Administratieve kaart/dossierstuk (Algemene Zaken Model No. 14).
Origineel
Administratieve kaart/dossierstuk (Algemene Zaken Model No. 14). [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/224/1 1940
DOORGEZONDEN: 8/11
[Rechtsboven]
957
[Hoofdtekst handgeschreven]
G. A. Mol pl. 303 Alb. Cuypstraat
25/131/2 res 19/7 Assistentie aan zoon
G. A. Mol geb. 24-3-21 toegestaan.
[Linkermidden, verticaal/schuin genoteerd]
Is in steun.
Zal later zoo nodig
opnieuw schrijven
Afgedaan.
18-12-'40
de Haan
[Midden, diagonaal]
proefle[?]
15-12-'40
de Haan
[Rechts, diagonaal]
Th. v. Maerkerken
advies
13-11-40
de Haan
[Rechterzijde tekstblok]
p 10/12 '40 -
Mol heeft sinds 21/11-40 geen
plaats meer en is thans in steun.
Rap. aanhouden tot Mol wederom
wasplaats komt innemen.
10/12-40 [Paraaf]
[Linksonder, aantekeningen]
opb. ord 23/12 '40
[Paraaf] 27/12
[Voorgedrukte voetnoot]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een administratieve fiche van een gemeentelijke instelling (waarschijnlijk de Dienst der Publieke Werken of Sociale Zaken). De kern van de zaak betreft een verzoek om "assistentie" (financiële hulp of werkverschaffing) voor de zoon van de heer G.A. Mol, die woonachtig is aan de Albert Cuypstraat 303.
Belangrijke punten in de correspondentie:
* Toewijzing: De assistentie voor de zoon (geboren in 1921) is initieel toegestaan.
* Status wijziging: Er wordt opgemerkt dat Mol sinds 21 november 1940 "geen plaats meer" heeft (werkloos is geworden) en "in steun" is (een uitkering ontvangt).
* Wasplaats: De notitie "tot Mol wederom wasplaats komt innemen" is opmerkelijk. Dit duidt waarschijnlijk op een specifieke werkplek of standplaats (mogelijk gerelateerd aan de markt op de Albert Cuypstraat of een gemeentelijke wasinrichting).
* Afhandeling: Het dossier wordt op 18 december 1940 door ambtenaar De Haan gemarkeerd als "Afgedaan", met een laatste administratieve verwerking op 27 december. Dit document stamt uit de eerste winter van de Duitse bezetting van Nederland (1940). De term "steun" verwijst naar het toenmalige stelsel van de werkloosheidszorg, waarbij werklozen onder streng toezicht een minimale uitkering kregen. De Albert Cuypstraat was destijds (en is nog steeds) een centrale marktlocatie; "wasplaats" zou hier kunnen verwijzen naar een plek waar marktkramen of materialen werden schoongemaakt, een faciliteit die door de gemeente werd beheerd en waar werklozen tewerkgesteld konden worden. De gedetailleerde dossiervorming illustreert de bureaucratische controle op burgers die afhankelijk waren van overheidssteun in deze periode. A. Mol G.A. Mol M. No Publieke Werken