Financieel jaaroverzicht (overzicht van geraamde versus werkelijke inkomsten).
Origineel
Financieel jaaroverzicht (overzicht van geraamde versus werkelijke inkomsten). Betreft het jaar 1939. Rekening van ontvangsten van den Dienst van het Marktwezen over het jaar 1939.
Geraamd Ontvangen
Volgno.87 Markt-, standplaats- en ventgelden.
Dagmarkten f 90.000,-- f 89.628,85
Weekmarkten " 12.000,-- " 12.815,95
Brandstoffenmarkten " 21.500,-- " 20.941,64
Boom- en Bloemmarkt " 2.000,-- " 1.628,02
Standplaatsvergunningen " 23.000,-- " 21.471,67
Ventgelden " 16.000,-- " 14.403,40
Automarkt " 1.500,-- " 1.543,20
________
f 166.000,-- f 162.432,73
Volgno.87 Overige ontvangsten
Diversen f 50,-- f 1.292,53
________
f 50,-- f 1.292,53
Volgno.23 Verhaal van pensioenbijdragen f 5.685,-- f 5.208,67
________
Totaal ontvangsten f 171.735,-- f 168.933,93
========================== Dit document biedt een gedetailleerd overzicht van de inkomstenbronnen van een gemeentelijke 'Dienst van het Marktwezen'. De cijfers laten zien dat de grootste inkomstenbron de 'Dagmarkten' waren, gevolgd door 'Standplaatsvergunningen' en 'Brandstoffenmarkten'.
Opvallend is dat de werkelijke inkomsten (f 168.933,93) zeer dicht bij de raming (f 171.735,--) lagen, met een afwijking van minder dan 2%. Er is echter een enorme procentuele overschrijding bij de post 'Diversen' (geraamd 50 gulden, ontvangen ruim 1.292 gulden), wat kan duiden op een onvoorziene eenmalige bate. De inkomsten uit de 'Automarkt' en 'Weekmarkten' vielen eveneens hoger uit dan verwacht. Het document stamt uit 1939, het jaar direct voorafgaand aan de Duitse inval in Nederland. Het geeft een tijdsbeeld van de economische bedrijvigheid in de publieke ruimte. Markten waren destijds essentieel voor de distributie van goederen zoals brandstoffen (kolen/hout), planten en algemene dagelijkse benodigdheden. Het feit dat er een aparte post is voor de 'Automarkt' (met een relatief kleine opbrengst) illustreert de opkomst van de automobiel in die periode. 'Ventgelden' verwijst naar de leges die straatverkopers (venters) moesten betalen om hun waren buiten de vaste marktplaatsen om te mogen verkopen. Marktwezen
Samenvatting
Dit document biedt een gedetailleerd overzicht van de inkomstenbronnen van een gemeentelijke 'Dienst van het Marktwezen'. De cijfers laten zien dat de grootste inkomstenbron de 'Dagmarkten' waren, gevolgd door 'Standplaatsvergunningen' en 'Brandstoffenmarkten'.
Opvallend is dat de werkelijke inkomsten (f 168.933,93) zeer dicht bij de raming (f 171.735,--) lagen, met een afwijking van minder dan 2%. Er is echter een enorme procentuele overschrijding bij de post 'Diversen' (geraamd 50 gulden, ontvangen ruim 1.292 gulden), wat kan duiden op een onvoorziene eenmalige bate. De inkomsten uit de 'Automarkt' en 'Weekmarkten' vielen eveneens hoger uit dan verwacht.
Historische Context
Het document stamt uit 1939, het jaar direct voorafgaand aan de Duitse inval in Nederland. Het geeft een tijdsbeeld van de economische bedrijvigheid in de publieke ruimte. Markten waren destijds essentieel voor de distributie van goederen zoals brandstoffen (kolen/hout), planten en algemene dagelijkse benodigdheden. Het feit dat er een aparte post is voor de 'Automarkt' (met een relatief kleine opbrengst) illustreert de opkomst van de automobiel in die periode. 'Ventgelden' verwijst naar de leges die straatverkopers (venters) moesten betalen om hun waren buiten de vaste marktplaatsen om te mogen verkopen.