Archief 745
Inventaris 745-318
Pagina 100
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtelijk advies/brief.

Origineel

Ambtelijk advies/brief. Advies op No. 25/279/1/12/30.

Den Heer Inspecteur
th Marktwezen
Alhier.

In verband met bijgaand verzoek van Ph. Arons,
pl 305 AC, betreffende uitstel van plaatsbezetten, diene
het volgende:
De heer Arons heeft op 22 Juli l.l. een vaste plaats
toegewezen gekregen op de de markt, waarvan hij
tot heden (d.i. een tijdvak van 17 weken) slechts zeven
malen gebruik heeft gemaakt, nl. 2 weken voldoende
en 2 weken één maal per week.
M.i. is thans voldoende consideratie met belang-
hebbende gebruikt en dient het verzoek te worden
afgewezen.

Amsterdam, 18 Nov.’30.
[Handtekening/Signatuur] Dit document is een intern ambtelijk advies gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. De auteur van het advies (waarschijnlijk een marktmeester of controleur) reageert op een verzoek van een zekere heer Ph. Arons (identificatie "pl 305 AC").

De heer Arons heeft verzocht om uitstel voor het daadwerkelijk gaan bezetten van zijn toegewezen marktplaats. Uit de controlecijfers blijkt echter dat Arons, sinds hij op 22 juli 1930 een vaste plek kreeg, in een periode van 17 weken slechts zeven keer aanwezig is geweest. In die periode kwam hij slechts twee weken volledig opdagen, en twee weken maar één keer. De ambtenaar concludeert dat er al genoeg geduld ("consideratie") is getoond en adviseert het verzoek om uitstel af te wijzen. Het document dateert uit 1930, de vroege jaren van de Grote Depressie. In Amsterdam was het Marktwezen een strak gereguleerde tak van de gemeentelijke overheid. Vaste staanplaatsen op markten (zoals de Albert Cuypmarkt of de Dappermarkt) waren zeer gewild en schaars.

De gemeente hanteerde strenge regels: wie een vaste plek had maar deze niet benutte, hield een plek bezet die ook door een andere (vaak werkloze) Amsterdammer gebruikt kon worden voor broodwinning. De termen "pl 305 AC" zouden kunnen verwijzen naar een specifiek marktregister of een specifieke marktlocatie. Dit document illustreert de bureaucratische controle op de handel en wandel van kleine ondernemers in het Amsterdam van het interbellum.

Samenvatting

Dit document is een intern ambtelijk advies gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. De auteur van het advies (waarschijnlijk een marktmeester of controleur) reageert op een verzoek van een zekere heer Ph. Arons (identificatie "pl 305 AC").

De heer Arons heeft verzocht om uitstel voor het daadwerkelijk gaan bezetten van zijn toegewezen marktplaats. Uit de controlecijfers blijkt echter dat Arons, sinds hij op 22 juli 1930 een vaste plek kreeg, in een periode van 17 weken slechts zeven keer aanwezig is geweest. In die periode kwam hij slechts twee weken volledig opdagen, en twee weken maar één keer. De ambtenaar concludeert dat er al genoeg geduld ("consideratie") is getoond en adviseert het verzoek om uitstel af te wijzen.

Historische Context

Het document dateert uit 1930, de vroege jaren van de Grote Depressie. In Amsterdam was het Marktwezen een strak gereguleerde tak van de gemeentelijke overheid. Vaste staanplaatsen op markten (zoals de Albert Cuypmarkt of de Dappermarkt) waren zeer gewild en schaars.

De gemeente hanteerde strenge regels: wie een vaste plek had maar deze niet benutte, hield een plek bezet die ook door een andere (vaak werkloze) Amsterdammer gebruikt kon worden voor broodwinning. De termen "pl 305 AC" zouden kunnen verwijzen naar een specifiek marktregister of een specifieke marktlocatie. Dit document illustreert de bureaucratische controle op de handel en wandel van kleine ondernemers in het Amsterdam van het interbellum.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 3