Getypte ambtelijke toelichting bij een vergunningsstelsel.
Origineel
Getypte ambtelijke toelichting bij een vergunningsstelsel. Circa 1941-1942 (gebaseerd op de referentie naar het Rijksbureau voor Voedselvoorziening in Oorlogstijd en de circulaire van oktober). Toelichting concept-vergunning no.1.
(Afvallen levensmiddelen).
De voorwaarden aan de vergunning verbonden moeten krachtens art.5, 2e lid, der beide besluiten, dienen om een doeltreffende inzameling te waarborgen. Voorts zal de inhoud van de voorwaarden afhankelijk zijn van de wijze waarop B.en W. met de ingezamelde afvallen wenschen te handelen en waaromtrent, krachtens art.6, door of vanwege den Secretaris-Generaal aanwijzingen kunnen worden gegeven. Hierbij kunnen met name voorschriften ten aanzien van de bestemming en de prijzen gegeven worden.
Zooals wij reeds in de toelichting tot de verordening opmerkten is ons vanwege het Rijksbureau voor Voedselvoorziening in Oorlogstijd medegedeeld dat ten aanzien van de behandeling van de ingezamelde afvallen van levensmiddelen voorloopig geen andere aanwijzingen zullen verschijnen dan hetgeen omtrent een afzonderlijke aflevering van de beenderen in de circulaire van 29/31 October is vervat. In verband hiermede hebben wij in de concept-vergunning no.1 onder de voorwaarden ten aanzien van de beenderen het afzonderlijk sorteeren en het op een daartoe aangewezen plaats afleveren voorgeschreven. De gemeenten zullen deze beenderen van de hand kunnen doen aan een beendermeelfabriek of aan den destructiedienst.
Overigens zijn de gemeenten vrij om of wel de afvallen van de vergunninghouders te koopen of wel de vergunninghouders zelf hun afvallen van de hand te laten doen. De meeste gemeenten zullen aan het laatste de voorkeur geven; via de vergunningsvoorwaarden kan er dan voor gezorgd worden dat aan de afvallen een bestemming wordt gegeven die zoo doelmatig mogelijk is.
Ad 1 en 2. Deze voorwaarden dienen om te bereiken dat elke vergunninghouder uitsluitend zijn eigen wijk bedient en dat geregeld ieder bewoond perceel bediend wordt.
Ad 3. Aan den vergunninghouder moet, evenals aan de ingezetenen, worden voorgeschreven de gezamenlijke afvallen afzonderlijk te houden. Voorts moeten de afvallen worden gesorteerd in de hier genoemde groepen: de beenderen moeten nl. afzonderlijk worden afgeleverd en de andere drie genoemde groepen verliezen in waarde wanneer zij vermengd blijven.
Ad 4 en 5. Wanneer de gemeente zelf den verkoop van de ingezamelde afvallen ter hand wil nemen, zullen alle afvallen op een centrale plaats moeten worden afgeleverd / In dat geval zal voorwaarde 4 moeten worden gewijzigd en kan voorwaarde 5 vervallen. Wil een gemeente dit niet doen, dan is het gewenscht dat wordt voorgeschreven dat de aflevering plaats vindt naar genoegen van B.en W. Hierdoor kunnen B.en W. controleeren of bij den verkoop, die, wanneer de schilleboeren de afvallen niet voor hun eigen bedrijf gebruiken, gewoonlijk aan boeren in den omtrek geschiedt, een behoorlijke verdeeling plaats vindt. Ook prijsregelend / en aan de gemeente tegen den door haar vastgestelden prijs worden verkocht. * Taalgebruik: Het document is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl met gebruik van de destijds gangbare spelling (zoals 'wenschen', 'sorteeren', 'den' en 'der').
* Kerninhoud: De tekst regelt de logistiek achter de inzameling van keukenafval ('afvallen'). Er is een duidelijke focus op de scheiding van beenderen, die een hoge industriële waarde hadden voor bijvoorbeeld de lijm- of kunstmestindustrie (beendermeel).
* Systeem: Het vergunningstelsel verdeelt steden in wijken om te garanderen dat overal afval wordt opgehaald. Het laat de gemeente de keuze om zelf als handelaar op te treden of dit over te laten aan de 'schilleboeren', mits er toezicht is op een eerlijke prijs en verdeling onder boeren.
* Annotaties: De schuine strepen (/) in de laatste alinea duiden op invoegingen of tekstblokken die bij elkaar horen. De laatste regel onderaan de pagina is een voortzetting van de zin die eindigt bij "Ook prijsregelend". Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Vanwege de blokkades en de stilgevallen import van grondstoffen en veevoer, was hergebruik van afval van vitaal belang voor de voedselvoorziening.
Het Rijksbureau voor Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RVVO) coördineerde de productie en distributie van alle levensmiddelen en de daarmee samenhangende afvalstromen. De schilleboer, die van oudsher langs de deuren ging om etensresten op te halen voor zijn eigen vee, werd door deze regelingen een formeel onderdeel van de oorlogseconomie. De genoemde circulaire van oktober 1941 was een belangrijk instrument om de inzameling van strategische materialen, zoals vetten en fosfaten uit beenderen, landelijk te uniformeren. W. Hierdoor Rijksbureau