Archief 745
Inventaris 745-300
Pagina 399
Dossier 7
Jaar 1939
Stadsarchief

Brief of ambtelijk rapport (Pagina 2)

18 april [1947] (gebaseerd op kenmerk) Van: Vermoedelijk de Directeur van het Marktwezen Amsterdam

Origineel

Brief of ambtelijk rapport (Pagina 2) 18 april [1947] (gebaseerd op kenmerk) Vermoedelijk de Directeur van het Marktwezen Amsterdam 2 18 April 9
85/47/3 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen

voortduren, dan zullen de andere verhuurders eveneens op de
bovenomschreven wyze moeten gaan werken, willen zy hun klan-
ten niet verliezen. Hierdoor zou niet alleen de kramenbelast-~~ting~~,
doch ook de geheele regeling in gevaar worden gebracht:
er zou op den duur geen behoorlyke kramenverhuur meer mogelyk
zyn en de vroegere chaotische toestand zou zelfs in ver-
scherpten vorm, terugkeeren.
In bylage dezes heb ik de eer U over te leggen een
afschrift van een brief van de Kramenverhuurdersvereeniging
"Eendracht Maakt Macht" d.d. 6 April jl. waarin op het nemen
van maatregelen wordt aangedrongen.
Zooals ik hierboven reeds mededeelde, geven de be-
palingen van het Reglement op de Markten my niet voldoende
bevoegdheid om aan het euvel een einde te maken. Wel treed
ik aan de hand van artikel 27 van het Reglement op de Mark-
ten op en verhinder ik in bepaalde gevallen, dat een koopman
zich op bovenomschreven wyze van eigen materiaal voorziet,
doch dit artikel is niet voldoende om het geschetste euvel
te voorkomen. De bovenvermelde stallenverhuurders stellen my
namelyk voor een voldongen feit, doordat zy den betreffenden
koopman een huurkoopcontract hebben laten teekenen. Het wordt
in de practyk wel erg moeilyk om het plaatsen van een der-
gelyke "gekochte" kraam op de markten te verbieden aan de
hand van artikel 27 van het Reglement, dat den dienstdoenden
marktambtenaar, sub b, de bevoegdheid geeft om: "het opzet-
ten van een kraam te verbieden, indien dit naar zyn oordeel
in verband met de orde op de markt niet gewenscht is". Om
deze materie behoorlyk te regelen dient het Reglement op de
Markten myns inziens te worden aangevuld met een nieuw lid:
c van artikel 27, luidende:
"Het is, zonder schriftelyke toestemming van den
Directeur van het Marktwezen verboden om op de markten an-
dere kramen op te zetten of te hebben, dan die zyn gehuurd
van personen, wien door Burgemeester en Wethouders vergun-
ning is verleend op grond van artikel 344 lid 1 onder b jo.
artikel 5 der Algemeene Politie Verordening." * Probleemstelling: Verhuurders van marktkramen gebruiken huurkoopcontracten om de geldende regels en belastingen te omzeilen. Hierdoor lijken marktkooplieden eigenaar van hun kraam, terwijl dit in feite een constructie is om de centrale kramenverhuur en bijbehorende gemeentelijke inkomsten (kramenbelasting) te ontduiken.
* Juridische beperking: De huidige tekst van artikel 27 van het 'Reglement op de Markten' geeft de marktmeester wel enige bevoegdheid om op te treden in het belang van de orde, maar is juridisch te zwak om specifiek deze huurkoopconstructies aan te pakken.
* Voorgestelde oplossing: De auteur stelt een expliciet verbod voor op het gebruik van kramen die niet gehuurd zijn van door de gemeente erkende verhuurders, tenzij er schriftelijke toestemming is van de Directeur van het Marktwezen.
* Belangen: Er is sprake van gedeelde belangen tussen de gemeente (handhaving van orde en belastingopbrengst) en de gevestigde verhuurdersvereniging "Eendracht Maakt Macht", die vreest voor oneerlijke concurrentie. Dit document stamt uit de naoorlogse periode (1947) in Amsterdam, een tijd waarin de marktordening strakker werd gereguleerd om de zwarte handel in te dammen en de stedelijke inkomsten te herstellen. De strijd tegen "het euvel" van de huurkoopconstructies laat zien hoe marktkooplieden en verhuurders zochten naar mazen in de wet om onder de strenge gemeentelijke regie uit te komen. De verwijzing naar de Algemeene Politie Verordening (APV) onderstreept dat markttoezicht in die tijd nauw verweven was met de handhaving van de openbare orde. De spelling (zoals "wyze", "teekenen") is kenmerkend voor de ambtelijke schrijftaal van voor de spellinghervorming van Marchant die pas later volledig doorwerkte.

Samenvatting

  • Probleemstelling: Verhuurders van marktkramen gebruiken huurkoopcontracten om de geldende regels en belastingen te omzeilen. Hierdoor lijken marktkooplieden eigenaar van hun kraam, terwijl dit in feite een constructie is om de centrale kramenverhuur en bijbehorende gemeentelijke inkomsten (kramenbelasting) te ontduiken.
  • Juridische beperking: De huidige tekst van artikel 27 van het 'Reglement op de Markten' geeft de marktmeester wel enige bevoegdheid om op te treden in het belang van de orde, maar is juridisch te zwak om specifiek deze huurkoopconstructies aan te pakken.
  • Voorgestelde oplossing: De auteur stelt een expliciet verbod voor op het gebruik van kramen die niet gehuurd zijn van door de gemeente erkende verhuurders, tenzij er schriftelijke toestemming is van de Directeur van het Marktwezen.
  • Belangen: Er is sprake van gedeelde belangen tussen de gemeente (handhaving van orde en belastingopbrengst) en de gevestigde verhuurdersvereniging "Eendracht Maakt Macht", die vreest voor oneerlijke concurrentie.

Historische Context

Dit document stamt uit de naoorlogse periode (1947) in Amsterdam, een tijd waarin de marktordening strakker werd gereguleerd om de zwarte handel in te dammen en de stedelijke inkomsten te herstellen. De strijd tegen "het euvel" van de huurkoopconstructies laat zien hoe marktkooplieden en verhuurders zochten naar mazen in de wet om onder de strenge gemeentelijke regie uit te komen. De verwijzing naar de Algemeene Politie Verordening (APV) onderstreept dat markttoezicht in die tijd nauw verweven was met de handhaving van de openbare orde. De spelling (zoals "wyze", "teekenen") is kenmerkend voor de ambtelijke schrijftaal van voor de spellinghervorming van Marchant die pas later volledig doorwerkte.

Gerelateerde Documenten 6