontzegd.
* Toon en Stijl: De toon is strikt zakelijk en autoritair, kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit die tijd. Er wordt gebruikgemaakt van de toenmalige formele spelling en naamvallen (bijv. "den Heer", "der Centrale Markt").
* Handgeschreven toevoegingen: De notitie "1 ex. Ger. Broerse" suggereert dat er een kopie van deze brief is gestuurd naar of bestemd was voor een persoon genaamd Gerrit Broerse, vermoedelijk een opzichter of administratief medewerker. Het woord "extra" kan duiden op een specifieke behandeling of rubricering van het dossier. * Locatie: De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam was het kloppende hart van de voedseldistributie in de stad. Hygiëne en ordelijk verloop waren essentieel voor de volksgezondheid en de handel. Het storten van afval werd dan ook direct en streng bestraft om overlast en ongedierte te voorkomen.
* Tijdsgeest: In oktober 1939 was de Tweede Wereldoorlog net uitgebroken. Hoewel Nederland nog neutraal was, was de mobilisatie in volle gang en werden regels rondom voedselvoorziening en openbare orde nauwer gehandhaafd.
* Sociaal-geografisch: De geadresseerde woonde in de Bethaniëndwarsstraat, een volksbuurt in de Amsterdamse binnenstad. Veel kleine handelaren en transporteurs uit deze buurt waren voor hun inkomen dagelijks afhankelijk van de Centrale Markt. Een toegangsverbod van drie dagen betekende voor hen een directe financiële strop.