Concept-overeenkomst (Bijlage B bij een brief).
Origineel
Concept-overeenkomst (Bijlage B bij een brief). 16 november 1940. BIJLAGE B.
Behoort by brief No. 20/1/3 II d.d. 16 November 1940 van den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening en den Directeur van het Marktwezen aan den heer Wethouder voor de Levensmiddelen.-
Concept-Overeenkomst.
De ondergeteekenden:
De Gemeente Amsterdam ten deze vertegenwoordigd door haar Burgemeester, hierna te noemen: Party ter eene zyde
en
1.
2. enz.,
hierna te noemen: partyen ter andere zyde,
In aanmerking nemende, dat het in het belang van de voedselvoorziening noodig is zorg te dragen, dat in het naderende winterseizoen een voorraad vat- en stapelgroente op de Centrale Markt te Amsterdam aanwezig is en wordt bewaard,
zyn overeengekomen en komen hierby overeen, als volgt.
Artikel I.
Partyen ter andere zyde zullen voor eigen rekening en risico op de Centrale Markt te Amsterdam opslaan en aldaar gedurende de in artikel II te noemen periode opgeslagen houden:
250.000 kg. rapen,
100.000 kg. uien,
150.000 kg. wortelen,
1.100 vaten vatgroente, nl. 200 vaten snyboonen, 200 vaten spercieboonen, 200 vaten andyvie en 500 vaten zuurkool.
De in het vorige lid genoemde soorten stapel- en vatgroenten moeten zyn van goede qualiteit; partyen ter andere zyde zyn verplicht - voor zoo ver dit voor het behoud van een voorraad groenten van goede qualiteit noodig is - door vervanging van opgeslagen groenten door een zelfde hoeveelheid nieuw-aangevoerde groenten van de zelfde soort en qualiteit, alsmede door regelmatige verzorging der opgeslagen partyen, voor het houden van den voorraad in goeden staat zorg te dragen.
Artikel II.
De periode, gedurende welke de in artikel I omschreven voorraden op de Centrale Markt te Amsterdam aanwezig moeten zyn, loopt van 15 December 1940 tot en met 31 Januari 1941, met dien verstande, dat party ter eene zyde bevoegd is, wanneer dit naar haar oordeel door weersomstandigheden wenschelyk wordt gemaakt, te bepalen, dat de bedoelde periode zal doorloopen tot uiterlyk 15 Februari 1941.
Indien tengevolge van weers- of andere omstandigheden, de aanvoer naar Amsterdam van vat- en/of stapelgroenten tijdens de in het eerste lid genoemde periode stagnatie ondervindt, waardoor, naar het oordeel van party ter eene zyde, gevaar voor gebrek aan deze groenten dreigt te ontstaan, kan zy aan partyen ter andere zyde opdragen door haar, party ter eene zyde te bepalen hoeveelheden van den voorraad te verkoopen opdat deze, zoodoende, ter beschikking komt van de bevolking van Amsterdam.
Artikel III.
De in artikel I omschreven voorraden, welke op de Centrale Markt te Amsterdam voor rekening en risico van partyen ter andere zyde zullen worden opgeslagen, worden door dezen gedurende de in artikel II genoemde periode, in bewaring gegeven aan party ter eene zyde, onverminderd de verplichting van partyen ter andere zyde, om voor een goede verzorging van de voorraden zorg te dragen, terzake waarvan party ter eene zyde geenerlei aansprakelykheid aanvaardt.
Party ter eene zyde is bevoegd van de in bewaring gegeven voorraden aan partyen ter andere zyde alleen die hoeveelheden terug te geven, welke op grond van bepalingen van deze overeenkomst voor aflevering of vervanging in aanmerking komen.
By vervanging geschiedt de teruggave door party ter eene zyde zooveel mogelyk alleen tegen afgifte door partyen ter andere zyde... [tekst breekt af] Dit document is een juridisch concept voor een samenwerking tussen de gemeente Amsterdam en private handelaren (de 'partijen ter andere zijde'). Het doel is de voedselzekerheid in de stad te garanderen tijdens de eerste oorlogswinter van de Tweede Wereldoorlog.
De kernpunten zijn:
1. Omvang van de voorraad: Er wordt exact vastgelegd hoeveel tonnen rapen, uien en wortelen, en hoeveel vaten met ingelegde groenten (snijbonen, sperziebonen, andijvie en zuurkool) er opgeslagen moeten worden.
2. Risico en Kwaliteit: De handelaren dragen het financiële risico en de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit (rot moet worden vervangen), maar de gemeente krijgt de feitelijke zeggenschap over de voorraad.
3. Interventiebevoegdheid: De gemeente behoudt zich het recht voor om de verkoop van deze voorraden af te dwingen als er door weersomstandigheden of stagnatie in de aanvoer tekorten dreigen te ontstaan voor de Amsterdamse bevolking. Het document dateert van november 1940, circa een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de beruchte 'Hongerwinter' pas jaren later zou plaatsvinden, was de overheid direct vanaf mei 1940 zeer alert op de voedselvoorziening. Door de oorlogsvoering was de internationale handel deels stilgevallen en werd Nederland afhankelijker van eigen productie en strakke distributie.
De 'Centrale Markt' (het huidige Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) fungeerde hierbij als de centrale spil. De gemeente Amsterdam probeerde via dit soort contracten de marktwerking deels te beheersen: handelaren mochten hun voorraden daar aanhouden, mits de gemeente de controle hield over wanneer deze groenten op de markt kwamen om prijsopdrijving of acute tekorten bij de burgerbevolking te voorkomen. Het gebruik van de 'y' in plaats van de 'ij' (zoals in partyen of zyde) is kenmerkend voor de schrijfmachinespelling van die tijd.