Handgeschreven conceptbrief of interne ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier ("BIJBLAD VAN:").
Origineel
Handgeschreven conceptbrief of interne ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier ("BIJBLAD VAN:"). 13 april 1939 (gebaseerd op de aantekening "A'dam, 13/4 39" en de stempel "193.9"). [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 05/47/1 193.9
DOORGEZONDEN: 17/4
[Handgeschreven toevoegingen bovenaan]
Reglement
05/47/2 [rood]
17/4-'39
A'dam, 13/4 39
[Hoofdtekst]
Naar aanleiding van uw brief dd. 6 April jl. en in aansluiting op het onderhoud, dat ik gisteren met enige bestuursleden van uw organisatie had, bevestig ik u
~~hierbij, dat ik zo spoedig mogelijk voorstellen bij B. en W. zal indienen, waardoor aan het in uw brief genoemde euvel een einde zal kunnen worden gemaakt.~~
~~Intussen ben ik bereid het aanschaffen van eigen materiaal reeds thans te verbieden~~ voor zoveel mij dat, krachtens de ~~thans~~ bestaande bepalingen van het Reglement op de Markten, mogelijk is.
[Onderaan]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016
[Rechtsonder]
DA 202 * Onderwerp: De brief betreft een reactie op een klacht of verzoek ("euvel") van een organisatie (vermoedelijk een marktkoopliedenvereniging) betreffende het marktwezen in Amsterdam.
* Inhoudelijke wijziging: De schrijver (waarschijnlijk een wethouder of hoge ambtenaar) haalt de belofte door om voorstellen in te dienen bij de Burgemeester en Wethouders (B. en W.). In plaats van nieuwe voorstellen te doen, beperkt de schrijver zich tot wat al mogelijk is binnen de bestaande kaders van het "Reglement op de Markten".
* Kernpunt: Het lijkt te gaan over het verbieden van het gebruik of aanschaffen van "eigen materiaal" op de markt, mogelijk om uniformiteit te waarborgen of omdat de gemeente zelf materiaal verhuurt.
* Schrijfstijl: Formeel-ambtelijk taalgebruik, kenmerkend voor de vroege 20e eeuw ("dd.", "jl.", "krachtens"). Dit document stamt uit de periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog. In Amsterdam was de marktordening een belangrijk punt van lokaal beleid. De afkorting "B en W" duidt op het dagelijks bestuur van de stad. Het feit dat het een concept is met veel doorhalingen suggereert dat er politieke of juridische voorzichtigheid geboden was bij het doen van toezeggingen aan belangenorganisaties over wijzigingen in het marktreglement. Het formulier van "Algemeene Zaken" wijst op een centrale administratieve afhandeling binnen de gemeente.