Krantenknipsel / Overheidsbekendmaking.
Origineel
Krantenknipsel / Overheidsbekendmaking. 19 oktober (op basis van context: 1940). Werpt geen oude doozen, blikken of vodden meer weg!
VOORTAAN STAAT ER STRAF OP.
’s-GRAVENHAGE, 19 Oct. — De secretaris-generaal, waarnemend hoofd van het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart, maakt het volgende bekend:
Op grond van een besluit, dat 19 October in het Verordeningenblad is verschenen („oude materialen- en afvalstoffenbesluit”) is het verboden, oude materialen en afvalstoffen te vernietigen, weg te werpen (waaronder is begrepen het in den aschemmer werpen of aan den reinigingsdienst medegeven van bedoelde stoffen), dan wel op zoodanige wijze te bewaren, dat zij hun waarde als grondstof voor de industrie geheel of ten deele verliezen.
Onder „oude materialen en afvalstoffen” in den zin van genoemd besluit wordt verstaan:
a. Alle geheel of ten deele uit metaal, papier, karton, linnen, katoen, jute, wol, zijde, kunstzijde of andere vezelstoffen, huiden, vellen, leer, glas, rubber van elk soort, minerale oliën, celluloid, hoorn, been, kurk, dierlijk haar, borstels of veeren bestaande stoffen of voorwerpen, welke niet meer overeenkomstig hun oorspronkelijke bestemming gebruikt worden.
b. Alle andere door den secretaris-generaal aan te wijzen stoffen of voorwerpen.
De genoemde voorschriften gelden voor alle afvalstoffen als bovenomschreven, welke uit de huishouding, alsmede uit industrieele en andere bedrijven en instellingen afkomstig zijn.
VERGOEDING.
Oude materialen en afvalstoffen in bovenbedoelden zin moeten op de gebruikelijke wijze worden afgeleverd aan den erkenden vakhandel, die daarvoor, naar gelang van de waarde, een zekere vergoeding zal geven. Voor wat betreft afvalstoffen afkomstig uit de huishouding, zal de vergoeding in overeenstemming zijn met hetgeen tot nu toe gebruikelijk was.
Ingeval geen handelaar te vinden is, dient men zich voor nadere aanwijzingen te wenden tot het Rijksbureau voor oude materialen en afvalstoffen, Paleisstraat 7, ’s-Gravenhage. Het Rijksbureau is op het oogenblik bezig een regeling te ontwerpen, welke beoogt den geheelen handel in afvalstoffen op nieuwe grondslagen te organiseeren. In het kader van deze aanstaande regeling zal ook voor een regelmatige inzameling der afvalstoffen worden zorggedragen.
Zoodra de bedoelde regeling gereed is, zullen nadere bijzonderheden, alsmede de datum waarop zij zal ingaan, worden bekendgemaakt.
Voor bijzondere gevallen kan de directeur van het Rijksbureau aan bedrijven of instellingen, voor een bepaalden termijn of tot wederopzegging toe, geheele of gedeeltelijke ontheffing van de voorschriften van het besluit verleenen. Verzoeken tot ontheffing moeten bij het Rijksbureau worden ingediend.
TOELICHTING.
IN verband met het bovenstaande wordt ons van bevoegde zijde de volgende toelichting gegeven:
Zeer veel waardevol materiaal gaat nog dagelijks verloren; hoeveel wordt niet achteloos weggeworpen of vernietigd! In dezen tijd, nu de aanvoer van grondstoffen uit andere landen nagenoeg geheel stil ligt, mag dit niet meer geschieden. Oude materialen en afvalstoffen vormen een kostbare binnenlandsche grondstof, waarvan een stelselmatige inzameling door den handel ten behoeve van onze eigen Nederlandsche industrie een dringende noodzakelijkheid is geworden. Bovendien ontvangt men het oude product in een nieuwen vorm terug. Iedere Nederlander dient, èn uit nationaal belang èn uit eigen belang er toe mede te werken, dat ons land op deze wijze voor zijn grondstoffen minder afhankelijk van het buitenland wordt.
Ervaringen, die op dit gebied in andere landen zijn opgedaan, toonen aan, dat in eigen land inderdaad voor millioenen aan nuttige grondstoffen kan worden gewonnen, waarmede tevens aan vele menschen werk en brood worden verschaft. Een ieder kan en moet hier zijn bijdrage leveren voor het gemeenschappelijke doel. In geen geval mag in dezen tijd nog iets verloren gaan.
Daarom is het begrijpelijk, dat vernietiging van oude materialen en afvalstoffen thans strafbaar is gesteld en wel met een hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van ten hoogste duizend gulden.
Gen. Weygand’s rondreis.
TANGER, 19 Oct. (D.N.B.) — Generaal Weygand, die gisteravond te Rabat is aangekomen, zal heden naar Casablanca en morgen naar Fez reizen.
Uit Vichy wordt gemeld, dat de Fransche regeering voornemens is in Noord-Afrika concentratiekampen voor ongewenschte politici in te richten. Generaal Weygand’s reis wordt in verband gebracht met de aanstaande arrestatie van een aantal vertegenwoordigers van het oude regiem, waarvan de lijst in het bezit van den generaal zou zijn. * Doel: Het document dient als een officiële waarschuwing aan de bevolking om geen bruikbare materialen meer weg te gooien. Het doel is de zelfvoorzienendheid van de industrie te vergroten.
* Strafmaat: De dreiging is aanzienlijk: tot zes maanden cel of een boete van 1000 gulden (een enorm bedrag voor die tijd).
* Retoriek: Er wordt geappelleerd aan "nationaal belang" en de economische noodzaak. De tekst benadrukt dat recycling "werk en brood" verschaft.
* Organisatie: Er wordt verwezen naar een gecentraliseerd orgaan, het Rijksbureau voor oude materialen en afvalstoffen, wat duidt op een strakke regie over de economie.
* Nieuwsbericht onderaan: De korte melding over Generaal Weygand en de concentratiekampen in Noord-Afrika onder het Vichy-regime geeft aan dat de krant gebruikmaakt van het Duitse persbureau D.N.B., wat typerend is voor de gecontroleerde pers tijdens de bezetting. Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (oktober 1940). Door de Britse zeeblokkade en de oorlogssituatie werd de import van grondstoffen (zoals metalen, rubber en textiel) nagenoeg onmogelijk. De bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties (onder Duits toezicht) voerden daarom een streng beleid van recycling en inzameling in om de (oorlogs)industrie draaiende te houden.
Dit knipsel is een illustratie van de zogenaamde "schaarste-economie" waarbij de overheid tot in de kleinste details van het huishouden (de "aschemmer") ingreep. De vermelding van het Vichy-regime en de arrestaties in Frankrijk plaatst het geheel in de bredere context van de Nieuwe Orde in Europa tijdens de Tweede Wereldoorlog.