Archief 745
Inventaris 745-315
Pagina 274
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

16 maart 1940 (afgeleid van het stempel/kenmerk "16/3 1940"). Van: De echtgenote van Jan Reijne (naam niet vermeld op deze zijde). Aan: Onbekend, geadresseerd als "Mijnheer" (vermoedelijk de marktmeester of een gemeentelijke instantie in Amsterdam).

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift). 16 maart 1940 (afgeleid van het stempel/kenmerk "16/3 1940"). De echtgenote van Jan Reijne (naam niet vermeld op deze zijde). Onbekend, geadresseerd als "Mijnheer" (vermoedelijk de marktmeester of een gemeentelijke instantie in Amsterdam). № 25/49/1 M. 1940 $^{16}/_3$
zie map [?]

Mijnheer.

Redenen van interne
aangelegenheden verhinderen Piet Reijne
de broer van mijn man Jan Reijne die
een vaste standplaats heeft op de
markt Albert Cuypstraat № 163 in
Wild en gevogelte zich den geheele dag bij
die stand op te houden. Waar z'n assistent
Geert Bos wel de gelegenheid heeft die
zaak waar te nemen verzoek ik U vriendelijk
als nog mij toestemming te verleenen
dat voornoemde Geert Bos die stand voor
mij mag waarnemen. Daar het ~~van~~
in stand houden van die plaats voor mijn
man die gemobiliseerd is; van intensief
belang is Zou ik het zeer op prijs stellen In deze brief verzoekt de echtgenote van een markthandelaar om toestemming voor een vervanger. De kernpunten zijn:

  • De Standplaats: Het betreft standplaats No. 163 op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam, met als handel "Wild en gevogelte".
  • De Situatie: De eigenlijke vergunninghouder, Jan Reijne, kan de kraam niet bemannen omdat hij is gemobiliseerd. In eerste instantie zou zijn broer, Piet Reijne, de honneurs waarnemen, maar "interne aangelegenheden" maken dit onmogelijk voor de gehele dag.
  • Het Verzoek: De schrijfster vraagt of de assistent, Geert Bos, de officiële toestemming kan krijgen om de zaak waar te nemen.
  • Motivatie: Ze benadrukt dat het behoud van de standplaats van "intensief belang" is voor haar man terwijl hij in militaire dienst is. Het inkomen en de toekomst van de zaak staan op het spel. Dit document stamt uit een kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis: maart 1940. Nederland was sinds augustus 1939 in staat van mobilisatie, hoewel het land op dat moment nog neutraal was en nog niet direct betrokken bij de Tweede Wereldoorlog (de Duitse inval volgde op 10 mei 1940).

De brief illustreert de sociaal-economische impact van de mobilisatie op het dagelijks leven. Veel kleine zelfstandigen en ambachtslieden werden opgeroepen voor het leger, waardoor hun bedrijven en gezinnen in financiële onzekerheid kwamen. Omdat marktkramen aan strikte persoonlijke vergunningen gebonden waren, was officiële toestemming van de gemeente noodzakelijk om iemand anders de kraam te laten exploiteren. De Albert Cuypmarkt was destijds al een van de belangrijkste markten van Amsterdam, waar het behoud van een vaste standplaats essentieel was voor het levensonderhoud van een gezin.

Samenvatting

In deze brief verzoekt de echtgenote van een markthandelaar om toestemming voor een vervanger. De kernpunten zijn:

  • De Standplaats: Het betreft standplaats No. 163 op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam, met als handel "Wild en gevogelte".
  • De Situatie: De eigenlijke vergunninghouder, Jan Reijne, kan de kraam niet bemannen omdat hij is gemobiliseerd. In eerste instantie zou zijn broer, Piet Reijne, de honneurs waarnemen, maar "interne aangelegenheden" maken dit onmogelijk voor de gehele dag.
  • Het Verzoek: De schrijfster vraagt of de assistent, Geert Bos, de officiële toestemming kan krijgen om de zaak waar te nemen.
  • Motivatie: Ze benadrukt dat het behoud van de standplaats van "intensief belang" is voor haar man terwijl hij in militaire dienst is. Het inkomen en de toekomst van de zaak staan op het spel.

Historische Context

Dit document stamt uit een kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis: maart 1940. Nederland was sinds augustus 1939 in staat van mobilisatie, hoewel het land op dat moment nog neutraal was en nog niet direct betrokken bij de Tweede Wereldoorlog (de Duitse inval volgde op 10 mei 1940).

De brief illustreert de sociaal-economische impact van de mobilisatie op het dagelijks leven. Veel kleine zelfstandigen en ambachtslieden werden opgeroepen voor het leger, waardoor hun bedrijven en gezinnen in financiële onzekerheid kwamen. Omdat marktkramen aan strikte persoonlijke vergunningen gebonden waren, was officiële toestemming van de gemeente noodzakelijk om iemand anders de kraam te laten exploiteren. De Albert Cuypmarkt was destijds al een van de belangrijkste markten van Amsterdam, waar het behoud van een vaste standplaats essentieel was voor het levensonderhoud van een gezin.

Locaties

Amsterdam (Albert Cuypstraat).

Gerelateerde Documenten 4