Archiefdocument
Origineel
[Pagina 6]
Volgn. 137 | 6
- Het in het eerste lid onder a vervatte verbod is niet van toepassing op het venten met nieuwsbladen of tijdschriften.
- Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd, het in het eerste lid onder e vervatte verbod tot bepaalde uren te beperken.
ART. 11
- Hij, die handelt in strijd met, of niet nakomt de voorwaarden, verbonden aan een vergunning, hem overeenkomstig deze verordening verleend, wordt geacht te hebben gehandeld zonder vergunning.
- Onder handelen wordt in dit artikel verstaan zoowel doen, als hebben en nalaten.
- Hij, die krachtens een vergunning, hem overeenkomstig deze verordening verleend, iets doet, heeft of nalaat, is verplicht, die vergunning aan de personen, belast met de opsporing van overtredingen der bepaling, tot afwijking waarvan hem vergunning is verleend, op hun eerste aanvraag ter inzage af te geven.
ART. 12
- Onder openbare wegen worden in deze verordening verstaan wegen — met de in die wegen liggende bruggen, en met de bij die wegen behoorende bermen en zijkanten — gangen en stegen, die, zij het ook met eenige beperking, voor een ieder toegankelijk zijn.
- Onder openbaren weg worden in deze verordening begrepen de stoepen, kelderingangen en portieken.
- De buitenpleinen van en de toegangen tot de spoorwegstations worden in deze verordening gerekend te behooren tot den openbaren weg.
- De wegen in het Vondelpark gelden zoolang dat park, zij het ook met eenige beperking, voor een ieder toegankelijk is, als openbare wegen alleen voor zoover betreft de artt. 2, onder b, e en d, 3, eerste en tweede lid, en 10.
ART. 13
- De opsporing van overtredingen dezer verordening wordt opgedragen aan de inspecteurs, surnumerairs, brigadiers en agenten der gemeentepolitie.
- Gelijke opdracht wordt verstrekt:
a aan de ambtenaren van den havendienst, voor zoover betreft overtreding van het bepaalde in art. 1, tweede lid, onder b, en vierde lid;
b aan de daartoe door Burgemeester en Wethouders aangewezen marktambtenaren, voor zoover betreft overtreding van het bepaalde in de artt. 1, eerste en vierde lid, en 2 onder e—h.
ART. 14
Overtreding van de bepalingen der artt. 1, 2, 3, 4 en 10 wordt gestraft met geldboete van ten hoogste vijf en twintig gulden of hechtenis van ten hoogste zes dagen.;
[Pagina 7]
7 | Gemeenteblad afd. 3
II in werking zal treden de bij raadsbesluit van 24 Mei 1933 vastgestelde Verordening tot wijziging van de Algemeene Politieverordening, vastgesteld den 26sten Juli en den 19den September 1923, zooals deze sedert is gewijzigd (Gemeenteblad 1933, afd. 3, volgn. 97);
III ingetrokken zal zijn de Verordening tot voorkoming van gevaar voor begunstiging van misdrijven, vastgesteld bij raadsbesluit van 6 Mei 1920, zooals deze sedert is gewijzigd, en tot welks intrekking bij raadsbesluit van 24 Mei 1933 werd besloten.
Burgemeester en Wethouders voornoemd,
KROPMAN, Weth.
de Secretaris,
H. A. VAN BEUSEKOM, l.s.
Verschenen 21 September 1934.
--- * Taal en Spelling: Het document is geschreven in de destijds gangbare spelling (zoals "zooals", "behoorende", "zoover").
* Inhoud: Het betreft de artikelen 11 tot en met 14 van een gemeentelijke verordening, evenals de overgangsbepalingen (II en III).
* Art. 11 handelt over de naleving van vergunningsvoorwaarden.
* Art. 12 geeft een zeer brede definitie van 'openbare weg', inclusief bruggen, stegen, portieken en specifiek het Vondelpark.
* Art. 13 regelt de bevoegdheden van opsporingsambtenaren (politie, havendienst, marktwezen).
* Art. 14 stelt de strafmaat vast (25 gulden boete of 6 dagen hechtenis).
* Ondertekening: Ondertekend door wethouder Kropman (namens de burgemeester) en de secretaris H.A. van Beusekom. De toevoeging "l.s." staat voor loco sigilli (in plaats van het zegel).
--- Dit document is een extract uit het Gemeenteblad van Amsterdam uit 1934. In de jaren '30 werden de Algemeene Politieverordeningen (APV) regelmatig herzien om de openbare orde in de groeiende stad te reguleren. De expliciete vermelding van het Vondelpark en de stationspleinen wijst op de noodzaak om specifiek toezicht te houden op recreatie- en verkeersknooppunten. De genoemde datum van inwerkingtreding (terugverwijzend naar besluiten uit 1933) illustreert de bureaucratische processen van de gemeentelijke wetgeving in die periode. De boete van 25 gulden was destijds een aanzienlijk bedrag (ter vergelijking: een gemiddeld weekloon voor een arbeider lag rond de 20-30 gulden). H.A. van Beusekom Gemeente Amsterdam Marktwezen Politie