Doorslag van een ambtelijke brief.
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief. 18 december 1940 (verzonden op 19 december 1940). De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, zoals de Dienst der Publieke Werken of een economische afdeling). De Wethouder voor de Levensmiddelen, "Alhier" (dezelfde gemeente). Verzonden 19/12
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
2B/164/5 M 4 18 December 1940.
Erkenning als aardappel-
handelaar van C.M.Huis.
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d. 28 November jl. om advies ontvangen stukken no.1074 L.M.1940 heb ik de eer U te berichten, dat ik my terzake van de onderhavige aangelegenheid op 7 December jl. heb gewend tot de Nederlandsche Akkerbouwcentrale te Den Haag. De Nederlandsche Akkerbouwcentrale heeft op 13 December jl. hierop geantwoord; van de betreffende stukken doe ik U hierby afschriften toekomen.
Ik heb de eer U te adviseeren aan Huis te berichten, dat zyn verzoek door de instanties, welke de onderhavige aangelegenheid behandelen, niet kan worden ingewilligd.
De Directeur, * Inhoud: In deze korte brief brengt de directeur een negatief advies uit aan de wethouder betreffende een vergunningsaanvraag van C.M. Huis om aardappelhandelaar te worden. De afwijzing volgt na overleg met de Nederlandsche Akkerbouwcentrale in Den Haag.
* Vorm: Het document is een typische ambtelijke doorslag op dun papier, voorzien van een handgeschreven verzenddatum bovenaan. Het taalgebruik is uiterst formeel ("heb ik de eer U te berichten") en maakt gebruik van de destijds gangbare spelling met de Griekse 'y' in woorden als "my", "hierby" en "zyn".
* Toon: Zakelijk en beslist. De directeur baseert zijn oordeel op het advies van een hogere, centrale instantie. * Historisch kader: De brief dateert van december 1940, een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werd de voedselvoorziening en distributie steeds strakker gereguleerd door de overheid om tekorten te voorkomen en de controle te behouden.
* Nederlandsche Akkerbouwcentrale: Dit was een van de centrale organen die de productie en handel van landbouwproducten aanstuurden. In de bezettingstijd kregen dergelijke 'centrale' organisaties grote macht over wie wel of niet mocht handelen.
* Betekenis: Het document illustreert hoe burgers (zoals de heer Huis) in de knel konden komen door de toenemende bureaucratisering en centrale sturing van de economie. Zonder de juiste erkenning van de centrale instanties was het onmogelijk om legaal te handelen in cruciale levensmiddelen zoals aardappelen. De exacte reden voor de afwijzing staat niet in deze brief, maar lag vaak in een vermeend gebrek aan behoefte aan nieuwe handelaren of het niet voldoen aan strenge (politieke of economische) eisen.