Ambtelijk advies/correspondentie.
Origineel
Ambtelijk advies/correspondentie. 14 november 1940. Onleesbare handtekening (mogelijk een functionaris van de marktpolitie of sociale dienst). Advies op No. 25/221/1 M.W.
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.
Naar aanleiding van bijgaand verzoek van
B. Schelvis, pl. 32 AC., betreffende assistentie door
Mej. U.P. Wiechart-Crapels, geb. 11 Juni '18, bericht
ik U, dat nu tegen inwilliging van het verzoek
geen bezwaar bestaat.
Voorzoover dezerzijds nagegaan betreft het een
gewoon bijstandgeval.
Amsterdam, 14 Nov. '40.
[Handtekening] * Onderwerp: Het document betreft een formeel advies over het verlenen van toestemming voor assistentie op een marktplaats.
* Personen:
* B. Schelvis: De vergunninghouder van standplaats 32, sectie AC. De achternaam Schelvis is veelvoorkomend binnen de Joodse gemeenschap in Amsterdam, wat relevant is gezien de datum.
* Mej. U.P. Wiechart-Crapels: De beoogde assistente, geboren op 11 juni 1918.
* Kernboodschap: De controlerende instantie heeft het verzoek getoetst en concludeert dat het een "gewoon bijstandgeval" is, wat betekent dat er geen bijzondere omstandigheden of bezwaren zijn om de assistentie te weigeren. Dit document stamt uit november 1940, de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland. In Amsterdam was het Marktwezen een streng gereguleerde sector. Vergunninghouders hadden expliciete toestemming nodig om zich te laten bijstaan door derden.
Hoewel het document op het eerste gezicht puur administratief lijkt, is de timing historisch beladen. In november 1940 begonnen de eerste anti-Joodse maatregelen in de bureaucratie door te dringen (zoals de ariërverklaring voor ambtenaren). Voor marktkooplieden, van wie een groot deel Joods was (zeker op locaties als het Waterlooplein of de markt in de Transvaalbuurt), werden de regels in de loop van 1941 steeds restrictiever, wat uiteindelijk leidde tot de verbanning van Joden van de reguliere markten. Dit specifieke document laat zien dat de reguliere ambtelijke molen op dat moment nog 'normaal' functioneerde voor wat werd bestempeld als een "gewoon bijstandgeval". * B. Schelvis: De vergunninghouder van standplaats 32 sectie AC. De achternaam Schelvis is veelvoorkomend binnen de Joodse gemeenschap in Amsterdam wat relevant is gezien de datum.