Officiële brief (doorslag van een getypt exemplaar).
Origineel
Officiële brief (doorslag van een getypt exemplaar). 19 april 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Handgeschreven, rechtsboven:]
m. Müller
[Gedrukt/getypt, rechtsboven:]
G.
[Linksboven:]
85/48/3 M.
[Handgeschreven, diagonaal in het midden boven:]
Verzonden 19/4
[Rechtsboven:]
19 April 1939.
[Geadresseerde:]
den Heer May,
Foeliedwarsstraat 50,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 2.
[Inhoud:]
Op Dinsdag 11 April jl. is geconstateerd, dat op de Noordermarkt materiaal, bestemd voor het uitstallen van goederen, dat door U was verhuurd, aanwezig was, zonder dat U hiervoor vergunning is verleend.
In verband hiermede verzoek ik U Vrydag 21 April a.s. te mynen kantore, Jan van Galenstraat 14, te komen.
Indien U aan deze oproeping niet zoudt voldoen, zou U niet langer kunnen worden toegestaan, materiaal op de markten te plaatsen.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Onderwerp: Een officiële berisping en oproeping voor een verhoor/gesprek wegens een overtreding van de marktregels.
* Kern van de zaak: De heer May heeft materiaal verhuurd (waarschijnlijk marktkramen of uitstaltitels) voor gebruik op de Noordermarkt zonder de benodigde vergunning.
* Sanctie: Bij het niet verschijnen op de afspraak dreigt een verbod op het plaatsen van materiaal op alle Amsterdamse markten.
* Taalgebruik: Het document hanteert de formele ambtelijke stijl van de jaren '30, inclusief de toen gebruikelijke spelling ("Vrydag", "mynen", "jl.", "a.s.").
* Locatie: Het kantoor van de directeur bevond zich aan de Jan van Galenstraat 14. Dit is het adres van de Centrale Markthallen in Amsterdam, wat bevestigt dat dit een schrijven is van de gemeentelijke marktautoriteit. Dit document stamt uit april 1939, een periode waarin de Amsterdamse markten streng gereguleerd werden door de gemeente. De Noordermarkt was (en is) een van de meest prominente markten in de stad. De brief illustreert de administratieve controle op de handel en de logistieke ondersteuning (zoals kraamverhuur) op de openbare markt. De handgeschreven notitie "m. Müller" zou kunnen verwijzen naar de ambtenaar die de zaak behandelde. Het adres van de ontvanger, Foeliedwarsstraat 50, lag in de oude Joodse buurt van Amsterdam, een wijk die nauw verbonden was met de Amsterdamse markthandel.