Archief 745
Inventaris 745-308
Pagina 328
Dossier 4
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

3 oktober 1940 Van: De Wethouder voor de Financiën (E. Rustige)

Origineel

3 oktober 1940 De Wethouder voor de Financiën (E. Rustige) [Briefhoof:]
GEMEENTE AMSTERDAM [Handgeschreven:] Markth.
Nº 4/11/ M. 1940 9/10
No.320/20.3 Fin.1940. Amsterdam, 3 October 1940.
285 L.m. 1940
Herziening Begrooting 1941.

[Marginale notitie rechts:]
MEN WORDT VERZOCHT BIJ HET ANTWOORD NAUWKEURIG HET NUMMER VAN DIT SCHRIJVEN EN DE AFDEELING TE VERMELDEN.

[Handgeschreven paraferen linksboven:]
... ter Grijpan (?)
... Muller (?)

[Tekst:]
Hiermede heb ik de eer onder Uw aandacht te brengen, dat de begrootingen voor 1941 zooals die door de hoofden van verschillende diensten en bedrijven zijn ingediend, op verschillende tijdstippen en daardoor onder zeer verschillende omstandigheden zijn opgemaakt.

Ten einde een begrooting te verkrijgen die geheel op eenzelfde basis is opgemaakt, is het noodig, dat de ingezonden begrootingen worden herzien.

Ik verzoek U daarom de hoofden van de onder U ressorteerende diensten en bedrijven uit te noodigen de begrootingen opnieuw te doen nagaan en de noodige wijzigingen op te geven.

Bij de nieuwe raming dient te worden uitgegaan van de tegenwoordige omstandigheden. Geraamde bedragen voor uitgaven die, gezien de huidige omstandigheden o.a. bv. door gebrek aan materialen, wel niet zullen worden gedaan, dienen te worden geschrapt. Aangenomen zal moeten worden, dat tijdelijk personeel, aangenomen ter vervanging van gemobiliseerden, 1 Januari 1941 zal zijn afgevloeid. Verder zullen als regel alle hoogere ramingen dan voor 1940 moeten worden teruggebracht tot het bedrag van de begrooting 1940.

Ik verzoek U mij de herziene ramingen voor het einde der volgende week te doen toekomen. Daarna zal ik U een opgave zenden van de punten, die naar mijn meening met U besproken moeten worden, ten einde vervolgens in een bespreking een en ander zoo vlot mogelijk te kunnen afhandelen.

Een aantal afdrukken dezer circulaire voeg ik hierbij.

EL

De Wethouder voor de Financiën,

RUSTIGE.

[Stempel links:]
Spoed

[Handgeschreven adressering onderaan:]
A aan
den Heer
Wethouder voor de Levensmiddelen
en de B.Z. inrichtingen. Dit document is een officiële circulaire van de Amsterdamse wethouder van Financiën, Eduard Rustige. De kern van de brief is de opdracht tot een stringente bezuiniging en herziening van de begroting voor het jaar 1941.

De wethouder voert drie belangrijke redenen aan voor deze herziening:
1. Uniformiteit: De eerdere begrotingsvoorstellen zijn op verschillende momenten ingediend en daardoor niet vergelijkbaar.
2. Schaarste: Door de oorlogsomstandigheden is er een gebrek aan materialen, waardoor geplande projecten simpelweg niet uitgevoerd kunnen worden.
3. Personeelskosten: Personeel dat was aangenomen om de plek van gemobiliseerde soldaten in te vullen, moet per 1 januari 1941 zijn "afgevloeid" (ontslagen).

De instructie is helder: de begroting van 1941 mag in de regel niet hoger zijn dan die van 1940. De stempel "Spoed" en de korte deadline (einde volgende week) onderstrepen de urgentie van de financiële sanering. De datum, 3 oktober 1940, plaatst dit document in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland (die begon in mei 1940). De context van de bezetting is duidelijk voelbaar in de tekst:
* De verwijzing naar "gemobiliseerden" duidt op de Nederlandse militairen. Na de overgave en de demobilisatie was er voor hun tijdelijke vervangers in gemeentedienst geen plaats of geld meer.
* De "huidige omstandigheden" en het "gebrek aan materialen" wijzen op het begin van de schaarste-economie en de distributie die door de bezetter werd opgelegd.
* Wethouder Rustige: Eduard Rustige bleef na de inval aan als wethouder (hij was lid van de RKSP). In 1941 zouden de Amsterdamse wethouders door de bezetter worden ontslagen en vervangen door regeringscommissarissen, wat dit document tot een van de laatste reguliere budgettaire handelingen van het vooroorlogse bestuurscollege maakt onder toezicht van de nieuwe machthebber.

Samenvatting

Dit document is een officiële circulaire van de Amsterdamse wethouder van Financiën, Eduard Rustige. De kern van de brief is de opdracht tot een stringente bezuiniging en herziening van de begroting voor het jaar 1941.

De wethouder voert drie belangrijke redenen aan voor deze herziening:
1. Uniformiteit: De eerdere begrotingsvoorstellen zijn op verschillende momenten ingediend en daardoor niet vergelijkbaar.
2. Schaarste: Door de oorlogsomstandigheden is er een gebrek aan materialen, waardoor geplande projecten simpelweg niet uitgevoerd kunnen worden.
3. Personeelskosten: Personeel dat was aangenomen om de plek van gemobiliseerde soldaten in te vullen, moet per 1 januari 1941 zijn "afgevloeid" (ontslagen).

De instructie is helder: de begroting van 1941 mag in de regel niet hoger zijn dan die van 1940. De stempel "Spoed" en de korte deadline (einde volgende week) onderstrepen de urgentie van de financiële sanering.

Historische Context

De datum, 3 oktober 1940, plaatst dit document in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland (die begon in mei 1940). De context van de bezetting is duidelijk voelbaar in de tekst:
* De verwijzing naar "gemobiliseerden" duidt op de Nederlandse militairen. Na de overgave en de demobilisatie was er voor hun tijdelijke vervangers in gemeentedienst geen plaats of geld meer.
* De "huidige omstandigheden" en het "gebrek aan materialen" wijzen op het begin van de schaarste-economie en de distributie die door de bezetter werd opgelegd.
* Wethouder Rustige: Eduard Rustige bleef na de inval aan als wethouder (hij was lid van de RKSP). In 1941 zouden de Amsterdamse wethouders door de bezetter worden ontslagen en vervangen door regeringscommissarissen, wat dit document tot een van de laatste reguliere budgettaire handelingen van het vooroorlogse bestuurscollege maakt onder toezicht van de nieuwe machthebber.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling Uilenburg 159.300
Aal en paling Waterlooplein 159.300
Aal en paling Waterlooplein 159.900
Aal en paling Waterlooplein **19.336**
Aal en paling Uilenburg 159.300
Aal en paling Uilenburg 19.336
Aal en paling Uilenburg 19.336
Aal en paling Waterlooplein 19.336
Aal en paling ........................ Uilenburg 218.275
Aal en paling ........................................ Uilenburg 19.336
Aal en paling ........................................ Uilenburg 159.300
Aal en paling ............................................................ Uilenburg 1.942
Aandeel huur hoofdkantoor Uilenburg
Aandeel huur hoofdkantoor Uilenburg 185,66 (a)
Aankoop kisten Uilenburg
Aankoop kisten Uilenburg
Aantal vaartuigen Uilenburg 73
Aantal vaartuigen Uilenburg 73
Aantal vaartuigen Waterlooplein 73
Aantal vaartuigen Waterlooplein 73
Aantal vaartuigen .................... Uilenburg 103
Afschrijving dubieuze debiteuren Uilenburg
Afschrijving dubieuze debiteuren ............... Uilenburg
Afschrijving dubieuze debiteuren .......................................... Uilenburg
Afschrijving Dubieuze Debiteuren Uilenburg
Afschrijving overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Uilenburg
Afschrijving, overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Uilenburg
Afschrijving, overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Uilenburg
A. Geboorte Uilenburg
A. Geboorte Uilenburg 88
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3