Ambtelijke brief / Beantwoording begrotingsverslag
Origineel
Ambtelijke brief / Beantwoording begrotingsverslag 10 december 1940 Vermoedelijk een afdelingshoofd van de gemeente (handtekeningen bovenaan: M. de Haas, A. Müller). Handgeschreven notitie: "Verzonden 10/12". (Handgeschreven, rechtsboven:)
M. de Haas
A. Müller
(Handgeschreven, middenboven:)
Verzonden 10/12
(Getypt:)
4/12/2 M / D/G.
10 December 1940.
Beantwoording Algemeen
Verslag Gemeentebegrooting
1941.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat het Algemeen Verslag van het onderzoek der Gemeentebegrooting voor 1941 in de Afdeelingen van den Gemeenteraad naar mijn meening, voor zoo ver het op mijn dienst betrekking heeft, als volgt kan worden beantwoord.
Marktwezen:
Burgemeester en Wethouders kunnen in het algemeen de meening niet onderschrijven, dat de straathandel in bloemen zich sterk concentreert op die plaatsen, waar bloemenwinkels gevestigd zijn. Slechts op enkele punten in de stad kan van een dergelijke concentratie worden gesproken, doch de contrôleerende ambtenaren van Politie en Marktwezen hebben opdracht om hiertegen aan de hand van de bepalingen der Ventverordening op te treden.
Ten aanzien van de vraag om de straathandel te binden aan vaste standplaatsen en markten, meenen Burgemeester en Wethouders, dat voor een dergelijke verstrekkende maatregel, die het venten met bloemen geheel onmogelijk zou maken, op dit oogenblik geen voldoende aanleiding bestaat. Overigens wordt er op gewezen, dat er in verband met de huidige tijdsomstandigheden slechts zeer weinig venters op straat zijn.
De grootte der plaatsen is voor wat de standplaatsen buiten de markten betreft, geregeld in de standplaatsvergunningen en voor wat de plaatsen op de markten betreft, geregeld in het Reglement op de Markten. Door het contrôleerende personeel van Politie en Marktwezen wordt er voortdurend er op toegezien, dat standplaatshouders deze bepalingen niet overtreden.
Burgemeester en Wethouders achten het bestaande toezicht op de hygiëne op de markten, in het bijzonder op vleeschwaren, voor verbetering vatbaar. Het bedoelde toezicht is echter bij de Wet geregeld. Burgemeester en Wethouders hebben zich destijds terzake reeds gewend tot den Minis- [einde pagina] * Kernboodschap: De brief bevat de reactie van het dagelijks bestuur (B&W) op kritiek of vragen vanuit de gemeenteraad over het marktbeleid voor het jaar 1941.
* Belangrijkste punten:
1. Concurrentie: De bewering dat bloemenventers bewust vlakbij winkels gaan staan om concurrentie te voeren, wordt door B&W grotendeels ontkend. Bestaande overlast wordt via de 'Ventverordening' aangepakt.
2. Beperking straathandel: Een voorstel om al het venten te verbieden en straatverkopers naar vaste markten te dwingen, wordt afgewezen omdat dit de specifieke aard van het 'venten' (rondreizende verkoop) zou vernietigen.
3. Handhaving: Er wordt benadrukt dat de politie en de dienst Marktwezen streng toezien op de afmetingen van standplaatsen.
4. Hygiëne: De gemeente erkent dat de controle op vleeswaren op markten beter kan, maar wijst op wettelijke beperkingen (waarschijnlijk rijksregelgeving) die hen belemmeren zelfstandig in te grijpen. * Tijdsgewricht: Het document dateert van december 1940, enkele maanden na de start van de Duitse bezetting van Nederland.
* Oorlogsinvloed: De tekst verwijst expliciet naar de "huidige tijdsomstandigheden" om te verklaren waarom er zo weinig straatverkopers zijn. Dit duidt op de beginnende schaarste, distributiemaatregelen en de economische ontwrichting door de oorlog, waardoor handelsproducten (zoals bloemen of voedsel) minder beschikbaar waren voor de vrije straatverkoop.
* Bestuurlijke continuïteit: Ondanks de bezetting ging de reguliere gemeentelijke begrotingscyclus en de ambtelijke correspondentie tussen diensten en het college van B&W in deze fase nog grotendeels op de vooroorlogse wijze door.
* Terminologie: Termen als 'venten' en 'vleeschwaren' (oude spelling) zijn typerend voor de formele ambtelijke taal van die tijd. De afkorting 'Alhier' werd standaard gebruikt voor correspondentie binnen dezelfde gemeente.