Getypt verslagblad (vermoedelijk onderdeel van een gemeentelijk jaarverslag).
Origineel
Getypt verslagblad (vermoedelijk onderdeel van een gemeentelijk jaarverslag). -8-
Van deze vergunningen waren aan het einde van het jaar 74 voor een gedeelte van het jaar verleend.
Voor het uitstallen van kerstboomen en hulst werden 195 (v.j.192) tydelyke vergunningen uitgereikt.
De opbrengst der standplaatsgelden bedroeg: f 21.471,67 (v.j. f 13.928,92). Hierin is begrepen een bedrag van f 7.843,15 wegens het zoogenaamde kramengeld, welke belasting op 1 December 1938 werd ingevoerd.
V. Ventverordening.
Op 1 Januari waren door Burgemeester en Wethouders verleend: 3600 vent- en opkoopersvergunningen; op 31 December bedroeg dit aantal: 3408.
De opbrengst der ventgelden bedroeg f 14.403,40 (v.j. f 26.164,-).
De aantallen ventvergunningen der diverse groepen van artikelen by het begin en aan het einde van het verslagjaar waren: groenten, fruit en aardappelen 702-750; bloemen en planten 644-581; brandstoffen (w.o. petroleum) 204-166; geringe eetwaren en consumptieys 347-419; visch en zuurwaren 720-637; boter, kaas en eieren 139-125; diversen en manufacturen 362-289.
De aantallen opkoopersvergunningen by het begin en aan het einde van het verslagjaar bedroegen resp. 482 en 441.
De Directeur van het Marktwezen. * Taalgebruik: Het document hanteert de toen geldende spelling (bijv. "zoogenaamde", "visch", "kerstboomen"). Opvallend is het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' in woorden als "tydelyke", "by" en "consumptieys", wat vaker voorkwam op oudere schrijfmachines.
* Financiële gegevens: Er is een significante stijging te zien in de standplaatsgelden, grotendeels verklaarbaar door de invoering van het 'kramengeld' eind 1938. Daarentegen is de opbrengst van de ventgelden (huis-aan-huisverkoop) bijna gehalveerd ten opzichte van het voorgaande jaar.
* Sectoren: De grootste groepen straatverkopers bevonden zich in de sectoren groenten/fruit en vis/zuurwaren. Er is een lichte daling zichtbaar in het totaal aantal vergunningen gedurende het jaar (van 3600 naar 3408). Dit document biedt inzicht in de economische ordening van de ambulante handel (markten en straatverkoop) in een Nederlandse gemeente aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Het 'Marktwezen' was de gemeentelijke instantie die toezag op de openbare markten en de naleving van de Ventverordening. De regulering van de handel via vergunningen diende zowel voor de openbare orde als voor het spekken van de gemeentekas. De daling in ventgelden zou kunnen wijzen op strengere regulering of een verschuiving in het koopgedrag van de consument kort voor de oorlogsjaren.