Ambtelijke correspondentie/memo
Origineel
Ambtelijke correspondentie/memo 23 januari 1940 Onbekende ambtenaar (kenmerk VP/HG), gericht aan Mr. Sixma (zie handgeschreven notitie) [Handgeschreven, rechtsboven:] ter. Mr. Sixma
VP/HG.
2A/1/2 M.
1
Aardappelprijzen.
[Handgeschreven, midden:] extra
23 Januari 1940.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Ten vervolge op mijn rapport d.d. 15 dezer (No. 2A/1/1 M.) heb ik de eer U te berichten, dat de Regeering (Nederlandsche Akkerbouw Centrale) met ingang van 17 en van 22 Januari jl. de prijzen der door haar opgeslagen aardappelen, welke de Amsterdamsche Vereeniging van Groothandelaren in aardappelen moet verkoopen, telkens met ƒ 0,50 per 100 kg. heeft verhoogd. Blijkens dezerzijds terzake van de voornoemde Centrale verkregen inlichtingen, is deze prijsverhooging het gevolg van de ongunstige weersomstandigheden: de vorst heeft namelijk de laatste weken den aanvoer en dus het aanvullen der Regeerings-voorraden hier ter stede verhinderd; deze voorraden, die, zooals ik in mijn in den aanhef genoemd rapport mededeelde, 70.000 hl. bedroegen, zijn thans tot op ± de helft verminderd. Aangezien Amsterdam van de hier bedoelde soorten aardappelen (Zeeuwsche bonten en blauwen alsmede bintjes) ± 12.000 hl. per week verbruikt, is de thans bestaande voorraad voldoende voor nog ± 3 weken, ook als in dien tijd, door aanhoudende vorst, geen nieuwe aanvoer zou kunnen plaatsvinden. Naast dit verbruik van ± 12.000 hl. per week, staat nog een verbruik van ± 6.000 hl. per week aan polder-aardappelen, welke de grossiers (tot nu toe zonder tusschenkomst der Regeering) bij de boeren in de IJpolders Dit document is een ambtelijk schrijven waarin de Wethouder voor de Levensmiddelen van de gemeente Amsterdam wordt geïnformeerd over de precaire aardappelsituatie in de stad.
Kernpunten uit het document:
* Prijsstijging: De Nederlandsche Akkerbouw Centrale heeft de prijzen in een week tijd tweemaal verhoogd met in totaal 1 gulden per 100 kg.
* Oorzaak: De extreme vorst blokkeert de aanvoerlijnen, waardoor de centrale voorraden niet kunnen worden aangevuld.
* Voorraadstatus: De Amsterdamse reserve is in korte tijd gehalveerd van 70.000 hectoliter naar circa 35.000 hectoliter.
* Consumptiecijfers: De stad consumeert wekelijks 18.000 hl aardappelen (12.000 via rijksvoorraden en 6.000 via directe inkoop uit de IJpolders).
* Risico: Indien de vorst aanhoudt, is er nog voor maximaal 3 weken aan aardappelen beschikbaar.
De toon is zakelijk maar urgent. De ambtenaar waarschuwt dat de voedselvoorraad voor de stad onder druk komt te staan door natuurlijke factoren (vorst) bovenop de reeds gespannen economische situatie. Het document dateert van januari 1940, de periode van de Mobilisatie in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (mei 1940). Hoewel Nederland nog neutraal was, heerste er al een economische oorlogstoestand.
- De Nederlandsche Akkerbouw Centrale (NAC): Dit was een in de crisisjaren (1932) opgericht overheidsorgaan dat de productie en prijsvorming van landbouwproducten reguleerde. In 1940 fungeerde het als essentieel instrument voor de voedselvoorziening in oorlogstijd.
- De Winter van 1939-1940: Dit was een van de strengste winters van de 20e eeuw. De bevriezing van de waterwegen (het belangrijkste transportmiddel voor bulkgoederen zoals aardappelen) zorgde voor grote logistieke problemen in heel Nederland.
- Voedselvoorziening: De zorg om de "Zeeuwsche bonten, blauwen en bintjes" toont aan hoe afhankelijk de stedelijke bevolking was van gecentraliseerde distributie. De vermelding van de IJpolders laat zien dat Amsterdam voor een deel ook afhankelijk was van zijn directe ommeland (zoals de huidige Haarlemmermeer en de polders ten noorden van de stad).
- De Wethouder: In deze periode was de zorg voor levensmiddelen een cruciale portefeuille binnen het Amsterdamse college, gericht op het voorkomen van honger en sociale onrust, een les die getrokken was uit de tekorten tijdens de Eerste Wereldoorlog.