Brief van een burger aan de gemeente Amsterdam.
Origineel
Brief van een burger aan de gemeente Amsterdam. 25 augustus 1940. P.J. Cwat (Piet Johan Cwat). [Linksboven]
№ 818 L.M. 1940 28/8
[Rechtsboven]
Amsterdam 25.8.1940
[Paraaf: onleesbaar]
Wel Edel Heer
Naar aanleiding van het in wording
zijn van den af haal dienst van oud papier
en ander afval zoudt ik gaarne een vraag
stellen (Er doen zich geruchten de ronde
dat alleen de mensen in aan merking
zouden komen die op heden noch in het
bezit zijn van een geldige koop en vent
vergunning) Daar ik die nooit heb gehad
Doch reeds vijf a zes jaar mijn brood ver-
dien met het op-halen van oud papier
zoudt ik gaarne in aan merking komen
voor een vergunning. Ik ben reeds in den
Jan van Galenstraat geweest en heb mij daar gemeld
Mijn adres is Piet. Johan. Cwat. geboren 27.9.1914
Amsterdam In afwachting van u antwoord
teeken ik
[Ondertekening]
P J Cwat
P.J. Cwat.
Buiten Oranjestraat 14 I
Amsterdam
[Stempel midden onder]
2 8 AUG. 1940
[Linkermarge, verticaal]
№ 1/62/16 M.1940 2/9
[Stempel linksonder]
De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en
Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen stelt deze
in handen van den Heer Directeur van het Markt-
wezen om advies. ter verdere
handeling.
A'dam, 29 Aug 1940 Het document is een handgeschreven verzoekschrift van Piet Johan Cwat, een inwoner van Amsterdam. De schrijver reageert op geruchten over de oprichting van een officiële gemeentelijke ophaaldienst voor oud papier. Hij maakt zich zorgen dat hij zijn broodwinning zal verliezen als hij geen officiële 'koop- en ventvergunning' krijgt, iets wat hij in de voorgaande zes jaar nooit nodig heeft gehad voor zijn werkzaamheden.
De tekst is geschreven in een beleefde, enigszins formele toon. De brief getuigt van de onzekerheid die ontstond bij kleine zelfstandigen door de toenemende regeldruk en centralisatie van afvalverwerking aan het begin van de bezettingstijd. De brief dateert van augustus 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de schaarste aan grondstoffen merkbaar te worden, waardoor de inzameling van recyclebare materialen zoals oud papier een strategisch belang kreeg. De gemeente Amsterdam trachtte de inzameling te reguleren en te professionaliseren (de "afhaaldienst in wording").
De stempels laten het bureaucratische pad van de brief zien: binnengekomen op 28 augustus, beoordeeld door de wethouder op 29 augustus en vervolgens ter advisering doorgestuurd naar de Directeur van het Marktwezen. De vermelding van de Jan van Galenstraat refereert aan de locatie van de Centrale Markthallen, waar dergelijke administratieve zaken werden afgehandeld.