Kwitantie of financiële aantekening op een los blad.
Origineel
Kwitantie of financiële aantekening op een los blad. [Linksboven:]
ten Nacht ontvange
2 ligdagen
[Rechtsboven:]
f 126,75
15,90
f 142,65
[Op en rond het plakzegel:]
Tekst zegel: JE MAINTIENDRAI | .10 | NEDERLANDSCH PLAKZEGEL | TIEN CENT
Handgeschreven over het zegel: J. Wijndveld [mogelijk Wijndelts]
Stempel op het zegel: [19]19 Het document betreft een afrekening voor diensten, waarbij expliciet melding wordt gemaakt van "2 ligdagen". De term 'ligdagen' duidt in een maritieme of logistieke context op de tijd die een vaartuig (of voertuig) in een haven of op een ligplaats doorbrengt voor laden, lossen of wachten.
De rekensom rechtsboven telt twee bedragen op: 126,75 en 15,90 gulden, wat resulteert in een totaal van 142,65 gulden. De handtekening "J. Wijndveld" over het plakzegel dient als officiële kwijting (bewijs van betaling). Het gebruik van een plakzegel van tien cent was destijds wettelijk verplicht voor kwitanties boven een bepaald bedrag om de verschuldigde zegelrechten aan de staat te voldoen. Dit document is een typisch voorbeeld van een informele maar rechtsgeldige kwitantie uit de vroege 20e eeuw in Nederland. Het gebruik van de term "ligdagen" suggereert een link met de binnenvaart of de handel in een havenstad. Het feit dat het "ten Nacht" (in de nacht) is ontvangen, kan wijzen op werkzaamheden buiten de reguliere kantoortijden, wat vaak voorkwam in de transportsector. De datum op het zegel (19) plaatst het document in het jaar 1919, een periode van economische heropbouw direct na de Eerste Wereldoorlog. J. Wijndveld
Samenvatting
Het document betreft een afrekening voor diensten, waarbij expliciet melding wordt gemaakt van "2 ligdagen". De term 'ligdagen' duidt in een maritieme of logistieke context op de tijd die een vaartuig (of voertuig) in een haven of op een ligplaats doorbrengt voor laden, lossen of wachten.
De rekensom rechtsboven telt twee bedragen op: 126,75 en 15,90 gulden, wat resulteert in een totaal van 142,65 gulden. De handtekening "J. Wijndveld" over het plakzegel dient als officiële kwijting (bewijs van betaling). Het gebruik van een plakzegel van tien cent was destijds wettelijk verplicht voor kwitanties boven een bepaald bedrag om de verschuldigde zegelrechten aan de staat te voldoen.
Historische Context
Dit document is een typisch voorbeeld van een informele maar rechtsgeldige kwitantie uit de vroege 20e eeuw in Nederland. Het gebruik van de term "ligdagen" suggereert een link met de binnenvaart of de handel in een havenstad. Het feit dat het "ten Nacht" (in de nacht) is ontvangen, kan wijzen op werkzaamheden buiten de reguliere kantoortijden, wat vaak voorkwam in de transportsector. De datum op het zegel (19) plaatst het document in het jaar 1919, een periode van economische heropbouw direct na de Eerste Wereldoorlog.